Kwantificatie van ruimte problemen
o Ruimte analyseren uit oogpunt van totale hoeveelheid ruimte.
o Verkleining van protrusie zorgt voor verkleining van totale ruimte.
o Van klasse II-2 naar een stand waar de frontelementen in de boog staan zorgt
voor ruimte vergroting.
o Verticale dimensie meestal contra-indicatie om groter te maken bij beperkte
overbeet.
Kantelen van tanden naar faciaal zorgt ook voor verticale verplaatsing
gevolg: anterior openbeet.
o Kind met diepe openbeet en duidelijke curve van Spee verhogen van boog
zorgt voor meer protrusie.
Analyse van crowding
o Ruimte analyse met modellen.
o Berekenen van waarschijnlijke crowding bij gemengde dentitie.
Principes van ruimte analyse
o Vergelijking tussen hoeveelheid beschikbare ruimte voor oplijning tanden (breedte alle
elementen) + hoeveelheid ruimte dat nodig is om tanden op te lijnen in een boog (ruimte
boog). Fig. 11.48.
D.m.v. model of computer.
o Ruimte analyse
1. Meten van beschikbare ruimte.
Mesiaal M1 over contactpunten naar achterste tanden.
Incisale randen anterieure elementen.
Methoden
o 1. Boog in segmenten opdelen en meten. Fig. 11.49.
Methode met hogere betrouwbaarheid.
o 2. Maken van een lijn op een computer en daarna lijn recht
maken en meten.
2. Meten van hoeveelheid ruimte dat nodig is voor oplijning van tanden.
1. Meten van mesio-distale breedte van geerupteerde elementen van
contactpunt naar contactpunt.
2. Schatten van grootte van niet geerupteerde permanente tanden.
3. Som van breedtes van individuele tanden optellen. Fig. 11.49b.
Crowding: som van breedtes van permanente tanden > beschikbare ruimte.
Spacing: som van breedtes van permanente tanden < beschikbare ruimte.
o Voorwaardes
1. Incisieven staan labiaal-linguaal recht. Geen heftige protrusie of retrusie.
Protrusie komt vaak voor.
Retrusie niet.
Bij te weinig ruimte voor goede oplijning kan crowding, protrusie of combinatie (meest waarschijnlijk)
ontstaan.
Belangrijke informatie voor tandarts: door cefalometrische analyse.
2. Ruimte verandert niet door groei en neiging uitgroei elementen op elkaar te raken.
Valide voor meeste maar niet alle kinderen.
Bij kinderen met kaak discrepantie schuiven de tanden vaak naar anterior of posterior.
o Ruimte analyse is lastiger en minder handig.
o Bij klasse II, klasse III, lang gezicht, kort gezicht.
3. Alle tanden aanwezig en normale grootte.
Radiografie nodig.
Kijken naar tanden als set i.p.v. individueel.
Schatten van grootte van niet geerupteerde permanente tanden
o 1. Meten van tanden op radiografie: individuele peri-apicale foto’s.
Compenseren van grootte door bv. blijvende molaar te meten en vergelijken met die op foto.
Accuraatheid: gemiddeld-goed.
Kan bij iedereen gebruikt worden maar
hoeveelheid straling is nadeel.
o 2. Schatten van proporties met tabellen.
Goede correlatie tussen grootte tanden van
geërupteerde permanente incisieven en niet
geërupteerde hoektanden en premolaren.
Moyers analyse:
Mesio-distale breedte van
onderincisieven meten om grootte van
niet-geërupteerde onder en boven
hoektanden en premolaren te schatten.
In OK want in BK veel variatie in breedte
laterale incisieven.
Tanaka and johnston prediciton values: