6.1 handel in effecten
Aankopen en verkopen van aandelen en obligaties gaan via de effectenbeurs.
Effecten: waardenpapieren die kunnen worden gekocht of verkocht.(waardepapieren of vermogenstitels)
Als belegger effecten wil kopen of verkopen -> contact opnemen met vergunninghouder van AFM die de opdracht
uitvoert. Voor deze opdracht betaalt belegger provisie: kosten bij kopen of verkopen van aandelen. Transacties
en winstuitkeringen gaan via de bank.
Als een belegger effecten wil kopen of verkopen kan hij orders doorgeven. Meest voorkomende orders:
- Limietorder: belegger geeft bij bank een maximale koopprijs of minimale verkoopprijs. Dan weet hij dat
hij niet minder ontvangt en niet teveel betaalt. Als prijs niet binnen limiet is word de opdracht niet
uitgevoerd.
- Marketorder: order om effecten te kopen of verkopen zonder limiet. Opdracht word dus zeker
uitgevoerd, maar de prijs is niet zeker.
- Stop loss order: Aandeel wordt verkocht als de beurskoers onder een bepaalde waarde daalt. Zo
voorkomt de belegger een groot verlies bij bijvoorbeeld een grote daling. Index: gezamenlijke prestatie
van een verzameling aandelen fondsen
6.2 Aandelen
Aandelenkapitaal van een onderneming is permanent vermogen. In tegenstelling tot vreemd vermogen zijn er
geen aflossingen. Emitteren: bv/nv die aandelen verkoopt. Aandelen: bewijs van deelname in het eigen
vermogen van een nv/bv. Aandelen van bv worden geregistreerd in het aandeelhoudersregister en aandelen van
nv worden elektronisch bewaard door een bank die is aangesloten ij het centrum van fondsenadministratie.
Nominale waarde: bedrag dat op het aandeel staat. Dat is meestal niet het bedrag dat je voor een aandeel moet
betalen. Koerswaarde: bedrag dat je voor het aandeel moet betalen.
Wanneer een nv het aandelenkapitaal wilt uitbreiden, besluit ze tot een emissie van aandelen.
Emissiekoers: een vaste prijs waartegen de belegger deze nieuwe aandelen kunnen kopen.
Beleggen in aandelen is veel risicovoller dan geld op een spaarrekening zetten, maar je hebt ook kans op een
grote winst. Daarom is het beter om niet te beleggen met geld dat je op korte termijn nodig hebt. Een belegger
kan op twee manieren aandelen verdienen:
- Winstuitkeringen: dividend: winst dat aandeelhouders ontvangen. (nv berekenen dividend soms als
percentage van nominale waarde)
- Koerswinst: koersstijging kan ontstaan door een goeie prestatie van de onderneming of positief
beurssentiment (goede toekomstverwachtingen van onderneming). Maar de beurskoers kan ook dalen
door een negatief sentiment.
Nationale en interationale ontwikkelingen kunnen ook effect op de beurskoers hebben. Economische
ontwikkelingen: ontwikkelingen en gerucht die effect hebben op de koers van aandelen. Bij een goede
verwachting stijgt de vraag en daalt het aaanbod. En bij een slechte verwachting daalt de vraag en stijgt het
aanbod.
6.3 obligaties en beleggingsfondsen