Samenvatting Staats- en bestuursrecht
Hoofdstuk 1
1.1
Staatsrecht = regelt de organisatie van de Nederlandse staat. Een groot deel staat in de Grondwet.
Parlement = De Eerste en Tweede Kamer samen, ook wel Staten-Generaal genoemd.
De leden van de Eerste Kamer kies je niet rechtstreeks, maar via ‘getrapte verkiezingen’. Dit betekent
dat je eerst de leden van de Provinciale Staten kiest en dat zij daarna de leden kiezen van de Eerste
Kamer.
Rechten van Eerste en Tweede Kamer:
Budgetrecht (ze mogen de inkomsten en uitgaven van de regering beoordelen)
Het goedkeuren of afwijzen van wetsvoorstellen
Rechten van Tweede Kamer:
Initiatiefrecht (wetsvoorstellen indienen)
Recht van amendement (wetsvoorstellen wijzigen)
Tweede Kamer – 150 zetels
Eerste Kamer – 75 zetels
Regering = het dagelijks bestuur van de landelijke overheid
De regering bestaat uit de Koning en alle ministers
- Iedere minister uit de regering geeft leiding aan een ministerie
- Binnen die ministeries werken ambtenaren die het overheidsbeleid op dat werkterrein
voorbereiden en uitvoeren
Overheidsinstanties:
UWV
Belastingdienst
Sociale Verzekeringsbank
Politie
Bestuursrecht = regelt waaraan de overheid zich moet houden bij het nemen van besluiten,
bijvoorbeeld over subsidies of vergunningen.
1.2
Trias politica = de scheiding van de drie machten
1. Wetgevende macht (Parlement en regering)
a. Het maken van wetten
b. Regering doet voorstel, Tweede Kamer beoordeelt het voorstel, Eerste Kamer beslist
over het voorstel
2. Uitvoerende macht (Koning en ministers
a. Houdt zich bezig met de uitvoering van de wetten die de wetgevende macht heeft
vastgesteld.
b. Mag alleen zaken uitvoeren die in de wet staan (legaliteitsbeginsel)
, c. Legaliteitsbeginsel = alles wat de overheid doet, moet op een wet gebaseerd zijn
3. Rechterlijke macht (onafhankelijke rechters)
a. Rechtspreken
b. Rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad behoren tot de rechterlijke macht
1.3
Drie bestuurslagen:
Landelijke overheid
o Nederland is een gedecentraliseerde eenheidsstaat = de centrale overheid heeft
taken en bevoegdheden overgeheveld naar lagere overheden.
o Medebewind = wettelijke verplichting van provincies en gemeenten om mee te
werken aan de uitvoering van het beleid van de landelijke overheid
Provincies
o Binnen de provincies worden verkiezingen gehouden voor de leden van de
Provinciale Staten = de gekozen volksvertegenwoordiging binnen de provincie.
o De leden van de Provinciale Staten kiezen een dagelijks bestuur: de Gedeputeerde
Staten = dagelijks bestuur van de provincie
o De Koning en de ministers gezamenlijk kiezen een commissaris van de Koning = de
voorzitter van zowel de Provinciale Staten als de Gedeputeerde Staten
Gemeenten
o Binnen iedere gemeente zijn er drie bestuursorganen:
Gemeenteraad = gekozen volksvertegenwoordiging binnen de gemeente
(benoemt de wethouders)
College van burgemeester en wethouders = dagelijks bestuur van een
gemeente (voert de besluiten van de gemeenteraad uit)
Burgemeester
Apv = algemene plaatselijke verordening. In deze wet staan de regels die in de gemeente gelden over
alles wat te maken heeft met openbare orde en veiligheid.
1.4
Verzorgingsstaat = sociaal systeem waarin de staat als eerste verantwoordelijkheid draagt voor het
welzijn van de burgers, bijv. gezondheidszorg, onderwijs, werkgelegenheid en sociale zekerheid.
Zelfstandige bestuursorganen = instanties die niet ondergeschikt zijn aan een minister
Niet zelfstandige bestuursorganen = overheidsinstanties die verantwoording afleggen aan het
ministerie
UWV = uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
o Zelfstandig bestuursorgaan
o Uitvoering van verschillende werknemersverzekeringen:
Werkloosheidswet (WW) : beschermt je tegen verlies van inkomen doordat
je je baan kwijtraakt
Ziektewet (ZW) : beschermt je tegen verlies van inkomen door ziekte
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) : beschermt je tegen
verlies van inkomen als je langer dan twee jaar ziek bent
Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) :
beschermt jongeren die door ziekte of handicap nooit meer kunnen werken
Wet inkomensvoorziening voor oudere werklozen (IOW) : beschermt oudere
werklozen tegen verlies van inkomen door werkloosheid na afloop van het
recht op WW
, Toeslagenwet (TW) : beschermt werknemers die met een
werknemersuitkering onder het sociaal minimum uitkomen
SVB = Sociale Verzekeringsbank
o Zelfstandig bestuursorgaan
o Voert verschillende volksverzekeringen uit:
Algemene Ouderdomswet (AOW) : belangrijkste volksverzekering. Beschermt
tegen het verlies van inkomen als je vanaf de pensioengerechtigde leeftijd
niet meer werkt. Ook als je niet gewerkt hebt, ben je verzekerd. Je bouwt je
AOW nl. niet op door te werken, maar door het aantal jaren dat je in
Nederland woont.
Algemene Kinderbijslagwet (AKW) : met deze wet ondersteunt de overheid
ouders en verzorgers bij de kosten voor het onderhoud van kinderen tot 18
jaar
Algemene Nabestaandenwet (Anw) : beschermt de partner of kinderen van
iemand die is overleden tegen verlies van inkomen. De wet regelt een
basisinkomen.
Dienst Toeslagen
o Dienst Toeslagen is een zelfstandig onderdeel binnen het Ministerie van Financiën
belast met de uitvoering van de toeslagen
o Er zijn vier toeslagen:
Zorgtoeslag : bijdrage in de kosten van de zorgverzekering
Huurtoeslag : bijdrage in de kosten van je woning
Kindgebonden budget (kgb) : extra bijdrage in de kosten van kinderen tot 18
jaar. Afhankelijk van het inkomen van de ouders.
Kinderopvangtoeslag : bijdrage in de kosten van de kinderopvang
DUO = Dienst Uitvoering Onderwijs
o Niet zelfstandig, valt onder Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
o Studiefinanciering: basisbeurs en studentenreisproduct
o Hoogte van basisbeurs is afhankelijk van woonsituatie (uitwonende of thuiswonende
beurs)
o Ouders niet voldoende inkomen om mee te betalen aan opleiding, dan recht op
aanvullende beurs
Gemeente
o Verantwoordelijk voor de uitvoering van een aantal wetten:
Participatiewet (PW) : doel mensen met een arbeidsbeperking aan het werk
te helpen.
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) : ondersteunt bij
zelfredzaamheid en participatie. Als daarin beperkingen zijn, voorziet de
Wmo in maatwerkvoorzieningen, zoals huishoudelijke hulp, traplift of
inloopdouche. Gemeente doet dit alleen als er geen andere hulp beschikbaar
is, zoals van een echtgenoot of kinderen.
Jeugdwet (Jw) : biedt ondersteuning aan jongeren tot 18 jaar, zodat ze veilig
en gezond kunnen opgroeien. Bijv. hulp bij opvoedproblemen, geestelijke
gezondheidszorg en zorg in kader van jeugdstrafrecht)
Woningbouwcorporaties
o Privaatrechtelijke organisaties met een wettelijke taak op het gebied van wonen
Hoofdstuk 1
1.1
Staatsrecht = regelt de organisatie van de Nederlandse staat. Een groot deel staat in de Grondwet.
Parlement = De Eerste en Tweede Kamer samen, ook wel Staten-Generaal genoemd.
De leden van de Eerste Kamer kies je niet rechtstreeks, maar via ‘getrapte verkiezingen’. Dit betekent
dat je eerst de leden van de Provinciale Staten kiest en dat zij daarna de leden kiezen van de Eerste
Kamer.
Rechten van Eerste en Tweede Kamer:
Budgetrecht (ze mogen de inkomsten en uitgaven van de regering beoordelen)
Het goedkeuren of afwijzen van wetsvoorstellen
Rechten van Tweede Kamer:
Initiatiefrecht (wetsvoorstellen indienen)
Recht van amendement (wetsvoorstellen wijzigen)
Tweede Kamer – 150 zetels
Eerste Kamer – 75 zetels
Regering = het dagelijks bestuur van de landelijke overheid
De regering bestaat uit de Koning en alle ministers
- Iedere minister uit de regering geeft leiding aan een ministerie
- Binnen die ministeries werken ambtenaren die het overheidsbeleid op dat werkterrein
voorbereiden en uitvoeren
Overheidsinstanties:
UWV
Belastingdienst
Sociale Verzekeringsbank
Politie
Bestuursrecht = regelt waaraan de overheid zich moet houden bij het nemen van besluiten,
bijvoorbeeld over subsidies of vergunningen.
1.2
Trias politica = de scheiding van de drie machten
1. Wetgevende macht (Parlement en regering)
a. Het maken van wetten
b. Regering doet voorstel, Tweede Kamer beoordeelt het voorstel, Eerste Kamer beslist
over het voorstel
2. Uitvoerende macht (Koning en ministers
a. Houdt zich bezig met de uitvoering van de wetten die de wetgevende macht heeft
vastgesteld.
b. Mag alleen zaken uitvoeren die in de wet staan (legaliteitsbeginsel)
, c. Legaliteitsbeginsel = alles wat de overheid doet, moet op een wet gebaseerd zijn
3. Rechterlijke macht (onafhankelijke rechters)
a. Rechtspreken
b. Rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad behoren tot de rechterlijke macht
1.3
Drie bestuurslagen:
Landelijke overheid
o Nederland is een gedecentraliseerde eenheidsstaat = de centrale overheid heeft
taken en bevoegdheden overgeheveld naar lagere overheden.
o Medebewind = wettelijke verplichting van provincies en gemeenten om mee te
werken aan de uitvoering van het beleid van de landelijke overheid
Provincies
o Binnen de provincies worden verkiezingen gehouden voor de leden van de
Provinciale Staten = de gekozen volksvertegenwoordiging binnen de provincie.
o De leden van de Provinciale Staten kiezen een dagelijks bestuur: de Gedeputeerde
Staten = dagelijks bestuur van de provincie
o De Koning en de ministers gezamenlijk kiezen een commissaris van de Koning = de
voorzitter van zowel de Provinciale Staten als de Gedeputeerde Staten
Gemeenten
o Binnen iedere gemeente zijn er drie bestuursorganen:
Gemeenteraad = gekozen volksvertegenwoordiging binnen de gemeente
(benoemt de wethouders)
College van burgemeester en wethouders = dagelijks bestuur van een
gemeente (voert de besluiten van de gemeenteraad uit)
Burgemeester
Apv = algemene plaatselijke verordening. In deze wet staan de regels die in de gemeente gelden over
alles wat te maken heeft met openbare orde en veiligheid.
1.4
Verzorgingsstaat = sociaal systeem waarin de staat als eerste verantwoordelijkheid draagt voor het
welzijn van de burgers, bijv. gezondheidszorg, onderwijs, werkgelegenheid en sociale zekerheid.
Zelfstandige bestuursorganen = instanties die niet ondergeschikt zijn aan een minister
Niet zelfstandige bestuursorganen = overheidsinstanties die verantwoording afleggen aan het
ministerie
UWV = uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
o Zelfstandig bestuursorgaan
o Uitvoering van verschillende werknemersverzekeringen:
Werkloosheidswet (WW) : beschermt je tegen verlies van inkomen doordat
je je baan kwijtraakt
Ziektewet (ZW) : beschermt je tegen verlies van inkomen door ziekte
Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) : beschermt je tegen
verlies van inkomen als je langer dan twee jaar ziek bent
Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) :
beschermt jongeren die door ziekte of handicap nooit meer kunnen werken
Wet inkomensvoorziening voor oudere werklozen (IOW) : beschermt oudere
werklozen tegen verlies van inkomen door werkloosheid na afloop van het
recht op WW
, Toeslagenwet (TW) : beschermt werknemers die met een
werknemersuitkering onder het sociaal minimum uitkomen
SVB = Sociale Verzekeringsbank
o Zelfstandig bestuursorgaan
o Voert verschillende volksverzekeringen uit:
Algemene Ouderdomswet (AOW) : belangrijkste volksverzekering. Beschermt
tegen het verlies van inkomen als je vanaf de pensioengerechtigde leeftijd
niet meer werkt. Ook als je niet gewerkt hebt, ben je verzekerd. Je bouwt je
AOW nl. niet op door te werken, maar door het aantal jaren dat je in
Nederland woont.
Algemene Kinderbijslagwet (AKW) : met deze wet ondersteunt de overheid
ouders en verzorgers bij de kosten voor het onderhoud van kinderen tot 18
jaar
Algemene Nabestaandenwet (Anw) : beschermt de partner of kinderen van
iemand die is overleden tegen verlies van inkomen. De wet regelt een
basisinkomen.
Dienst Toeslagen
o Dienst Toeslagen is een zelfstandig onderdeel binnen het Ministerie van Financiën
belast met de uitvoering van de toeslagen
o Er zijn vier toeslagen:
Zorgtoeslag : bijdrage in de kosten van de zorgverzekering
Huurtoeslag : bijdrage in de kosten van je woning
Kindgebonden budget (kgb) : extra bijdrage in de kosten van kinderen tot 18
jaar. Afhankelijk van het inkomen van de ouders.
Kinderopvangtoeslag : bijdrage in de kosten van de kinderopvang
DUO = Dienst Uitvoering Onderwijs
o Niet zelfstandig, valt onder Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
o Studiefinanciering: basisbeurs en studentenreisproduct
o Hoogte van basisbeurs is afhankelijk van woonsituatie (uitwonende of thuiswonende
beurs)
o Ouders niet voldoende inkomen om mee te betalen aan opleiding, dan recht op
aanvullende beurs
Gemeente
o Verantwoordelijk voor de uitvoering van een aantal wetten:
Participatiewet (PW) : doel mensen met een arbeidsbeperking aan het werk
te helpen.
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) : ondersteunt bij
zelfredzaamheid en participatie. Als daarin beperkingen zijn, voorziet de
Wmo in maatwerkvoorzieningen, zoals huishoudelijke hulp, traplift of
inloopdouche. Gemeente doet dit alleen als er geen andere hulp beschikbaar
is, zoals van een echtgenoot of kinderen.
Jeugdwet (Jw) : biedt ondersteuning aan jongeren tot 18 jaar, zodat ze veilig
en gezond kunnen opgroeien. Bijv. hulp bij opvoedproblemen, geestelijke
gezondheidszorg en zorg in kader van jeugdstrafrecht)
Woningbouwcorporaties
o Privaatrechtelijke organisaties met een wettelijke taak op het gebied van wonen