Hoofdstuk 2: Positieve interacties tussen volwassenen en kinderen
§2.1 Elkaar ondersteunen
Actief leren is een sociaal en interactief proces. Het is een voorwaarde voor het verwerven van
sociale, emotionele en intellectuele en fysieke kennis.
Actief leren heeft verschillende aspecten:
Kinderen hebben diverse materialen ter beschikking.
Ze kunnen kiezen wat, waar, hoe en met wie ze spelen.
Ze kunnen in hun eigen woorden praten over hun spel.
Volwassenen ondersteunen het spel van de kinderen. Ze scheppen voorwaarden en doen zelf
mee.
Het zelfbewustzijn van kinderen ontwikkelt zich door interactie. Erik Erikson had het over drie stadia
van sociaal-emotionele ontwikkeling:
Vertrouwen vs wantrouwen
Autonomie vs schaamte en twijfel
Initiatief vs schuld
De gevoelens die een kind ontwikkelt hang af van de ervaringen met volwassenen. Het gaat om een
sterke band aangaan. Door een band aan te gaan, ontwikkelt het kind belangrijk aspecten van zijn
persoonlijkheid. Wanneer een jong kind gehecht is aan zijn ouders, kan het zichzelf gaan zien als een
opzichzelfstaand individu.
De bouwstenen van menselijke relaties
Er zijn verschillende bouwstenen (vaardigheden) die helpen met de sociale en emotionele
ontwikkeling van een kind. Deze bouwstenen vormen een fundament voor de socialisatie.
Bouwstenen Uitleg
Vertrouwen Het geloof in jezelf en in anderen.
(Basis: hechting)
Zelfstandigheid Het vermogen om onafhankelijk te onderzoeken en te handelen.
Ondernemingszin (initiatief) Het vermogen om een taak te beginnen en te volbrengen.
Invoelend vermogen (empathie) Het vermogen om gevoelens van de ander te begrijpen door deze in verband te
brengen met de eigen gevoelens.
Zelfvertrouwen Overtuiging de wereld om je heen te kunnen beïnvloeden en er een positieve
bijdrage aan te kunnen leveren.
Wordt ontwikkeld door steun van anderen.
Omgaan met kinderen
Er zijn drie verschillende manieren van omgaan met kinderen:
Laisser fair: initiatief komt vanuit het kind, de volwassenen houden zich graag op afstand.
Ondersteunend: er is wederzijdse ondersteuning en initiatief. Er is evenwicht tussen vrijheid
en grenzen.
Directief: initiatief komt vanuit de volwassenen, de kinderen doen wat hen gezegd wordt.
Leerkrachten gebruiken vaak verschillende manieren door elkaar heen. Dit zijn zogenoemde
klimaatwisselingen. Ondanks dat het soms onvermijdelijk is, is het goed om te streven naar een
constante pedagogische aanpak.
1