beperking – Jolanda Douma
Wanneer is er sprake van een licht verstandelijke beperking?
- Beperkingen in de cognitieve ontwikkeling (IQ-score).
IQ -score tussen de 50 en 70
IQ-score tussen de 70 en 85 + bijkomende problematiek
- Beperkingen in adaptieve vaardigheden (ook wel sociaal
aanpassingsvermogen)
Conceptuele vaardigheden (lezen, schrijven, rekenen)
Sociale vaardigheden (communiceren en het oplossen van sociale
problemen)
Praktische vaardigheden (persoonlijke verzorging en gebruik maken
van openbaar vervoer).
Kenmerken van een LVB
Persoonskenmerken
1. Beperkingen in het intellectueel functioneren
- Moeite met abstract denken (=voorstellingen die iemand van bepaalde zaken
kan maken, die iemand niet in de realiteit, als concreet tastbaar object, kan
voelen, zien of met andere zintuigen kan waarnemen)
- Beperkt probleemoplossend vermogen
- Leerproblemen
Rond groep 5-6 wordt over het algemeen de stap gezet van concreet naar abstract
denken. Dit is dus een moeilijke overgang voor kinderen met een LVB.
2. Beperkingen in informatieverwerking
- De denkprocessen van jeugdigen met een LVB verlopen langzamer dan van
jeugdigen zonder een LVB.
- Door een beperking van het werkgeheugen kan er minder informatie
tegelijkertijd verwerkt worden.
- Moeite met verbale instructies
- Moeite met onderscheid hoofd- en bijzaken
- Problemen met ophalen van informatie uit het langetermijngeheugen.
3. Beperkingen in executieve functies, metacognitie en in generalisatie van
kennis
- Beperkte aandachtsspanne (snel afgeleid)
- Moeite met organiseren en plannen
- Moeite met selectieve aandacht
- Beperkte zelfregulatie (zoals reflecteren op het eigen gedrag, gedachten en
gevoelens)
- Moeten met generaliseren (algemeen making)
4. Beperkingen in sociaal-cognitieve vaardigheden