De effectiviteit van CGT in de behandeling van een angststoornis bij ouderen
Tijn Smits 2096056
Angst kan gedefinieerd worden als een emotie die gekenmerkt wordt door de perceptie van
mogelijke bedreigende situaties, wat resulteert in fysiologische reacties van het lichaam.
Denk hierbij aan somatische reacties als transpireren of een verhoogde hartslag (Barnes &
Pinel, 2018). Wanneer angstgevoelens het dagelijks functioneren in de weg zitten dan is er
sprake van een angststoornis. 10,1% van de Nederlanders (18-64 jaar) per jaar hebben
problemen met angst en 19,6% van de gehele Nederlandse bevolking heeft ooit een
angststoornis gehad (Trimbos instituut, 2014). Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een
behandelmethode voor angststoornissen, gericht op het identificeren en aanpakken van
angstsymptomen. Echter treffen angststoornissen niet alleen jongeren maar ook ouderen .
Door de groeiende grijze druk van 33% (CBS, 2021), het percentage vijfenzestigplussers ten
opzichte van de rest van de bevolking, is het aantal angststoornissen in deze leeftijdsgroep
verhoogd (de Graaf et al., 2012; Andreas et al., 2017). Er is een stevig debat over of een
behandeling met CGT effectief genoeg is bij ouderen om daar mee door te gaan (Hendriks &
collega’s, 2021). In deze essay wordt onderzocht of CGT wel effectief genoeg is voor ouderen
om ze nog steeds met die methode te behandelen (Hendriks & collega’s, 2021).
CGT, zoals eerder vermeld gericht op het verminderen van de angstymptomen, wordt
beschouwd als de beste psychotherapie bij de behandeling van angststoornissen (Carpenter
et al., 2018; David et al., 2018). Volgens onderzoek van Kishita en Laidlaw (2017) is de
effectiviteit van CGT bij ouderen lager dan bij (jong)volwassenen. Volgens hun onderzoek is
de effectgrootte van een behandeling met CGT voor een gegeneraliseerde angststoornis
Tijn Smits 2096056
Angst kan gedefinieerd worden als een emotie die gekenmerkt wordt door de perceptie van
mogelijke bedreigende situaties, wat resulteert in fysiologische reacties van het lichaam.
Denk hierbij aan somatische reacties als transpireren of een verhoogde hartslag (Barnes &
Pinel, 2018). Wanneer angstgevoelens het dagelijks functioneren in de weg zitten dan is er
sprake van een angststoornis. 10,1% van de Nederlanders (18-64 jaar) per jaar hebben
problemen met angst en 19,6% van de gehele Nederlandse bevolking heeft ooit een
angststoornis gehad (Trimbos instituut, 2014). Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een
behandelmethode voor angststoornissen, gericht op het identificeren en aanpakken van
angstsymptomen. Echter treffen angststoornissen niet alleen jongeren maar ook ouderen .
Door de groeiende grijze druk van 33% (CBS, 2021), het percentage vijfenzestigplussers ten
opzichte van de rest van de bevolking, is het aantal angststoornissen in deze leeftijdsgroep
verhoogd (de Graaf et al., 2012; Andreas et al., 2017). Er is een stevig debat over of een
behandeling met CGT effectief genoeg is bij ouderen om daar mee door te gaan (Hendriks &
collega’s, 2021). In deze essay wordt onderzocht of CGT wel effectief genoeg is voor ouderen
om ze nog steeds met die methode te behandelen (Hendriks & collega’s, 2021).
CGT, zoals eerder vermeld gericht op het verminderen van de angstymptomen, wordt
beschouwd als de beste psychotherapie bij de behandeling van angststoornissen (Carpenter
et al., 2018; David et al., 2018). Volgens onderzoek van Kishita en Laidlaw (2017) is de
effectiviteit van CGT bij ouderen lager dan bij (jong)volwassenen. Volgens hun onderzoek is
de effectgrootte van een behandeling met CGT voor een gegeneraliseerde angststoornis