Samenvatting Groepsdynamica
Week 1
Entitativiteit: hoe kijk je tegen de sociale eenheid aan
Gelijkheid, nabijheid, lotsverbondenheid
Sociale waarde oriëntatie: individualistisch/pro-sociaal/competitief
Sociale vergelijking: informatie of sociale validatie
-> Sociale validatie
Ten opzichte van anderen
Self-serving attributions
Downward social comparison: mensen die het slechter hebben
Self-Evalutation Maintenance: als je zelf succesvol bent op een bepaald vlak zul je
het succes van anderen minder waarderen
Ten opzichte van anderen ten opzichte van de ingroup
Optimal distinctiveness: assimilatie (aanpassen) of differentiatie (beter zijn)
Ten opzichte van de ingroup ten opzichte van andere groepen
Group-serving attributions
Social creativity
Birging: basking in reflected glory
Corfing: cutting of reflected failure
Sociale uitwisselingstheorie
Tevredenheid
R > CL: tevreden
R < CL: ontevreden
Afhankelijkheid
R > CLalt: afhankelijk
R < CLalt: onafhankelijk
, Week 2
Sociale invloed
Uitoefenen
Behoeften Sociale validatie Persoonlijke validatie,
informatie
Soort invloed Normatief Informationeel
Aantal medestanders Meerderheid Minderheid
Reacties
Privé
Instemming Afkeuring
Publiek Instemming Overtuigd Gehoorzaam
Afkeuring Tegendraads Onafhankelijk
Onderzoek Sherif Onderzoek Asch
Autokinetisch effect: knipperend lampje Lijnen-experiment dat aantoonde dat
beweegt in een volledig donkere ruimte mensen onder groepsdruk hun antwoord
Hoe veel is het lampje bewogen? Het is aanpassen aan de meerderheid, ookal is
niet bewogen, maar wanneer het het duidelijk dat dit niet het juiste antwoord
experiment uitgevoerd wordt in een is. Het blijkt dat een mede-afwijker
groepssetting en de antwoorden hardop voldoende is om je eigen eigenwijsheid
gegeven moeten worden vindt er tentoon te stellen (ook als hij een ander
convergentie naar het gemiddelde plaats. antwoord geeft). De gehoorzaamheid is
Wanneer er een standvastig persoon is die nog minder sterk wanneer alle antwoorden
niet meebeweegt zal de groep naar deze in onafhankelijkheid van elkaar worden
persoon conformeren. gegeven.
Meerderheidsinvloed: dwingt vaak gehoorzaamheid af om niet uit de groep te vallen
Direct waarneembaar
Minderheidsinvloed: zet mensen aan het denken
Persoonlijke validatie
Accurate informatie
Indirect
Op latent niveau: je geeft pas openlijk uiting aan je steun voor het standpunt van de
afwijkende minderheid, nadat die minderheid haar argumenten heeft gepresenteerd.
Je geeft publiekelijk niet direct toe aan die minderheid.
Dual Process Theory
Directe processen: veel nadenken, eigen idee geven
Indirecte processen: minder rationeel, heuristieken gebruiken
Social Impact Theory: kracht en nabijheid van bronnen en aantal bronnen
Cohesie
Soorten: sociale cohesie en taak cohesie
Multi-level binden: dyades/triades, subgroep, groep, collectief
Productiviteit hangt af van
Richting van heersende lokale groepsnorm (productie omhoog of juist omlaag)
Fase in de taakuitvoer (productiefase vruchtbaarder dan brainstormfase)
Stressreacties op/tolerantie voor andersdenkenden
Forming -> storming -> norming -> performing -> adjourning
Week 1
Entitativiteit: hoe kijk je tegen de sociale eenheid aan
Gelijkheid, nabijheid, lotsverbondenheid
Sociale waarde oriëntatie: individualistisch/pro-sociaal/competitief
Sociale vergelijking: informatie of sociale validatie
-> Sociale validatie
Ten opzichte van anderen
Self-serving attributions
Downward social comparison: mensen die het slechter hebben
Self-Evalutation Maintenance: als je zelf succesvol bent op een bepaald vlak zul je
het succes van anderen minder waarderen
Ten opzichte van anderen ten opzichte van de ingroup
Optimal distinctiveness: assimilatie (aanpassen) of differentiatie (beter zijn)
Ten opzichte van de ingroup ten opzichte van andere groepen
Group-serving attributions
Social creativity
Birging: basking in reflected glory
Corfing: cutting of reflected failure
Sociale uitwisselingstheorie
Tevredenheid
R > CL: tevreden
R < CL: ontevreden
Afhankelijkheid
R > CLalt: afhankelijk
R < CLalt: onafhankelijk
, Week 2
Sociale invloed
Uitoefenen
Behoeften Sociale validatie Persoonlijke validatie,
informatie
Soort invloed Normatief Informationeel
Aantal medestanders Meerderheid Minderheid
Reacties
Privé
Instemming Afkeuring
Publiek Instemming Overtuigd Gehoorzaam
Afkeuring Tegendraads Onafhankelijk
Onderzoek Sherif Onderzoek Asch
Autokinetisch effect: knipperend lampje Lijnen-experiment dat aantoonde dat
beweegt in een volledig donkere ruimte mensen onder groepsdruk hun antwoord
Hoe veel is het lampje bewogen? Het is aanpassen aan de meerderheid, ookal is
niet bewogen, maar wanneer het het duidelijk dat dit niet het juiste antwoord
experiment uitgevoerd wordt in een is. Het blijkt dat een mede-afwijker
groepssetting en de antwoorden hardop voldoende is om je eigen eigenwijsheid
gegeven moeten worden vindt er tentoon te stellen (ook als hij een ander
convergentie naar het gemiddelde plaats. antwoord geeft). De gehoorzaamheid is
Wanneer er een standvastig persoon is die nog minder sterk wanneer alle antwoorden
niet meebeweegt zal de groep naar deze in onafhankelijkheid van elkaar worden
persoon conformeren. gegeven.
Meerderheidsinvloed: dwingt vaak gehoorzaamheid af om niet uit de groep te vallen
Direct waarneembaar
Minderheidsinvloed: zet mensen aan het denken
Persoonlijke validatie
Accurate informatie
Indirect
Op latent niveau: je geeft pas openlijk uiting aan je steun voor het standpunt van de
afwijkende minderheid, nadat die minderheid haar argumenten heeft gepresenteerd.
Je geeft publiekelijk niet direct toe aan die minderheid.
Dual Process Theory
Directe processen: veel nadenken, eigen idee geven
Indirecte processen: minder rationeel, heuristieken gebruiken
Social Impact Theory: kracht en nabijheid van bronnen en aantal bronnen
Cohesie
Soorten: sociale cohesie en taak cohesie
Multi-level binden: dyades/triades, subgroep, groep, collectief
Productiviteit hangt af van
Richting van heersende lokale groepsnorm (productie omhoog of juist omlaag)
Fase in de taakuitvoer (productiefase vruchtbaarder dan brainstormfase)
Stressreacties op/tolerantie voor andersdenkenden
Forming -> storming -> norming -> performing -> adjourning