,samenvatting basisboek ruimtelijke ordening en planologie 3e editie 2022 van schijndel 9789001277659
, samenvatting basisboek ruimtelijke ordening en planologie 3e editie 2022 van schijndel 9789001277659
Hoofdstuk 1: Het vakgebied Ruimtelijke ordening en Planologie
(ROP)
De wet ruimtelijkeordening regelt hoe de ruimtelijke plannen van de Rijk en Provincies en
gemeenten tot stand komen.
Beslissingen over de invulling van een ruimte worden op landelijke regionaal en lokaal genomen.
Leefomgeving: Het hoofddoel van de ruimtelijke ordening en planologie is te zorgen voor een
zo goed mogelijke leefomgeving: er wordt gekeken naar verschillende zaken. (woningbouw,
natuur, bedrijven, luchtkwaliteit enz.)
Ruimtelijke kwaliteit: Een optelsom van verschillende kenmerken die de hoedanigheid
van een gebied of een plek bepalen, vaak uitgedrukt in de driedeling gebruikswaarde,
belevingswaarde, toekomstwaarde. (ruimtelijke kwaliteit een hoge gebruikswaarde voor meerdere
functies, belevingswaarde voor bewoners en bezoekers en de waarde voor de toekomst.)
o Gebruikswaarde: Alle aspecten van de ruimtelijke kwaliteit die te maken hebben met het
effectief en efficiënt gebruiken van een gebied.
o Belevingswaarde: Omdat alle aspecten van ruimtelijke kwaliteit die te maken hebben met
de zintuiglijke ervaring van een gebied.
o Toekomstwaarde: Bij de toekomstwaarde gaat het erom dat elk inrichtingsvoorstel
voldoende mogelijkheden open moet laten om ook aan de toekomstige vraag te voldoen.
Ruimteclaim: De vraag naar ruimte voor wonen, werken en natuur. Dit is groter dan het
beschikbare oppervlakte en betekent dat planologen zo veel mogelijk op zoek zijn naar slimme
oplossingen om zoveel mogelijk activiteiten te combineren in een gebied.
Ruimteclaim= De vraag naar ruimte voor divers ruimtegebruik (wonen, werken, recreatie)
dan wel andere ruimtevragers (water, reliëf, natuur)
.
Ruimtelijke ordening: Praktisch handelen dat zich richt op het veranderen van de
leefomgeving.
Toekomst energievraagstuk , duurzaamheid, vergrijzing, krimp
Planologie: Wetenschap die zich bezighoudt met de ruimtelijke ordening.
Wat is het verschil tussen ruimtelijke ordening en planologie. Ruimtelijke ordening is het praktische
gedeelte en planologie is de wetenschap die daarvoor de kennis aanbiedt.
Zijn het de planologen die bepalen welke activiteiten een plaats moeten krijgen
in de ruimte? Nee dat doet de maatschappij. De planologen hebben als taak de
politiek tot de juiste beslissingen te brengen, daarnaast zijn ze als deskundigen er op
gespitst de ruimtelijke knelpunten te signaleren.
Zo goed mogelijke leefomgeving creëren rond 5 functies:
1. Wonen
2. Werken
3. Recreatie
4. Voorzieningen
5. Vervoer
Welke kennis hebben planologen nodig om de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving te
verbeteren gebiedskenmerken en schaal niveaus
Schaalniveau= Grootte van het gebied waarvoor men de ruimtelijke ordening beziet (lokaal of
gemeentelijk, regionaal, nationaal enzovoort
Schaalniveaus ruimtelijke planning kan men van locatie (perceel) tot internationaal (regio)
bijvoorbeeld Noordwest Europa van klein tot groot worden ruimtelijke plannen worden
gemaakt (op wereldschaal niet)
, samenvatting basisboek ruimtelijke ordening en planologie 3e editie 2022 van schijndel 9789001277659
Nederland is nooit af
Groei bevolking en welvaart
Meer woonruimte
Meer ruimte om te verplaatsen
Meer werk
Meer vermaak
Nieuwe technologieën
Voor Ruimtelijke in greep heb je geld grond kennis autoriteit politieke legitimatie nodig
Het verschil tussen ruimtelijke ordening en planologie is dat ruimtelijke ordening het praktisch
handelen weergeeft: bijvoorbeeld het bestemmen van grond tot bouwgrond. Planologie is de
wetenschap die daarvoor de kennis aanreikt. Een planoloog heeft kennis en instrumenten om een
afweging te kunnen maken of een gebied geschikt is om er huizen te bouwen.
Vijf kennisgebieden:
1. Waar --> Kennis over de
leefomgeving zelf. Ook het schaalniveau
is van belang.
Planhorizon = Het tijdstip in de toekomst
waarvoor een plaatje wordt getekend. Hoe
hoger het schaalniveau hoe verder je in de
toekomst kijkt.
Termijn waarvoor een ruimtelijk plan
beoogd geldig te zijn, doordat in het
plan met te verwachte ontwikkelingen
in de periode vooruit gekeken is.
2. Wat --> De wijze waarop het
gebied gebuikt
kan worden. Er wordt ook aandacht
besteedt aan de wijze waarop functies in een dichtbevolkt land te combineren zijn.
Ruimtelijke functies = Hoe wordt de ruimte gebruikt?
3. Hoe --> Hoe maak je een plan? enz.
4. Wie --> De hele maatschappij is immers betrokken bij het vormgeven van de leefomgeving.
5. Waarmee --> Welke methoden en technieken, welke tools heeft de planoloog nodig
om zijn taak uit te voeren.
Planhorizon = Het tijdstip in de
toekomst waarvoor een plaatje wordt getekend. Hoe hoger het schaalniveau hoe verder je in de
toekomst kijkt.
Drie soorten
sturing