Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Bestuursrecht tentamen Erasmus universiteit

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
106
Geüpload op
11-03-2025
Geschreven in
2023/2024

Een uitgebreide samenvatting van alle stof van bestuursrecht in het jaar 2023/2024 op de Erasmus universiteit. Door middel van deze samenvatting heb ik een 7.8 weten te behalen en mijn medestudenten hebben hier ook veel hulp aan gehad.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Bestuursrecht boek 1

Probleem 1
Vragen:
1. Verschil normadressaat en geadresseerde

2.3 het begrip bestuursorgaan in de Awb
Bestuursrecht regelt de rechtsbetrekkingen tussen bestuursorganen en burgers.
Publiekrechtelijke bevoegdheden worden altijd door bestuursorganen uitgeoefend, en in
geschillen daarover bij de bestuursrechter is een bestuursorgaan altijd een van de partijen.
Soms kunnen ook publiekrechtelijke bevoegdheden toekomen aan privaatrechtelijke
entiteiten zoals stichtingen en bv’s.

Definitie bestuursorgaan staat in artikel 1:1 Awb en kan je in twee verdelen.
a) Organen die altijd bestuursorgaan zijn en daarom voor hun hele doen en laten
onder de werking van de Awb vallen (de echte overheid, fulltime). Bij deze organen
is het niet vereist dat openbaar gezag wordt uitgeoefend, dat is logisch omdat deze
‘fulltime’ organen over de hele lini dus ook als ze feitelijk of privaatrechtelijk
handelen bestuursorganen zijn. Hierbij wordt dan ook enkel het organisatorische
criterium gebruikt: is een persoon of college aan te maken als orgaan van een
rechtspersoon die krachtens publiekrecht is aangesteld?
b) Organen die slechts voor een beperkt deel bestuursorgaan zijn en onder de Awb
vallen, namelijk voor zover zij met enig openbaar gezag zijn bekleed (parttime).
Beschikken openbaar gezag is dus wel vereist, dit omdat zij slechts bestuursorgaan
zijn voor zover ze over openbaar gezag beschikken.

Stappenplan:
1. Eerst kijken of persoon of college als a-orgaan kan worden aangemerkt
2. Als dat niet het geval is, dan kijk je of een persoon of college mt openbaar gezag
bekleed is en b-bestuursorgaan is

1. RIKP
Krachtens publiekrecht houdt dus in dat een rechtspersoon op een andere wijze ontstaat dan
een vereniging, stichting, naamloze of besloten vennootschap.
Uit art 2:1 BW volgt dat de oorsprong of het ontstaan van een rechtspersoon, ikp, moet
worden gezocht in de wet. Een dergelijke rechtspersoon ontleent zijn bestaan dus aan de
wet.
1. Ex lid 1 worden enkele lichamen opgesomd:
a) Gemeente  bestaan ex art 123 GW
b) Provincie  bestaan ex art 123 GW
c) En de waterschappen  bestaan ex art 133 GW
d) Staat  niet bij wet ingesteld, dus wordt verondersteld doordat ze een fundamentele
plaats in de Nlse rechtsorde in nemen.
2. Uit lid 2 volgt dat ook andere lichamen waaraan een deel van de overheidstaak is
opgedragen, een rechtspersoon krachtens publiekrecht ingesteld, mits daarvoor een basis in
een formele wet te vinden is. Dus als ze geen deel uit maken van het in lid 2 genoemde,

,moet in de desbetreffende bijzondere wet worden gekeken of ze wellicht deel uitmaken van
een andere rikp. Er zal dan staan `rechtspersoonlijkheid bezit of rechtspersoon is’.
Een rechtspersoon is een abstractie: dat betekent dat de rechtspersonen wel als
privaatrechtelijk aanspreekpunt fungeren en over privaatrechtelijke bevoegdheden en
rechten beschikken, maar dat ze deze zelf niet kunnen uitoefenen. Rechtspersonen kunnen
alleen via hun organen handelen: de organen zijn de handen en voeten van de
rechtspersoon.

Voor rechtspersonen opgericht krachtens privaatrecht geldt dat uit de statuten en reglementen van
de desbetreffende rechtspersoon volgt welke organen namens hem kunnen handelen. Ze zullen met
een zodanige taak zijn belast, dat ze een zelfstandige plaats binnen de rechtspersoon innemen.

Voor rikp geldt iets soortgelijks. Ook daar moet worden bekeken welke personen of colleges
binnen de rechtspersoon een zodanig:
(1) zelfstandige taak vervullen of
(2) zelfstandige plaats innemen dat ze als orgaan daarvan zijn aan te merken.
Alleen moet de organisatiestructuur van deze rechtspersonen, bij gebreke aan statuten,
worden afgeleid uit de desbetreffende organisatiewet of instellingswet.

Een persoon of college kan als orgaan worden krachtens publiekrecht ingestelde
rechtspersoon worden aangemerkt indien de persoon of het college in de wet wordt
gepresenteerd als het bestuur van de rechtspersoon. Het enkel noemen in de wet is niet
voldoende, het is van belang dat de organen met een zodanige taak zijn belast, dat zij een
zelfstandige plaats inneemt binnen de rechtspersoon. Dus dat de persoon of college zo in de
wet wordt neergezet dat deze persoon of dit college een zelfstandige plaats of functie heeft
gekregen binnen de rechtspersoon.
1. Het niet hebben van publiekrechtelijke bevoegdheden en daarom niet met
openbaar gezag bekleed staat niet in de weg om als A orgaan te worden aangemerkt.
Dus beschikken openbaar gezag is geen vereiste.
2. Een voldoende zelfstandige plaats en functie binnen de rechtspersoon kan blijken uit
het feit dat de persoon of college dat in de organisatie of instellingswet wordt
genoemd met enig openbaar gezag is bekleed. Is aan de persoon of college een
exclusieve bevoegdheid toegekend om eenzijdig de rechtspositie van burgers te
bepalen?
3. Restcategorie: niet in de wet als onderdeel van bestuur gepresenteerd of met
openbaar gezag bekleed, desondanks kan toch sprake zijn van orgaan ikp vanwege
zijn zelfstandige positie daarbinnen. Omstandigheden van het geval zijn bepalend.

Het is lastig om te zeggen of een persoon of college is aan te merken als orgaan van de staat
omdat het anders is dan gemeente en provincies die hun eigen wet hebben. Uit verschillende
wetten of regelingen kan je dit afleiden voor de staat.

,2. met openbaar gezag gekleed
Verschil met a-orgaan: is dat de b-orgaan niet over de hele breedte van hun handelen
bestuursorgaan zijn en onder de reikwijdte van de Awb maar slechts voor zover ze over
openbaar gezag beschikken. Het gaat vaak om privaatrechtelijke entiteiten die gedeeltelijk
bij het openbaar bestuur zijn betrokken.

Wanneer kan je spreken van openbaar gezag? Dit valt samen met het kunnen uitoefenen
van een publiekrechtelijke bevoegdheid waarmee de rechtspositie van rechtssubjecten (hun
rechten en of verplichtingen) wordt bepaald. Vroeger was de eis dat overheidstaken moeten
zijn overgedragen, nu bestaat dit niet meer. Nu is bepalend:
(a) of aan haar een publiekrechtelijke bevoegdheid tot het bepalen van de rechtspositie van
andere rechtssubjecten is toegekend of dat bepalend is
(b) of aan dat orgaan een publiekrechtelijke bevoegdheid tot het eenzijdig bepalen van de
rechtspositie van andere rechtspositie van andere rechtssubjecten is toegekend.
Dus het komt neer op het kunnen verrichten van publiekrechtelijke rechtshandelingen ofwel
het nemen van besluiten in de zin van art 1:3 Awb.
 Een privaatrechtelijke instantie is dus geen bestuursorgaan als haar handelen niet is
aan te merken als het uitoefenen van openbaar gezag

Uitgangspunt: openbaar gezag kan slechts bij wettelijk voorschrift worden toegekend 
VNG arrest. Onder omstandigheden kan de bestuursrechter een privaatrechtelijke
rechtspersoon die niet bij of krachtens de wet een publiekrechtelijke bevoegdheid uitoefent,
toch als b-orgaan aangemerkt worden.
 Deze uitzondering kan bijvoorbeeld bij organen van privaatrechtelijke rechtspersonen
die geldelijke uitkeringen of op geld waardeerbare voorzieningen aan derde
verstrekken zoals schadevergoeding, compensatie, coulancebetaling. Voor
zogenaamd belastend bestuur geldt de uitzondering niet, omdat het
legaliteitsbeginsel voor dergelijk overheidsoptreden een wettelijk voorschrift
verlangt.

Welke factoren zijn bepalend om een orgaan van een privaatrechtelijke rechtspersoon
waaraan bij of krachtens de wet geen publiekrechtelijke bevoegdheid is toegekend, te
kwalificeren als buitenwettelijk b-bestuursorgaan?
Aan 2 cumulatieve eisen moet voldaan zijn:
1. Inhoudelijke vereiste: houdt in dat de inhoudelijke criteria voor het verstrekken van
geldelijke uitkeringen of voorzieningen in beslissende mate wordt bepaald door een
of meer a-bestuursorganen. Zeggenschap van dat a-orgaan over de verstrekking van
vergoeding is niet noodzakelijk.
2. Financiële vereiste: houdt in dat de verstrekking van de uitkeringen of voorzieningen
in overwegende mate `dat wil zeggen in beginsel voor twee derden of meer’ wordt
gefinancierd door een of meer a-bestuursorganen. Van beide criteria hoeft het niet
dezelfde a-orgaan zijn.

Welke entiteit dient als bestuursorgaan te worden aangemerkt, het orgaan van de
privaatrechtelijke rechtspersoon of de privaatrechtelijke rechtspersoon zelf?
Bestuurlijke benadering  Het orgaan van de privaatrechtelijke rechtspersoon dient als
bestuursorgaan te worden beschouwd. Deze bestuursrechtelijke benadering sluit aan bij

, wettekst van art 1:1 Awb lid 1 onder a waarin ook ook `een orgaan van een rechtspersoon’
aangemerkt wordt als bestuursorgaan.

Uitgezonderde organen staan in art 1:1 lid 2 Awb + de koning ook niet.

De uitzondering op de uitzondering in artikel 1:1 lid 3 Awb: de in lid 2 uitgezonderde
organen zijn dan wel bestuursorgaan in de zin van Awb voor zover ze besluiten nemen of
handelingen verrichten jegens bij hen in dienst zijnde personen, genoemd in art 3
ambtenarenwet, met een publiekrechtelijke aanstelling.

2.4 de belanghebbende
Bestuursrecht regelt dus betrekkingen tussen bestuursorganen en burgers, waarbij aan burgers
allerlei rechten en bevoegdheden toegekend: recht om besluit aan te vragen, recht op inspraak in
besluitvorming, bevoegdheid om tegen genomen besluit beroep in te stellen bij de burgemeester.

Maar welke burgers hebben die rechten en bevoegdheden?
Tussenweg tussen (a) eenieder de bevoegdheid geven om bezwaar te maken en beroep in te
stellen tegen besluit en (b) alleen de geadresseerden van een besluit rechten en
bevoegdheden te geven (te beperkt want organen nemen besluiten in het algemeen belang
en daarbij worden vaak tegengestelde belangen, ook van anderen dan degenen tot wie een
besluit is gericht, geraakt.
Dus hier: rechten en bevoegdheden aan degenen van wie een belang rechtstreeks bij een
besluit is betrokken: de belanghebbenden. Dit is zeer casuïstisch: de aard van het besluit
heeft belangrijke invloed op de omvang van de kring van personen die het recht hebben hun
stem te laten horen. Dit begrip werd gebruikt ter afbakening van degenen die tegen een
besluit beroep kunnen instellen, bij invoerring 1994 Awb uitgebreider: hanteren ter
afbakening van degenen aan wie allerlei andere rechten en bevoegdheden toekomen, en dan
met name in de procedure ter voorbereiding van een besluit.

Criteria belanghebbende: art 1:2 lid 1 Awb:
1. Een belang  of hij van een besluit een feitelijk effect ondervindt, wijzing in
rechtspositie is niet vereist. Het belang moet reëel zijn.
2. Belang moet aan iemand toekomen  het gaat om `degene’:
a. Dit kan gaan om in het privaatrecht erkende rechtssubjecten (drager van
rechten en plichten) maar ook belanghebbende in het bestuursrecht (drager
van feitelijke belangen). Dit zijn allereerst natuurlijke personen en daarnaast
rechtspersonen als bedoeld in art 2:1 BW-2:3 BW.
b. Verder kunnen in het bestuursrecht ook bestuursorganen belanghebbende
zijn bij besluiten van andere bestuursorganen.
c. En als laatst restgroep entiteiten die dragers van belangen kunnen zijn: bv
maatschappen en VOF
3. Het belang moet rechtstreeks betrokken zijn bij een besluit  door het besluit moet
er ook een verandering in iemands belangenpositie komen. Voor de vraag welke
belangen rechtstreeks bij een besluit zijn betrokken, is in ieder geval de aard van het
besluit belangrijk.

Er worden veel besluiten genomen waarbij voor een bepaalde persoon bevoegdheden,
rechten of plichten in het leven worden geroepen dan wel tenietgedaan: persoonsgerichte

Documentinformatie

Geüpload op
11 maart 2025
Aantal pagina's
106
Geschreven in
2023/2024
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€11,16
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Saareur2003 Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
46
Lid sinds
2 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
15
Laatst verkocht
2 weken geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen