juni 2020
Instructies voor de deelnemer:
• Dit examen bestaat uit 30 opgaven
• Er kunnen maximaal 70 punten worden behaald
• U hebt dit examen behaald als u 42 punten of meer hebt behaald
• Als er in een vraag om redenen, voorbeelden of argumenten wordt gevraagd, geef dan niet
meer antwoorden dan het gevraagde aantal. Als er bijvoorbeeld om twee redenen wordt
gevraagd, dan tellen alleen de eerste twee antwoorden mee in de beoordeling.
• Bij meerkeuzevragen is, tenzij anders aangegeven, maar één antwoord goed. Wanneer
meerdere antwoorden worden opgegeven, zal de vraag fout worden gerekend.
Vraag 1. Pathologie (Pathologie I. H2 p47 – maximaal 3 punten)
Een ouder belt dat haar kind ziek is. Het heeft koorts van 39.1. Welke vragen stelt u over het kind
om te bepalen of de huisarts moet worden ingeschakeld?
Vraag 2. Pathologie I, H2 p45 – punt a 2 punten, punt b 1 punt)
a. Wanneer wordt een huisarts gewaarschuwd als een patiënt koorts heeft met begeleidende
klachten? Noem 5 punten.
b. Wanneer is er sprake van een spoedvisite?
Vraag 3. Pathologie I. H2 p 34 – maximaal 3 punten
a. Welke vragen stelt u als een vrouw belt dat haar man erg benauwd/kortademig is?
b. Wat doet u bij verdenking van een allergische reactie op medicijnen?
Wat doet u bij verdenking van hooikoorts en contacteczeem?
Wat doet u bij overige allergieën?
Vraag 4. Pathologie I. H7 p 200 en 201 – per juist antwoord 1 punt max 3 punten
Een neusbloeding is bijna nooit ernstig. Slechts in drie gevallen moet de patient de huisarts
bezoeken. In welke drie gevallen?
, Vraag 5 Pathologie I H11 – maximaal 1 punt per onderdeel. Totaal max 3 punten
a. Wat is de andere benaming voor suikerziekte? (0.5) En welke types onderscheiden wij (0.5)
b. De complicaties van suikerziekte zijn te verdelen in twee beschadigingen welke zijn dit? (1.0)
c. Noem vier complicaties – 2 per onderdeel. (0.25 per antwoord)
Vraag 6 Pathologie I H13 p338 maximaal 4 punten – per juist antwoord 1 punt
In verreweg de meeste gevallen is de oorzaak van een rood oog onschuldig
a. Noem twee onschuldige aandoeningen van het oog (0.5per antwoord)
b. Noem twee minder onschuldige aandoeningen van het oog (0.5 per antwoord)
c. Bij welke antwoorden bij de triagevragen gaan de alarmbellen af? Noem 4 gevallen. (2
punten 0.5 per antwoord)
Vraag 7 Anatomie en fysiologie H1, Pathologie voorwoord per juist genoemd antwoord 1 punt,
maximaal 2 punten)
Onder welke wetenschap vallen de volgende uitspraken? Kies uit anatomie, fysiologie en pathologie.
a. He basisgewricht van de duim is een zadelgewricht
b. Na een val is de pols gebroken
Vraag 8 Anatomie en fysiologie H1 medische terminologie p1 – maximaal 3 punten
a. Wat is anatomie (0.5)
b. Uit welke onderdelen van klein naar groot is het lichaam opgebouwd? (1.0)
c. Wat is fysiologie(0.5)
d. Wat zijn vegetatieve levensverrichtingen? Noem drie voorbeelden. (0.5)
e. Wat zijn animale levensverrichtingen? Noem drie voorbeelden (0.5)
Vraag 9 – Anatomie en fysiologie H2 p 5 (2 punten)
Als we de cel onder de microscoop leggen, kunnen we de volgende celonderdelen onderscheiden:
Vraag 10 - Anatomie en fysiologie H2 p8 en 9 (3 punten)
a. Wat is mitose en wat is meiose (1.0)