GEOGRAFIE: WETENSCHAP EN PRAKTIJK HOORCOLLEGES
Thema 1 Inleiding: Geografie als wetenschap en praktijk
Wat geografie is ‘het is wat geografen doen’, wat ze doen, wat ze willen weten, hoe ze dat
doen. Maar al die vragen hebben verschillende antwoorden. Sommige wetenschap disciplines
zijn wat meer gefocust, bij geografie is dat vrij breed. Wel aandacht voor ruimtelijke aspecten
(locatie, plaats, dingen die tegelijkertijd op een plaats gebeuren, schaalniveaus, relaties, etc.).
Geografie als onderwerp van onderzoek: Wetenschapsfilosofie.
Wetenschappelijke praktijk
Geografie in de praktijk
Rol in de samenleving
Twee hoofdthema’s:
1. Inleiding wetenschapsfilosofie toegepast op de praktijk van de (sociale) geografie
2. Discussie over de rol van de (sociale) geografie in de samenleving; meer de
toepassing van de kennis, hoe het is en hoe het zou kunnen.
Geografie?
Geografie als corpus
Publicaties als neerslag van onderzoekspraktijk
- Rapporten, Boeken, Wetenschappelijke artikelen
Wetenschap?
3 sub discipline:
Ontologie: wat is de wereld, wat is er? Kennis van het zijn
Epistemologie: de kennisleer, wat kunnen we weten over de wereld? Hoe kunnen we
kennis over de wereld ontwikkelen? Op welke manier kunnen we de wereld
waarnemen? Hoe doe je onderzoek?
Ethiek: gaat over goed en slecht handelen, hoe je je hoort te gedragen. Nadenken over
consequenties van onderzoek.
We spreken vaak over theorie en methodologie, maar die zitten vaak achter deze disciplines.
Bepaalde grondslag.
Verschillende scholen hebben verschillende visies.
Paradigma’s: soort geheel van zaken waarover mensen het eens zijn en als basis ligt voor
wetenschappelijke praktijk.
Thomas Kuhn: probeert te verklaren hoe een paradigma wordt verworpen en een nieuwe
wordt aangenomen. Dit noemt Kuhn een ‘revolutie’.
,Na-oorloogse veranderingen, drie grote breuken:
Kwantitatieve revolutie -> spatial analytical approaches (1960s) Verschuiving in
paradigma, de ambitie om de geografie een echte ruimtelijke wetenschap te maken.
Ging veel over afstand, nabijheid, diffusie, connectie. Maar ook methodologische
veranderingen -> statistische veranderingen met computers. Gaat over het kraken van
ruimtelijke gegevens. Patronen herkennen, beschrijvend. Ambitie: ruimtelijke
modellen maken. Veel kritiek; we hebben nu wel die modellen, maar wat hebben we
eraan?
Radicale revolutie -> political economical approaches (1970s) Politieke en
economische benaderingen komen op de voorgrond die een antwoord moeten geven
op de vragen, wat zijn de onderliggende structuren die de patronen vormen?
Cultural turn -> poststructuralistische approaches (1990s) Kritiek over het feit dat de
aandacht voor de structuren de rol van mensen verwaarloosden en
ook van representatie.
Het is allemaal een beetje te simpel gedacht, het is niet zo dat het ene
paradigma de andere vervangt. De stromingen blijven eigenlijk naast
elkaar bestaan. Je moet het zien als een doorlopende ruzie van
stromingen.
Dat botsen is wel functioneel, het draagt bij aan verdere ontwikkeling.
-> boek van Aitken & Valentine 2006
Strategies to deal with diversity volgens Aitken & Valentine:
Describe what geographers do
Describe methodological and technical options
Identify core subject matter: meer gaan zitten op
thema’s en de achtergrond.
Subsume other ways of knowing as precursors of
dominant way of knowing (progress): een soort
vooruitgaan verhaal (Kuhn), elke verandering is
eigenlijke een verbetering, lineair. Maar het is niet zo
dat oudere stromingen ook echt verdwijnen, niet lineair.
Synthesis as patterned sequence (categories):
verschillende benaderingen worden behandeld.
Accept that knowledge is contested, controversial and partial:
Kennis is eigenlijk altijd omstreden en niet compleet. Het
belangrijkste is dat je je er daar bewust van bent.
PLURALITEIT
Wetenschap is geen eenduidig begrip.
Johnston (1990) vond het handig om daar toch een soort onderscheid in te maken:
Empiricist/ positivist science and engineering
Humanistich science and awareness (bewustwording van de wereld)
Realist science and emancipation (oorzaken van ongelijkheid, sociaal
rechtvaardigheid).
Andere ideeën over wat wetenschap, maar ook wat het kan doen voor onderwijs en de
samenleving. De stromingen hebben ook consequenties voor wat je denkt dat het kan
bijdragen aan onderwijs en samenleving.
Couper: strand als voorbeeld. Geografen zijn veel meer bezig met de mensen op het strand.
, ETHIEK
Hoe moet ik mij gedragen? Morele keuzes: wat is goed en wat is slecht?
Deugden (Aristoteles): de middenweg. Voorbeeld van moedig zijn, zit tussen lafheid
en roekeloosheid.
Deontologie (Kant): imperatief van je moet je gedragen zoals je wenst dat de andere
zich gedraagt. Mensen niet als instrumenten gebruiken. Je kijkt naar intenties.
Utilitarisme (Bentham): je moet doen wat het grootste goed bereikt. Je kijkt niet naar
de intenties, maar naar het resultaat.
Feministe zorgethiek: zorgen van elkaar, van mensen in het proces.
In geografie (discussies die je kunt hebben):
Universalisme/ particularisme: omdat we aandacht hebben voor lokale
Relativisme
Nabijheid: 1e wet van de geografie, dingen die dichtbij zijn, zijn belangrijker.
Onderzoekspraktijk:
Respect hebben
Geen schade veroorzaken
Rechtvaardigheid
Rol van de wetenschap in de samenleving
Beschrijvend/ evaluatief (normatief)
Verklarend/ prescriptief (normatief +)
Hoe de wereld is/ hoe het zou moeten zijn
Ethiek en Wetenschap, verschillende stappen:
Voorstellen
Uitvoeren
Analyseren
Rapporteren
Valorisatie
De opmars van het wetenschappelijke denken over de wereld. Wetenschap als institutie.
Zuiver of fundamentele wetenschap
Thema 1 Inleiding: Geografie als wetenschap en praktijk
Wat geografie is ‘het is wat geografen doen’, wat ze doen, wat ze willen weten, hoe ze dat
doen. Maar al die vragen hebben verschillende antwoorden. Sommige wetenschap disciplines
zijn wat meer gefocust, bij geografie is dat vrij breed. Wel aandacht voor ruimtelijke aspecten
(locatie, plaats, dingen die tegelijkertijd op een plaats gebeuren, schaalniveaus, relaties, etc.).
Geografie als onderwerp van onderzoek: Wetenschapsfilosofie.
Wetenschappelijke praktijk
Geografie in de praktijk
Rol in de samenleving
Twee hoofdthema’s:
1. Inleiding wetenschapsfilosofie toegepast op de praktijk van de (sociale) geografie
2. Discussie over de rol van de (sociale) geografie in de samenleving; meer de
toepassing van de kennis, hoe het is en hoe het zou kunnen.
Geografie?
Geografie als corpus
Publicaties als neerslag van onderzoekspraktijk
- Rapporten, Boeken, Wetenschappelijke artikelen
Wetenschap?
3 sub discipline:
Ontologie: wat is de wereld, wat is er? Kennis van het zijn
Epistemologie: de kennisleer, wat kunnen we weten over de wereld? Hoe kunnen we
kennis over de wereld ontwikkelen? Op welke manier kunnen we de wereld
waarnemen? Hoe doe je onderzoek?
Ethiek: gaat over goed en slecht handelen, hoe je je hoort te gedragen. Nadenken over
consequenties van onderzoek.
We spreken vaak over theorie en methodologie, maar die zitten vaak achter deze disciplines.
Bepaalde grondslag.
Verschillende scholen hebben verschillende visies.
Paradigma’s: soort geheel van zaken waarover mensen het eens zijn en als basis ligt voor
wetenschappelijke praktijk.
Thomas Kuhn: probeert te verklaren hoe een paradigma wordt verworpen en een nieuwe
wordt aangenomen. Dit noemt Kuhn een ‘revolutie’.
,Na-oorloogse veranderingen, drie grote breuken:
Kwantitatieve revolutie -> spatial analytical approaches (1960s) Verschuiving in
paradigma, de ambitie om de geografie een echte ruimtelijke wetenschap te maken.
Ging veel over afstand, nabijheid, diffusie, connectie. Maar ook methodologische
veranderingen -> statistische veranderingen met computers. Gaat over het kraken van
ruimtelijke gegevens. Patronen herkennen, beschrijvend. Ambitie: ruimtelijke
modellen maken. Veel kritiek; we hebben nu wel die modellen, maar wat hebben we
eraan?
Radicale revolutie -> political economical approaches (1970s) Politieke en
economische benaderingen komen op de voorgrond die een antwoord moeten geven
op de vragen, wat zijn de onderliggende structuren die de patronen vormen?
Cultural turn -> poststructuralistische approaches (1990s) Kritiek over het feit dat de
aandacht voor de structuren de rol van mensen verwaarloosden en
ook van representatie.
Het is allemaal een beetje te simpel gedacht, het is niet zo dat het ene
paradigma de andere vervangt. De stromingen blijven eigenlijk naast
elkaar bestaan. Je moet het zien als een doorlopende ruzie van
stromingen.
Dat botsen is wel functioneel, het draagt bij aan verdere ontwikkeling.
-> boek van Aitken & Valentine 2006
Strategies to deal with diversity volgens Aitken & Valentine:
Describe what geographers do
Describe methodological and technical options
Identify core subject matter: meer gaan zitten op
thema’s en de achtergrond.
Subsume other ways of knowing as precursors of
dominant way of knowing (progress): een soort
vooruitgaan verhaal (Kuhn), elke verandering is
eigenlijke een verbetering, lineair. Maar het is niet zo
dat oudere stromingen ook echt verdwijnen, niet lineair.
Synthesis as patterned sequence (categories):
verschillende benaderingen worden behandeld.
Accept that knowledge is contested, controversial and partial:
Kennis is eigenlijk altijd omstreden en niet compleet. Het
belangrijkste is dat je je er daar bewust van bent.
PLURALITEIT
Wetenschap is geen eenduidig begrip.
Johnston (1990) vond het handig om daar toch een soort onderscheid in te maken:
Empiricist/ positivist science and engineering
Humanistich science and awareness (bewustwording van de wereld)
Realist science and emancipation (oorzaken van ongelijkheid, sociaal
rechtvaardigheid).
Andere ideeën over wat wetenschap, maar ook wat het kan doen voor onderwijs en de
samenleving. De stromingen hebben ook consequenties voor wat je denkt dat het kan
bijdragen aan onderwijs en samenleving.
Couper: strand als voorbeeld. Geografen zijn veel meer bezig met de mensen op het strand.
, ETHIEK
Hoe moet ik mij gedragen? Morele keuzes: wat is goed en wat is slecht?
Deugden (Aristoteles): de middenweg. Voorbeeld van moedig zijn, zit tussen lafheid
en roekeloosheid.
Deontologie (Kant): imperatief van je moet je gedragen zoals je wenst dat de andere
zich gedraagt. Mensen niet als instrumenten gebruiken. Je kijkt naar intenties.
Utilitarisme (Bentham): je moet doen wat het grootste goed bereikt. Je kijkt niet naar
de intenties, maar naar het resultaat.
Feministe zorgethiek: zorgen van elkaar, van mensen in het proces.
In geografie (discussies die je kunt hebben):
Universalisme/ particularisme: omdat we aandacht hebben voor lokale
Relativisme
Nabijheid: 1e wet van de geografie, dingen die dichtbij zijn, zijn belangrijker.
Onderzoekspraktijk:
Respect hebben
Geen schade veroorzaken
Rechtvaardigheid
Rol van de wetenschap in de samenleving
Beschrijvend/ evaluatief (normatief)
Verklarend/ prescriptief (normatief +)
Hoe de wereld is/ hoe het zou moeten zijn
Ethiek en Wetenschap, verschillende stappen:
Voorstellen
Uitvoeren
Analyseren
Rapporteren
Valorisatie
De opmars van het wetenschappelijke denken over de wereld. Wetenschap als institutie.
Zuiver of fundamentele wetenschap