Geschiedenis examenkantern havo 5
Hoofdstuk 1; het Britse rijk (1585-1900)
Paragraaf 1; Amerikaanse koloniën (1585;1833)
Eerste nederzettingen in Noord-Amerika
- De eerste kolonisten vertrekken eind 16e eeuw, begin 17e eeuw naar
Noord-Amerika, om de volgende redenen:
1) Politiek; sterker tegenover Spanje staan Spanje was katholiek
en Engeland had de Anglicaanse kerk. Spanje zag zichzelf als
beschermer van katholieke kerk.
2) Economisch; goud en zilver werden door Spaanse schepen naar
Europa gebracht Engeland hoopte deze dingen ook in Noord-
Amerika te vinden
3) Religieus; protestanten ontvluchtten Engeland Anglicaanse
kerk werd de staatskerk van Engeland protestanten vonden
deze kerk te katholiek.
- Zij werden de Pelgrim Fathers genoemd; ze wilde in Amerika een
nieuwe samenleving opbouwen waar hun geloof wel geaccepteerd
werd
- In loop 17e eeuw groeide groep kolonisten in Noord-Amerika leidt
tot grote sterfte onder deze groep, door;
1) Engelsen namen ziekten mee waartegen de bevolking geen
weerstand had
2) Er ontstonden conflicten over de vraag wie eigenaar was van
gebieden oorlogen (die Engelsen bijna altijd wonnen)
Ontwikkeling van plantagekoloniën
- In Noord-Amerika; vestigingskoloniën economie gericht op
landbouw, handel en nijverheid, je trok hiernaar toe om nieuw leven
op te bouwen
- In Zuid-Amerika; plantagekoloniën grootschalig verbouwen van
gewassen als tabak en katoen voor export.
- Voor werk op plantages waren veel mensen nodig ontstaan
Driehoeks handel tussen Europa, Afrika en Amerika
- Vanuit Engeland; textiel, wapens en andere kostbaarheden (The
Royal African Company)
- West-Afrika; ruilden deze producten tegen slaven; werden weer
verkocht in Noord-Amerika + Caribisch eiland
- Amerika; voedings- en genotmiddelen naar EU
Strijd voor onafhankelijkheid
In 1773 komen kolonisten in Noord-Amerika in opstand (The Boston
Tea party) zijn vallen onder het bestuur van Engeland maar
hebben geen inspraak, betalen wel belasting = “No taxation without
representation”
, - Veel kolonisten voelen geen band met Groot-Brittannië
- Kolonisten kwamen in aanraking met denkbeelden uit Verlichting:
1) Trias politica; scheiding der machten
2) Volkssoevereiniteit; macht van overheid berust op wil van volk
3) Natuurlijke rechten; mensen hebben van nature rechten die
nooit kunnen worden afgenomen; recht op leven, bezit en vrijheid
- 4 juli 1776 verklaren kolonies zich onafhankelijk vormen een
federale staat; samenwerkingsverband van deelstaten met eigen
bestuur, onder een gemeenschappelijke nationale overheid
Afschaffing slavernij
- Gelijkheid werd belangrijke waarde in grondwet, maar in praktijk
waren vrouwen, armen en slaven niet gelijk en hadden geen
inspraak
- Er kwam kritiek op slavernij door verlichte en religieuze denkers
abolitionisten; was in strijd met fundamentele gelijkheid en ging
tegen naastenliefde van christus in
- In 1807 werd slavenhandel verboden
- In 1833 verbod op slavernij binnen Britse rijk grote economische
neergang voor plantagekoloniën Barbados en Jamaica
- In VS pas na burgeroorlog in 1865 verboden
Paragraaf 2; India en het Britse Rijk (1765-1885)
Handel in Azië
- Begin 17e eeuw richtte de Engelsen de East India Company op;
handel in producten als katoen en specerijen (gericht op handel in
Azië, vooral in India)
- Dit gebied maakte onderdeel uit van islamitische Mogolrijk; om met
de vorsten van dit rijk handel te drijven vestigde de: East India
Company factorijen (= versterkte handelsposten waar Engelse en
inheemse handelaren zakendeden met elkaar en waar compagnie
haar handelswaar opsloeg)
- Streefde vooral naar economisch gewin i.p.v. politieke macht, maar
door zwakte Mogolrijk ook politieke interesses
- Engeland voelde zich bedreigd door concurrentie geven militaire
steun en trokken ze op met hun vijand hierdoor verwierf
compagnie nieuw grondgebied en dus zeggenschap
- Verdrag van Allahbad; 1765
Mongoolse vorst staat Engeland toe om belasting te innen in de naam
van de vorst eerste vorm van bestuur in India later zou dit bestuur
zich verder over land uitbreiden; begin van Britse Rijk in India
Brits bestuur
Militair gebied; East India Company (EIC) beschermde haar
bezettingen met eigen legers; Brits-Indische leger
- Tegen dreiging van andere Europese landen op zee kreeg compagnie
steun van de Royal Navy (Britse koninklijke oorlogsvloot)
Hoofdstuk 1; het Britse rijk (1585-1900)
Paragraaf 1; Amerikaanse koloniën (1585;1833)
Eerste nederzettingen in Noord-Amerika
- De eerste kolonisten vertrekken eind 16e eeuw, begin 17e eeuw naar
Noord-Amerika, om de volgende redenen:
1) Politiek; sterker tegenover Spanje staan Spanje was katholiek
en Engeland had de Anglicaanse kerk. Spanje zag zichzelf als
beschermer van katholieke kerk.
2) Economisch; goud en zilver werden door Spaanse schepen naar
Europa gebracht Engeland hoopte deze dingen ook in Noord-
Amerika te vinden
3) Religieus; protestanten ontvluchtten Engeland Anglicaanse
kerk werd de staatskerk van Engeland protestanten vonden
deze kerk te katholiek.
- Zij werden de Pelgrim Fathers genoemd; ze wilde in Amerika een
nieuwe samenleving opbouwen waar hun geloof wel geaccepteerd
werd
- In loop 17e eeuw groeide groep kolonisten in Noord-Amerika leidt
tot grote sterfte onder deze groep, door;
1) Engelsen namen ziekten mee waartegen de bevolking geen
weerstand had
2) Er ontstonden conflicten over de vraag wie eigenaar was van
gebieden oorlogen (die Engelsen bijna altijd wonnen)
Ontwikkeling van plantagekoloniën
- In Noord-Amerika; vestigingskoloniën economie gericht op
landbouw, handel en nijverheid, je trok hiernaar toe om nieuw leven
op te bouwen
- In Zuid-Amerika; plantagekoloniën grootschalig verbouwen van
gewassen als tabak en katoen voor export.
- Voor werk op plantages waren veel mensen nodig ontstaan
Driehoeks handel tussen Europa, Afrika en Amerika
- Vanuit Engeland; textiel, wapens en andere kostbaarheden (The
Royal African Company)
- West-Afrika; ruilden deze producten tegen slaven; werden weer
verkocht in Noord-Amerika + Caribisch eiland
- Amerika; voedings- en genotmiddelen naar EU
Strijd voor onafhankelijkheid
In 1773 komen kolonisten in Noord-Amerika in opstand (The Boston
Tea party) zijn vallen onder het bestuur van Engeland maar
hebben geen inspraak, betalen wel belasting = “No taxation without
representation”
, - Veel kolonisten voelen geen band met Groot-Brittannië
- Kolonisten kwamen in aanraking met denkbeelden uit Verlichting:
1) Trias politica; scheiding der machten
2) Volkssoevereiniteit; macht van overheid berust op wil van volk
3) Natuurlijke rechten; mensen hebben van nature rechten die
nooit kunnen worden afgenomen; recht op leven, bezit en vrijheid
- 4 juli 1776 verklaren kolonies zich onafhankelijk vormen een
federale staat; samenwerkingsverband van deelstaten met eigen
bestuur, onder een gemeenschappelijke nationale overheid
Afschaffing slavernij
- Gelijkheid werd belangrijke waarde in grondwet, maar in praktijk
waren vrouwen, armen en slaven niet gelijk en hadden geen
inspraak
- Er kwam kritiek op slavernij door verlichte en religieuze denkers
abolitionisten; was in strijd met fundamentele gelijkheid en ging
tegen naastenliefde van christus in
- In 1807 werd slavenhandel verboden
- In 1833 verbod op slavernij binnen Britse rijk grote economische
neergang voor plantagekoloniën Barbados en Jamaica
- In VS pas na burgeroorlog in 1865 verboden
Paragraaf 2; India en het Britse Rijk (1765-1885)
Handel in Azië
- Begin 17e eeuw richtte de Engelsen de East India Company op;
handel in producten als katoen en specerijen (gericht op handel in
Azië, vooral in India)
- Dit gebied maakte onderdeel uit van islamitische Mogolrijk; om met
de vorsten van dit rijk handel te drijven vestigde de: East India
Company factorijen (= versterkte handelsposten waar Engelse en
inheemse handelaren zakendeden met elkaar en waar compagnie
haar handelswaar opsloeg)
- Streefde vooral naar economisch gewin i.p.v. politieke macht, maar
door zwakte Mogolrijk ook politieke interesses
- Engeland voelde zich bedreigd door concurrentie geven militaire
steun en trokken ze op met hun vijand hierdoor verwierf
compagnie nieuw grondgebied en dus zeggenschap
- Verdrag van Allahbad; 1765
Mongoolse vorst staat Engeland toe om belasting te innen in de naam
van de vorst eerste vorm van bestuur in India later zou dit bestuur
zich verder over land uitbreiden; begin van Britse Rijk in India
Brits bestuur
Militair gebied; East India Company (EIC) beschermde haar
bezettingen met eigen legers; Brits-Indische leger
- Tegen dreiging van andere Europese landen op zee kreeg compagnie
steun van de Royal Navy (Britse koninklijke oorlogsvloot)