9 CELADEMHALING: VERBRANDING GLUCOSE
Leerdoelen
o Waarom eten wij?
o Waarom halen we adem? Waar is zuurstof voor nodig?
o Hoe wordt door de cel ATP geproduceerd?
o Waarom soms wel/soms geen citroenzuurcyclus en oxidatieve fosforylering
o Waarom verbrandt suiker niet direct in de cel?
o Hoe wordt de verbranding van glucose gereguleerd?
Verbranding van glucose is een redox reactie
C6H12O6 + 6 O2 6 CO2 + H2O + Energy
Redox reacties elektronenoverdracht; de reductant/reductor doneert een elektron, de
oxidant/oxidator neemt een elektron op
Oxidatie
o Verlies van elektronen
o Verbinding met zuurstof
o Afgigte van [H] en dus elektronen, want 2H > 2H+ + 2e-
o Vrijkomen van energie
Reductie
o Opname van elektronen
o Opname van [H], want 2H > 2H+ + 2e-
Stabielere verbindingen: er komt energie (ΔG) vrij, potentiele ΔG) vrij, potentiele G) vrij, potentiele
energie van elektronen neemt af
, Sterk exergone reactie (ΔG) vrij, potentiele ΔG) vrij, potentiele G = -686 kcal/mol) maar verloopt toch niet vanzelf; de activeringsenergie
moet eerst overwonnen worden
Als glucose in 1 stap zou verbranden zou er een explosie plaatsvinden, de verbranding van glucose
gaat daarom stapsgewijs
NAD+ Nicotinamide Adenine Dinucleotide Kan [H] of e- opnemen en weer afgeven; het is een coenzym
bij redoxreacties; vervult in het metabolisme een vergelijkbare rol als ATP (energie opslag)
Leerdoelen
o Waarom eten wij?
o Waarom halen we adem? Waar is zuurstof voor nodig?
o Hoe wordt door de cel ATP geproduceerd?
o Waarom soms wel/soms geen citroenzuurcyclus en oxidatieve fosforylering
o Waarom verbrandt suiker niet direct in de cel?
o Hoe wordt de verbranding van glucose gereguleerd?
Verbranding van glucose is een redox reactie
C6H12O6 + 6 O2 6 CO2 + H2O + Energy
Redox reacties elektronenoverdracht; de reductant/reductor doneert een elektron, de
oxidant/oxidator neemt een elektron op
Oxidatie
o Verlies van elektronen
o Verbinding met zuurstof
o Afgigte van [H] en dus elektronen, want 2H > 2H+ + 2e-
o Vrijkomen van energie
Reductie
o Opname van elektronen
o Opname van [H], want 2H > 2H+ + 2e-
Stabielere verbindingen: er komt energie (ΔG) vrij, potentiele ΔG) vrij, potentiele G) vrij, potentiele
energie van elektronen neemt af
, Sterk exergone reactie (ΔG) vrij, potentiele ΔG) vrij, potentiele G = -686 kcal/mol) maar verloopt toch niet vanzelf; de activeringsenergie
moet eerst overwonnen worden
Als glucose in 1 stap zou verbranden zou er een explosie plaatsvinden, de verbranding van glucose
gaat daarom stapsgewijs
NAD+ Nicotinamide Adenine Dinucleotide Kan [H] of e- opnemen en weer afgeven; het is een coenzym
bij redoxreacties; vervult in het metabolisme een vergelijkbare rol als ATP (energie opslag)