Objectief = gebaseerd op feiten niet op meningen
Subjectief = meningsgericht
- De empiristische benaderingswijze van de natuur (Bacon).
Hij ging tegen aristoteles in. hij vond dat we ons teveel laten leiden door dogmatisch denken
(in regels en wetten). Observaties worden pas feiten na het tot ons doordringen. Voordat de
mens tot kennis kan komen moeten we ons eerst ontdoen van vooroordelen en
drogbeelden. Die drogbeelden zijn ook wel idolas en daarvan hebben we er vier;
- Menselijke soort; idols of the tribe = bv generaliseren
- Eigen opvattingen; idols of the cave = door aanleg, opvoeding etc
- Menselijke taal; idols of the market-place = communicatie tussen mensen die fout
gaat
- Filosofische systemen; idols of the theater = ideeen die zonder emprirsch onderzoek
ons beeld van de werkelijkheid veranderen.
Door bacon hadden we inductie als onderzoekmethode.
- Positivisme August Comte
Positivisme = alleen empirische wetenschappen zorgen voor kennis. Vooruitgang = chaos,
orde = geen vooruitgang. Comte deelt kennisverwerving op in 3 fasen;
- Theologisch; god heeft alles gedaan
- Metafysisch; opzoek naar de basis van alles. Abstracte begrippen zoals natuur, het
goede etc
- Positivistisch; wetenschap methode om werkelijkheid te verklaren. Zintuigelijk
waarneembare verschijnselen.
– Wetenschap gebaseerd is op positieve feiten (Wiener Kreis)
Het verificatieprincipe. Logisch positivisme, geen metafysica.
Wiener kreis is groep wetenschappers uit wenen. Volgens hen moet iedere uitspraak terug
te voeren zijn naar observeerbare realiteit. Verificatie principe = moet aan te tonen zijn.
Bijvoorbeeld verslaving kan je aantonen in het brein, dus feit.
Synthetische uitspraak = empirisch te verifiëren
Analytische uitspraak = logica en wiskunde
Logisch positivisme = observaties door empirische ervaring en logisch redeneren door
observaties. Confirmatie = des te meer waarnemingen het aantonen, des te meer redenen
om iets aan te nemen. Verificatie zegt dat uitspraak die overeenstemt met observatie waar
is. Confirmatie zegt dat uitspraak die overeenstemt met observatie bevestigd wordt.
Inductie; aantal waarnemingen is groot, ze moeten herhaald worden en geen waarneming
mag tegenspreken. Een paradox is logisch ongeldig. Het is tegenstrijdig dat je via
waarneming kennis kunt hebben van iets wat je nog nooit eerder hebt gezien.
– wetenschap gezien wordt als toetsing van theorie aan het experiment (Popper);
Toetsen van een theorie in stappen;
, - Theorie gesteld
- Basiszin van theorie kan in tegenspraak zijn met theorie zelf
- Als basiszin klopt, klopt theorie niet → falsificator is waarnemening
waarmee theorie niet klopt
Corroboratie si maat voor weerstand die theorie heeft geboden tegen pogingen tot
falsificatie. Demarcatie; valse wetenschap. Theorieen die niet te testen zijn zijn volgens
popper niet wetenschappelijk. Als iets buiten een paradigma valt moet alles opnieuw.
– de wetenschappelijke gemeenschap wetenschappelijke denkpatronen (paradigma’s)
bepaalt (Kuhn);
De structuur van wetenschappelijke revoluties. Een paradigma = systeem van opvattingen
over hoe iets is en hoe we deze moeten interpreteren. Alle wetenchappers ewrekn vanuit
één paradigma. Problemen die hier niet bij passen worden aan de kant gezet. Kuhn zegt dat
iets pas buiten een paradigma valt in een tijd van revolutionaire wetenschap.
Wanneer de berg van problemen te groot is, is er een nieuw paradigma nodig.
Wetenschappelijk paradigma volgens Kuhn;
- Keuze tussen theorieen is niet mogelijk
- Groei van kennis is niet aangetoond
- Regels zijn niet noodzakelijk voor groei van kennis
– vele methoden van onderzoek als wetenschappelijk worden beschouwd
(Feyerabend);
Hij ontkent het bestaan van universele methodologische regerls. Alle opinies moeten
gehoord kunnen worden. Wetenschappelijke vooruitgang is alleen als je ‘regels’ breekt.
Wetenschap is niet objectief, omdat wetenschappers alleen onderzoeken waar zij
geinteresseerd in zijn.
– wetenschap als interpretatie wordt benaderd (hermeneutiek van Dilthey);
Hermeneutiek = het interpreteren van menselijke ervaringen, natuurwetenschappen niet
geschikt. Kennen van de oorzaak van een ervaring is anders dan begrijpen.
Geesteswetenschap = geest, geen algemene wet nodig om te verklaren
Natuurwetenschap = verklaren gebeurtenissen dmv algemene wetten
- Beleving; iets meemaken dat betekenis heeft
- Uitdrukking; betekenis van beleving noteren
- Begrijpen; betekenis van beleving snappen doro uitdrukking van de beleving
– wetenschap als maatschappelijke praktijk wordt gezien (Latour) + actor-
netwerktheorie.
Actornetwerktheorie (ANT) = mensen en objecten staan gelijk aan elkaar en hebben allebei
vermogen om de wereld om hen heen te veranderen.
Subjectief = meningsgericht
- De empiristische benaderingswijze van de natuur (Bacon).
Hij ging tegen aristoteles in. hij vond dat we ons teveel laten leiden door dogmatisch denken
(in regels en wetten). Observaties worden pas feiten na het tot ons doordringen. Voordat de
mens tot kennis kan komen moeten we ons eerst ontdoen van vooroordelen en
drogbeelden. Die drogbeelden zijn ook wel idolas en daarvan hebben we er vier;
- Menselijke soort; idols of the tribe = bv generaliseren
- Eigen opvattingen; idols of the cave = door aanleg, opvoeding etc
- Menselijke taal; idols of the market-place = communicatie tussen mensen die fout
gaat
- Filosofische systemen; idols of the theater = ideeen die zonder emprirsch onderzoek
ons beeld van de werkelijkheid veranderen.
Door bacon hadden we inductie als onderzoekmethode.
- Positivisme August Comte
Positivisme = alleen empirische wetenschappen zorgen voor kennis. Vooruitgang = chaos,
orde = geen vooruitgang. Comte deelt kennisverwerving op in 3 fasen;
- Theologisch; god heeft alles gedaan
- Metafysisch; opzoek naar de basis van alles. Abstracte begrippen zoals natuur, het
goede etc
- Positivistisch; wetenschap methode om werkelijkheid te verklaren. Zintuigelijk
waarneembare verschijnselen.
– Wetenschap gebaseerd is op positieve feiten (Wiener Kreis)
Het verificatieprincipe. Logisch positivisme, geen metafysica.
Wiener kreis is groep wetenschappers uit wenen. Volgens hen moet iedere uitspraak terug
te voeren zijn naar observeerbare realiteit. Verificatie principe = moet aan te tonen zijn.
Bijvoorbeeld verslaving kan je aantonen in het brein, dus feit.
Synthetische uitspraak = empirisch te verifiëren
Analytische uitspraak = logica en wiskunde
Logisch positivisme = observaties door empirische ervaring en logisch redeneren door
observaties. Confirmatie = des te meer waarnemingen het aantonen, des te meer redenen
om iets aan te nemen. Verificatie zegt dat uitspraak die overeenstemt met observatie waar
is. Confirmatie zegt dat uitspraak die overeenstemt met observatie bevestigd wordt.
Inductie; aantal waarnemingen is groot, ze moeten herhaald worden en geen waarneming
mag tegenspreken. Een paradox is logisch ongeldig. Het is tegenstrijdig dat je via
waarneming kennis kunt hebben van iets wat je nog nooit eerder hebt gezien.
– wetenschap gezien wordt als toetsing van theorie aan het experiment (Popper);
Toetsen van een theorie in stappen;
, - Theorie gesteld
- Basiszin van theorie kan in tegenspraak zijn met theorie zelf
- Als basiszin klopt, klopt theorie niet → falsificator is waarnemening
waarmee theorie niet klopt
Corroboratie si maat voor weerstand die theorie heeft geboden tegen pogingen tot
falsificatie. Demarcatie; valse wetenschap. Theorieen die niet te testen zijn zijn volgens
popper niet wetenschappelijk. Als iets buiten een paradigma valt moet alles opnieuw.
– de wetenschappelijke gemeenschap wetenschappelijke denkpatronen (paradigma’s)
bepaalt (Kuhn);
De structuur van wetenschappelijke revoluties. Een paradigma = systeem van opvattingen
over hoe iets is en hoe we deze moeten interpreteren. Alle wetenchappers ewrekn vanuit
één paradigma. Problemen die hier niet bij passen worden aan de kant gezet. Kuhn zegt dat
iets pas buiten een paradigma valt in een tijd van revolutionaire wetenschap.
Wanneer de berg van problemen te groot is, is er een nieuw paradigma nodig.
Wetenschappelijk paradigma volgens Kuhn;
- Keuze tussen theorieen is niet mogelijk
- Groei van kennis is niet aangetoond
- Regels zijn niet noodzakelijk voor groei van kennis
– vele methoden van onderzoek als wetenschappelijk worden beschouwd
(Feyerabend);
Hij ontkent het bestaan van universele methodologische regerls. Alle opinies moeten
gehoord kunnen worden. Wetenschappelijke vooruitgang is alleen als je ‘regels’ breekt.
Wetenschap is niet objectief, omdat wetenschappers alleen onderzoeken waar zij
geinteresseerd in zijn.
– wetenschap als interpretatie wordt benaderd (hermeneutiek van Dilthey);
Hermeneutiek = het interpreteren van menselijke ervaringen, natuurwetenschappen niet
geschikt. Kennen van de oorzaak van een ervaring is anders dan begrijpen.
Geesteswetenschap = geest, geen algemene wet nodig om te verklaren
Natuurwetenschap = verklaren gebeurtenissen dmv algemene wetten
- Beleving; iets meemaken dat betekenis heeft
- Uitdrukking; betekenis van beleving noteren
- Begrijpen; betekenis van beleving snappen doro uitdrukking van de beleving
– wetenschap als maatschappelijke praktijk wordt gezien (Latour) + actor-
netwerktheorie.
Actornetwerktheorie (ANT) = mensen en objecten staan gelijk aan elkaar en hebben allebei
vermogen om de wereld om hen heen te veranderen.