Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting werkgroepopdrachten vbr week 5

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
11
Geüpload op
15-04-2025
Geschreven in
2024/2025

uitwerking werkgroepopdrachten. uitwerking arresten. samenvatting voorgeschreven stof.

Voorbeeld van de inhoud

hoofdstuk 4

Risicoaansprakelijkheid is een aansprakelijkheid die intreedt ongeacht of de veroorzaker een fout
heeft begaan, dus ongeacht of hij toerekenbaar onrechtmatig heeft gehandeld. In gevallen van
foutaansprakelijkheid is iemand aansprakelijk als hij schade aan een ander heeft veroorzaakt, tenzij
hij aantoont niet onzorgvuldig te hebben gehandeld. Een regel van risicoaansprakelijkheid maakt dat
het recht op schadevergoeding niet afhangt van het bewijs van toerekenbaar onrechtmatig gedrag
van de veroorzaker. Risicoaansprakelijkheid in enge zin impliceert aansprakelijkheid op grond van een
onrechtmatige daad die wordt toegerekend op grond van de wet of de verkeersopvattingen.
Risicoaansprakelijkheid in ruime zin is een aansprakelijkheid die onafhankelijk is van de vraag of er al
dan niet toerekenbaar onrechtmatig is gehandeld.



hoofdstuk 6

Zaken zijn voor menselijke beheersing vatbarre stoffelijke objecten artikel 3:2. Roerend zijn alle zaken
die niet onroerend zijn artikel 3:3 lid 2. Voor schade toegebracht door motorrijtuigen. dieren,
gevaarlijke stoffen, gebrekkige producten en andere gebrekkige roerende zaken geldt
risicoaansprakelijkheid ofwel gekoppeld aan het inherente gevaar van de zaak ofwel aan het gebrek
van de zaak. Motorrijtuigen, dieren en gevaarlijke stoffen worden als inherent gevaarlijk beschouwd.
In geval van gebrekkigheid is er in veel gevallen sprake van productaansprakelijkheid.

In het wegverkeer geldt alleen een risicoaansprakelijkheid voor aanrijding tussen een motorrijtuig
enerzijds en een voetganger of fietser anderzijds. Voor gevallen waarin verkeersdeelnemers meer
gelijkwaardig zijn, moet de aansprakelijkheid gezocht worden in de onrechtmatige daad. Artikel 185
WVW beschermt in beginsel alleen ongemotoriseerde verkeersdeelnemers. Voor toepasselijkheid is
vereist dat er op een voor het verkeer openstaande weg een ongeval plaatsvindt waarbij een
motorrijtuig is betrokken en waardoor schade wordt toegebracht aan niet door dat motorrijtuig
vervoerde personen of zaken. Voor betrokkenheid is geen fysiek contact vereist. Onder
motorrijtuigen worden alle gemotoriseerde voertuigen begrepen met uitzondering van
railvoertuigen. Het ongeval dient op de openbare weg hebben plaatsgevonden. De aansprakelijke
persoon is in beginsel de eigenaar van het motorrijtuig. In geval er sprake is van een houder, berust
op deze de aansprakelijkheid. De aansprakelijke is aansprakelijk voor gedragingen van degene door
wie hij het motorrijtuig doet of laat rijden. Aansprakelijkheid kan alleen worden afgewend wanneer
er sprake is van overmacht. De omvang van de schadevergoeding kan worden verminderd door een
geslaagd beroep op eigen schuld van de benadeelde. Hiervoor dient eerst de wederzijdse causale
bijdragen te worden vastgesteld waarop er vervolgens een specifieke billijkheidscorrectie kan worden
toegepast. In geval van kinderen jonger dan 14 jaar wordt dit vrijwel nooit aangenomen, voor hen
geldt de 100%-regel. Iedereen boven de 14 jaar valt onder de 50%-regel. Indien overmacht niet kan
worden aangenomen is de eigenaar of houder voor zeker de helft van de schade aansprakelijk. Het
uiteindelijk te vergoeden percentage van de schade hangt af van de causale verdeling en de
billijkheidscorrectie in navolging van artikel 6:101. Bij de causale verdeling gaat het om de vraag in
welke mate de aan het motorrijtuig en de benadeelde toe te rekenen omstandigheden wederzijds
aan de schade hebben bijgedragen. Deze verdeling wordt uitgedrukt in percentages. Bij de concrete
billijkheidscorrectie zijn alleen de specifieke omstandigheden van het geval van belang.

, De risicoaansprakelijkheid voor gebrekkige producten is de implementatie van een EU richtlijn. De
richtlijn is een vorm van maximumharmonisatie. Dit betekent dat lidstaten noch ten nadele noch ten
voordele van producten van de richtlijn mogen afwijken. Ook mogen lidstaten geen nieuwe regels
voor productaansprakelijkheid invoeren. De hoofdregel voor productaansprakelijkheid staat in artikel
6:185 lid 1. De producent is aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door een gebrek in zijn product.
Artikel 6:187 benoemt de personen die als producent kunnen kwalificeren. Onder producten worden
verstaan alle roerende zaken, ook nadat zij een bestanddeel zijn gaan vormen met een andere
roerende of onroerende zaak, alsmede elektriciteit. Artikel 6:186 bepaalt dat een product gebrekkig
is als het niet de veiligheid biedt die men daarvan mag verwachten, alle omstandigheden in
aanmerking genomen. Op de benadeelde berust in beginsel de bewijslast voor het gebrek, de
geleden schade en het causaal verband tussen beide. Als meerdere personen aansprakelijk zijn voor
dezelfde schade, zijn deze elk voor het geheel aansprakelijk tegenover de benadeelde. De producent
kan zijn aansprakelijkheid niet beperken of uitsluiten. Een product is gebrekkig wanneer het niet de
veiligheid biedt die men daarvan mag verwachten, alle omstandigheden in aanmerking genomen.
Hierbij zijn met name relevant de prestatie van het product, het redelijkerwijs te verwachten gebruik
van het product en het tijdstip waarop het product in het verkeer is gebracht. Ontwerpgebreken zijn
tekortkomingen die inherent zijn aan het product en die voorkomen in alle producten van hetzelfde
type. Van een fabricagefout is sprake als het individuele product niet dezelfde eigenschappen heeft
als andere producten van hetzelfde type. De reikwijdte van de bepalingen is beperkt tot schade door
dood of lichamelijk letsel, alsmede beschadiging of vernietiging van een andere zaak dan het
gebrekkige product bestemd voor privégebruik. De producent heeft zes verwerven tegen
aansprakelijkheid op grond van artikel 6:185 lid 1. De bewijslast rust op de producent. (a) hij heeft het
product niet in het verkeer gebracht, (b) het gebrek bestond niet toen het product in het verkeer
werd gebracht, (c) hij is een particulier die het product voor een niet-commercieel doel heeft
gemaakt, (d) het product is in overeenstemming met dwingende overheidsvoorschriften, (e) het
ontwikkelingsrisico-verweer, (f) het product is te wijten aan het ontwerp van het product. Een
vordering tegen de producent verjaart drie jaar nadat de benadeelde met de schade, het gebrek en
de identiteit van de producent bekend is geworden. Een vordering tegen de producent vervalt tien
jaar nadat hij het product in het verkeer heeft gebracht. Daarna geldt artikel 6:162.

Op grond van artikel 6:173 is de bezitter van een roerende zaak waarvan bekend is dat zij, als ze niet
voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen, een bijzonder
gevaar voor personen of zaken oplevert, in beginsel aansprakelijk wanneer dit gevaar zich
verwezenlijkt. De aansprakelijkheid geldt alleen voor roerende zaken. Er is sprake van een gebrek als
de zaak niet voldoet aan de eisen die men hieraan in de gegeven omstandigheden mag stellen. Voorts
moet bekend zijn dat het gebrek een bijzonder gevaar voor personen of zaken oplevert.
Aansprakelijkheid op grond van deze bepaling ontbreekt als de tenzij-clausule kan worden toegepast.
De stelplicht en bewijslast ten aanzien van het gebrek berust in beginsel op de benadeelde. De
oorzaak van het gebrek is niet van belang. Dit geldt evenmin voor het gedrag van de bezitter of diens
kennis van het gebrek. Indien aansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 in een fictieve situatie zou
hebben ontbroken als de bezitter of gebruiker het gevaar op het tijdstip van het ontstaan daarvan zou
hebben gekend, kan er een beroep op de tenzij-clausule worden gedaan. Hetzelfde geldt wanneer er
theoretisch onvoldoende tijd zou zijn geweest tussen het ontstaan van het gebrek en de realisering
ervan om het gebrek nog te kunnen verhelpen. In geval een beroep op artikel 6:173 niet tot de
mogelijkheden behoort, zal men zich moeten wenden tot artikel 6:162.

Documentinformatie

Geüpload op
15 april 2025
Aantal pagina's
11
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€3,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
tessadvos
3,0
(2)

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
werkgroepen vbr jaar 2
-
7 2025
€ 13,89 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
tessadvos Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
59
Laatst verkocht
8 maanden geleden

3,0

2 beoordelingen

5
0
4
0
3
2
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen