Hoofdstuk 11 - Strafrecht en Strafprocesrecht
Samenvatting + Toetsvragen | Antwoorden:
Strafprocedure: feitelijke gang van zaken:
Drie fasen (behandeld in het Wetboek van Strafvordering,
afkorting Sv):
1) De opsporing;
2) De vervolging;
3) De terechtzitting.
Opsporing:
De strafprocedure vangt in feite aan op het moment dat
opsporingsambtenaren (politie) iemand als verdachte aanmerken
en deze staande houden (art. 52 Sv).
Verdachte: Iemand tegen wie een redelijk vermoeden van schuld
bestaat dat hij een strafbaar feit heeft begaan (art. 27 lid 1 Sv).
Staande houden (art. 27a lid 1 Sv): De persoon in kwestie
dwingen stil te staan om hem te vragen naar zijn naam,
voornaam, geboortedatum, geboorteplaats, woon of verblijfplaats
en zijn ID.
- De persoon die staande is gehouden, is niet verplicht die
gegeven te verstrekken.
Aanhouding: Bij aanhouding door opsporingsambtenaren wordt
de verdachte meegenomen naar het politiebureau om te worden
verhoord.
- Iedereen mag de verdachte aanhouden als deze op heterdaad
is betrapt (art. 53 Sv).
Vroegverdachte (art. 27 Sv): De persoon tegen wie de verdenking
bestaat dat hij betrokken is bij het in georganiseerd verband
beramen of plegen van misdrijven, maar ten opzichte van wie
geen redelijk vermoeden van schuld bestaat in de zin van art. 27
Sv.
Toetsvraag 11.1.
Staande houden. Nee, de jongens kunnen niet als verdachten
worden beschouwd.
Toetsvraag 11.2.
Aanhouden. Nee, dat kan een burger alleen bij ontdekking op
heterdaad. De fietser hoeft helemaal niet de dief te zijn.
Verder met ‘opsporing’:
De verdachte mag, na aanhouding, ten hoogste zes uur worden
verhoord, de tijd tussen 24:00 en 9:00 uur niet meegerekend (in
totaal dus niet meer dan 15 uur); zie art. 61 lid 2 Sv.
, De verdachte heeft recht op een advocaat tijdens het verhoor
(art. 52 lid 2 en art. 63 lid 4 Sv).
De verdachte wordt expliciet meegedeeld dat hij niet verplicht is
tot antwoorden (de zogenoemde cautie, art. 29 lid 2 Sv).
- Die cautie strekt zich overigens uit tot alle verhoren van de
verdachte (ook die door de rechter).
Toevoeging: De verdachte (zonder dat hij daarvoor verder iets
moet doen) krijgt juridische hulp van een advocaat.
- Deze advocaat heeft zich voor deze taak aangemeld en wordt
ingeschakeld op het moment dat hij staat ingeroosterd (art. 40
e.v. Sv).
Inverzekeringstelling (art. 57 Sv): Houdt in dat de officier van
justitie een verdachte in het belang van het onderzoek langer in
hechtenis houdt.
- Het moet gaan om een ernstig strafbaar feit.
- Duurt driemaal 24 uur en kan met eenzelfde periode worden
verlengd (er geldt derhalve een maximale duur van zes dagen,
art. 58 lid 2 Sv).
Toetsvraag 11.3.
a) Ondertekening van het bevel, door de hulpofficier, namens de
OvJ.
b) Opheffing inverzekeringstelling.
c) Bescherming van de verdachte tegen al te gemakkelijke
vrijheidsberoving.
d) Jawel, hij kan alleen niet langer in verzekering worden gesteld.
Overtreding of licht misdrijf: Verdachte wordt staande gehouden
en we wordt een proces-verbaal opgemaakt.
- De verdachte is vervolgens vrij en wacht totdat hij een oproep
krijgt op voor de rechter te verschijnen.
- De politie kan een verdachte die een (lichte)
verkeersovertreding heeft begaan, een transactie of schikking
aanbieden.
- Het CJI (Centraal Justitieel Bureau) stuurt de verdachte een
beschikking naar zijn woonadres met een korte beschrijving
van de verkeersregel die is overtreden.
- De verdachte kan dit betalen middels een formulier (niet via
internetbankieren);
Betaalt hij deze, wordt de zaak buiten het strafrecht
gehouden en krijgt hij geen strafblad.
Is hij het niet eens, dan kan hij administratief beroep
instellen bij de Officier van Justitie.
- Bij zwaardere vergrijpen kom de OvJ in beeld.
De verdachte krijgt dan een transactie of een
strafbeschikking opgelegd.
, In deze situatie krijgt hij wel een strafblad.
Vervolging:
De OvJ is met de vervolging van strafbare feiten belast (art. 9 Sv).
- Hij is niet verplicht om met de strafprocedure door te gaan.
Opportuniteitsbeginsel: De OvJ mag maar hoeft de zaak niet per
se voort te zetten.
- Als hij besluit de zaak te laten rusten, gaat hij over tot sepot.
De vervolgingsfase treedt daarentegen in wanneer de OvJ:
- Voorlopige hechtenis vordert bij de rechter of;
- Een gerechtelijk vooronderzoek vordert bij de rechter-
commissaris.
Voorlopige hechtenis: Deze vorm van vrijheidsbeneming kan
worden toegepast, als het strafbare feit in kwestie onder meer
een misdrijf betreft waarop vier of meer jaar gevangenisstraf
staat of wanneer er ernstig vluchtgevaar dreigt dan wel gevaar
voor de maatschappij.
Staande Inverzekeri
Opsporing Aanhouden Verhoor
houden ngstelling
- Bestaat uit twee componenten (art. 63 e.v. Sv):
De bewaring (14 dagen) en;
De gevangenhouding (30 dagen, verlenging is tweemaal
mogelijk).
Voorlopige Gevangen
Vervolging Bewaring of;
hectenis houding
In totaal kan een verdachte dus maximaal 15 uur + 6 dagen + 14
dagen + 90 dagen = 110 dagen en 15 uur worden vastgehouden
voordat zijn zaak op de terechtzitting komt.
Max. 6 Max. 6
uur (+ 9 dagen
uur)
Max. 90
14 dagen
dagen
Samenvatting + Toetsvragen | Antwoorden:
Strafprocedure: feitelijke gang van zaken:
Drie fasen (behandeld in het Wetboek van Strafvordering,
afkorting Sv):
1) De opsporing;
2) De vervolging;
3) De terechtzitting.
Opsporing:
De strafprocedure vangt in feite aan op het moment dat
opsporingsambtenaren (politie) iemand als verdachte aanmerken
en deze staande houden (art. 52 Sv).
Verdachte: Iemand tegen wie een redelijk vermoeden van schuld
bestaat dat hij een strafbaar feit heeft begaan (art. 27 lid 1 Sv).
Staande houden (art. 27a lid 1 Sv): De persoon in kwestie
dwingen stil te staan om hem te vragen naar zijn naam,
voornaam, geboortedatum, geboorteplaats, woon of verblijfplaats
en zijn ID.
- De persoon die staande is gehouden, is niet verplicht die
gegeven te verstrekken.
Aanhouding: Bij aanhouding door opsporingsambtenaren wordt
de verdachte meegenomen naar het politiebureau om te worden
verhoord.
- Iedereen mag de verdachte aanhouden als deze op heterdaad
is betrapt (art. 53 Sv).
Vroegverdachte (art. 27 Sv): De persoon tegen wie de verdenking
bestaat dat hij betrokken is bij het in georganiseerd verband
beramen of plegen van misdrijven, maar ten opzichte van wie
geen redelijk vermoeden van schuld bestaat in de zin van art. 27
Sv.
Toetsvraag 11.1.
Staande houden. Nee, de jongens kunnen niet als verdachten
worden beschouwd.
Toetsvraag 11.2.
Aanhouden. Nee, dat kan een burger alleen bij ontdekking op
heterdaad. De fietser hoeft helemaal niet de dief te zijn.
Verder met ‘opsporing’:
De verdachte mag, na aanhouding, ten hoogste zes uur worden
verhoord, de tijd tussen 24:00 en 9:00 uur niet meegerekend (in
totaal dus niet meer dan 15 uur); zie art. 61 lid 2 Sv.
, De verdachte heeft recht op een advocaat tijdens het verhoor
(art. 52 lid 2 en art. 63 lid 4 Sv).
De verdachte wordt expliciet meegedeeld dat hij niet verplicht is
tot antwoorden (de zogenoemde cautie, art. 29 lid 2 Sv).
- Die cautie strekt zich overigens uit tot alle verhoren van de
verdachte (ook die door de rechter).
Toevoeging: De verdachte (zonder dat hij daarvoor verder iets
moet doen) krijgt juridische hulp van een advocaat.
- Deze advocaat heeft zich voor deze taak aangemeld en wordt
ingeschakeld op het moment dat hij staat ingeroosterd (art. 40
e.v. Sv).
Inverzekeringstelling (art. 57 Sv): Houdt in dat de officier van
justitie een verdachte in het belang van het onderzoek langer in
hechtenis houdt.
- Het moet gaan om een ernstig strafbaar feit.
- Duurt driemaal 24 uur en kan met eenzelfde periode worden
verlengd (er geldt derhalve een maximale duur van zes dagen,
art. 58 lid 2 Sv).
Toetsvraag 11.3.
a) Ondertekening van het bevel, door de hulpofficier, namens de
OvJ.
b) Opheffing inverzekeringstelling.
c) Bescherming van de verdachte tegen al te gemakkelijke
vrijheidsberoving.
d) Jawel, hij kan alleen niet langer in verzekering worden gesteld.
Overtreding of licht misdrijf: Verdachte wordt staande gehouden
en we wordt een proces-verbaal opgemaakt.
- De verdachte is vervolgens vrij en wacht totdat hij een oproep
krijgt op voor de rechter te verschijnen.
- De politie kan een verdachte die een (lichte)
verkeersovertreding heeft begaan, een transactie of schikking
aanbieden.
- Het CJI (Centraal Justitieel Bureau) stuurt de verdachte een
beschikking naar zijn woonadres met een korte beschrijving
van de verkeersregel die is overtreden.
- De verdachte kan dit betalen middels een formulier (niet via
internetbankieren);
Betaalt hij deze, wordt de zaak buiten het strafrecht
gehouden en krijgt hij geen strafblad.
Is hij het niet eens, dan kan hij administratief beroep
instellen bij de Officier van Justitie.
- Bij zwaardere vergrijpen kom de OvJ in beeld.
De verdachte krijgt dan een transactie of een
strafbeschikking opgelegd.
, In deze situatie krijgt hij wel een strafblad.
Vervolging:
De OvJ is met de vervolging van strafbare feiten belast (art. 9 Sv).
- Hij is niet verplicht om met de strafprocedure door te gaan.
Opportuniteitsbeginsel: De OvJ mag maar hoeft de zaak niet per
se voort te zetten.
- Als hij besluit de zaak te laten rusten, gaat hij over tot sepot.
De vervolgingsfase treedt daarentegen in wanneer de OvJ:
- Voorlopige hechtenis vordert bij de rechter of;
- Een gerechtelijk vooronderzoek vordert bij de rechter-
commissaris.
Voorlopige hechtenis: Deze vorm van vrijheidsbeneming kan
worden toegepast, als het strafbare feit in kwestie onder meer
een misdrijf betreft waarop vier of meer jaar gevangenisstraf
staat of wanneer er ernstig vluchtgevaar dreigt dan wel gevaar
voor de maatschappij.
Staande Inverzekeri
Opsporing Aanhouden Verhoor
houden ngstelling
- Bestaat uit twee componenten (art. 63 e.v. Sv):
De bewaring (14 dagen) en;
De gevangenhouding (30 dagen, verlenging is tweemaal
mogelijk).
Voorlopige Gevangen
Vervolging Bewaring of;
hectenis houding
In totaal kan een verdachte dus maximaal 15 uur + 6 dagen + 14
dagen + 90 dagen = 110 dagen en 15 uur worden vastgehouden
voordat zijn zaak op de terechtzitting komt.
Max. 6 Max. 6
uur (+ 9 dagen
uur)
Max. 90
14 dagen
dagen