Hoofdzaken
● Hoe en waardoor liberalisering plaatsvond in de Nederlandse samenleving.
● Welke contacten er waren tussen Nederland en het buitenland.
● Welke jongerenculturen opkwamen.
● Welke ontwikkelingen er waren in de multiculturele samenleving.
Leidende vraag
Waardoor veranderde de maatschappelijke verhoudingen in Nederland tussen 1978
en 2008?
, Liberalisering en individualisering
In 1970 kon de verzorgingsstaat de economische crisis opvangen, doordat de
economie in 1975 groeide en de werkloosheid was beperkt. In tegenstelling tot de
WW-uitkering bleef de AOW-uitkering doorgaan tot het pensioen. In 1980 nam de
druk op de verzorgingsstaat toe en deden mensen tijdens de economische crisis
veel aanspraak op de uitkeringen → Kritiek op de verzorgingsstaat ← Te duur en te
bureaucratisch → Bedrijven werden beperkt en geld ging naar de
overheid → Bedrijven hielden weinig geld over om winst te maken of te
investeren → CDA en VVD kozen voor een liberaal beleid → Meer vrijheid voor
bedrijven, herstel van winsten, bezuiniging op overheidsuitgaven en beperkingen
van de verzorgingsstaat. 1982 - 1994 → Kabinet onder leiding van CDA-leider
Lubbers. Kabinetten Lubbers bezuinigden de verzorgingsstaat → Uitkeringen
werden lager en er kwamen strengere eisen voor de AOW. Staatsbedrijven werden
geprivatiseerd → Verkocht aan particuliere aandeelhouders. Vakbonden verzetten
zich en er werd actie gevoerd toen in 1983 de ambtenarensalarissen werden
verlaagd. Onder het kabinet-Lubbers keerde de economische rust terug door het
poldermodel → Accepteerde lagere lonen in ruil voor vrije tijd en meer banen.
In 1985 herstelde de economie. Nederland is een handelsstad en profiteert van de
groeiende internationale handel ← Europese samenwerking + Globalisering. In 1989
daalde de werkloosheid, maar de AOW-uitkeringen bleven stijgen → Lubbers ging
door met de bezuinigingen op de verzorgingsstaat. In 1995 tot 2001 was de
economische groei hoog en nam het aantal banen toe. De economische groei kwam
niet door industrialisatie, maar door de dienstensector en de komst van het internet
en mobiele telefoons. In 2008 kwam er een einde aan de economische groei en
kwam er een economische crisis → Achteruitgang. Vanaf 1980 ging er minder geld
naar de overheid en werd de rol van bedrijven en handel groter.
Sociaaldemocratische ideeën over een maakbare samenleving → Liberaal
vertrouwen in de vrije verwerking van de markt en zelfredzaamheid van burgers
zonder afhankelijkheid van de staat. In 1990 gingen de sociaaldemocraten mee in
het liberaal vertrouwen → PvdA kon regeren met de VVD en D66 → Paarse
kabinetten onder leiding van PvdA-leider Kok. Confessionelen maakten geen deel uit
van het kabinet → Gevolg van de ontzuiling.