Week 1a
De persoon
Algemeen
- Geen juridische omschrijving van ‘de persoon’ in de wet
- Persoon= al wat drager van rechten en verplichtingen kan zijn
o Art. 1:1 BW
Lid 1 lid 1 zegt dat de mens rechtsbevoegdheid heeft
Lid 2 lid 2 zegt dat toestanden (persoonlijke dienstbaarheden) die
leiden tot het verlies van rechtsbevoegdheid, zoals slavernij,
lijfeigenschap en horigheid niet is toegestaan.
LET OP: een arbeidsovereenkomst waarbij je dus ook
ondergeschikt bent is natuurlijk wel toegestaan en valt niet
onder dit verbod.
Ook niet verwarren met handelingsonbekwaamheid, want ook
als je handelingsonbekwaam bent dan kan je nog steeds drager
van rechten en verplichtingen zijn.
Artikel 1:2 BW
- Hoofdregel: persoonlijkheid begint bij levend geboren worden en eindigt bij
overlijden.
o Een soort uitzondering hierop is art. 1:2 BW “als de vrouw zwanger is het
kind als geboren aanmerken zolang zijn belang dat vordert”.
Erfrecht
Het kan noodzakelijk zijn dat een ongeboren kind al erft.
Afstamming
Het kan noodzakelijk zijn dat een ongeboren kind al wordt
erkend ‘prenataal erkennen” dus voor de geboorte.
Wrongfull life/ baby Kelly
Kind werd geboren met een zware handicap. Ouders hadden
de baby niet willen houden wanneer zij voorafgaand aan de
geboorte hadden geweten dat het kind gehandicapt was. De
verloskundige had een fout daarin gemaakt. De ouders wilden
schadevergoeding van de verloskundige en het ziekenhuis:
o Het ging om schadevergoeding aan de moeder
Moeder had sowieso schade geleden, want zij
heeft het kind gedragen en uit haar is het kind
geboren.
o Schadevergoeding aan de vader
Had de vader in deze zaak schade geleden?
Ja, want los van de moeder heeft de vader ook
de verplichting tot levensonderhoud jegens het
kind. Dus op basis van art. 8 EVRM was dat een
grondslag voor schadevergoeding.
, o En schadevergoeding aan het kind
Kan de baby aanspraak maken op
schadevergoeding? Er werd aangeknoopt bij de
geneeskundig behandelingsovereenkomst die de
moeder had gesloten met het ziekenhuis, maar
de baby is daar geen partij in. Dus werd baby
Kelly aangemerkt als reeds geboren omdat het
belang dat vorderde. De schadevergoeding die
werd toegekend was dus op basis van de
tekortkoming in die overeenkomst. En zo’n
overeenkomst tref je aan in art. 7:453 BW en er
werd expliciet gesteld dat de tekortkoming
jegens de moeder ook een tekortkoming jegens
de baby is, omdat er op basis van die
overeenkomst ook een verplichting is tegenover
de baby. De schadevergoeding betrof alleen
vanaf het 21e levensjaar.
Art. 6:108 lid 1 sub a BW
Dit artikel gaat ook over een schadevergoeding, maar dan in
het geval dat het schadeveroorzakende feit het overlijden als
gevolg heeft.
Kinderbeschermingsmaatregelen
Kinderbeschermingsmaatregelen (gedwongen hulp) zijn
eigenlijk een inbreuk op art. 8 EVRM, want je hebt in
Nederland het recht om jouw family life zo in te richten zoals jij
dat wil. Dus je mag zelf weten hoe je je kind opvoedt enz. maar
de staat heeft ook een positieve verplichting dat als het niet
goed gaat in het gezin dat het moet ingrijpen. Dat is een
gerechtvaardigde inbreuk op art. 8 EVRM (zie ook het
Marckx v. Belgium arrest). Is het echter ook mogelijk
om een kind wat nog in de buik van de moeder zit via art. 1:2
BW in bescherming te nemen door een
kinderbeschermingsmaatregel op te leggen? Dus door de
moeder verplicht op te nemen in een kliniek omdat ze zelf gene
hulp wil voor haar kind en het kind verwaarloosd wordt in haar
buik? Nee zei de recht, dit kan niet via art. 1:2 BW, want als we
dit toewijzen komt het er feitelijk op neer dat de vrijheid van
moeder bedingt wordt. En dat kan wel die opties hebben we
wel in de wet. Maar daarvoor is de machtiging uithuisplaatsing
niet bedoeld. Daarvoor moet een procedure gestart worden op
basis van de wet verplichte geestelijke Gezondheidszorg en de
wet zorg en dwang. Op basis daarvan kan je iemand dwingen
om opgenomen te worden in een gezondheidskliniek.
,Zie ook arrest Marckx v. Belgium Het gemaakte onderscheid in het Belgische erfrecht
tussen kinderen die wel en kinderen die niet in familierechtelijke betrekking staan tot een
ouder is niet in overeenstemming met art. 8 jo. 14 EVRM, onder andere omdat de erkenning
door de moeder een ontoelaatbare belemmering voor de normale ontwikkeling van het
gezinsleven vormde. Een natuurlijk kind (=kind geboren buiten huwelijk) heeft net zo veel
recht als het wettig kind (=kinderen geboren binnen een huwelijk) om in een
familierechtelijke betrekking te staan met de moeder.
De nationaliteit
Algemeen
- Het uitgangpunt is het voorkomen van Bipatride (2 nationaliteiten) en Aptride (geen
nationaliteit hebben).
- Recht op nationaliteit niet expliciet in het EVRM
o Art. 8 EVRM het kan wel gelezen worden in art. 8 EVRM.
o Art. 3 vierde protocol EVRM indirect kan het ook in dit artikel gelezen
worden, namelijk staat er dat je niet mag worden verwijderd van het
grondgebied van de staat waar je onderdaan bent. En je mag het recht ook
niet worden ontzegd om op die grond te komen.
Hoe verkrijg je de Nederlandse nationaliteit
- Van rechtswege
o Art. 3 lid 1 RWN
o Art. 3 lid 2 RWN (territorialiteitsprincipe)
o Art. 4 RWN
o Art. 5 RWN
o Art. 5a RWN
o Art. 5b RWN
o Art. 5c RWN
- Door het afleggen van een schriftelijke verklaring die bevestigd wordt
o Art. 6 RWN
- Door naturalisatie
o Art. 7 t/m 13 RWN
o Art. 23 lid 2 RW (verklaring van verbondenheid)
Hoe verlies je het Nederlanderschap
- Verlies van het Nederlanderschap vindt plaats op bepaalde, limitatief in art. 14-16a
Rijkswet op het Nederlanderschap opgesomde gronden.
- Verlies van Nederlanderschap treedt niet in als staatloosheid daarvan het gevolg zou
zijn, tenzij het Nederlanderschap frauduleus is verkregen (art. 14 lid 8 RWN).
- Art. 15 en 15a noemen de gronden waarop een meerderjarige de Nederlandse
nationaliteit verliest (onder andere door het vrijwillig verkrijgen van een andere
nationaliteit en door het afleggen van een verklaring van afstand).
- Art. 14 lid 6, art. 16 en 16a noemen de gronden waarop een minderjarige de
Nederlandse nationaliteit verliest.
, o Art. 14 lid 6 noemt als grond voor verlies van het Nederlanderschap door een
minderjarige het wegvallen van de familierechtelijke betrekking waarop het
Nederlanderschap is gebaseerd.
o Ingevolge art. 16 en 16a verliest een minderjarige onder andere het
Nederlanderschap als zijn vader of moeder vrijwillig een andere nationaliteit
verkrijgt of afstand doet van het Nederlanderschap. Maar zolang de andere
ouder het Nederlanderschap nog bezit, verliest de minderjarige de
Nederlandse nationaliteit niet.
Vaststelling Nederlanderschap art. 17 RWN
Wat als je wel de Nederlandse nationaliteit hebt, maar dat het nergens is geregistreerd.
Bijvoorbeeld omdat je een Nederlandse vader hebt, maar wel altijd in het buitenland
gewoond en geboren bent. Dan kan je bij de rechtbank in Den Haag een verzoek in dienen
om dit vast te stellen. En dat kan op grond van artikel 17 RWN. Dus alleen de rechtbank in
Den Haag behandelt deze verzoeken.
De naam
Voornaam (art. 1:4 BW)
- Het moment van verkrijgen van de naam vindt plaats bij de aangifte van geboorte (lid
1). De naam wordt vervolgens opgenomen in een geboorteakte en daarmee is de
naam bepaald.
- De ambtenaar van de burgerlijke stand kan de naam weigeren op 2 gronden:
o 1. De voornaam mag geen bestaande achternaam zijn (dit gebeurde vooral
toen het nog niet mogelijk was om 2 achternamen te kiezen dus dan deden
ouders een normale voornaam en een achternaam als tweede naam en dan
nog de ‘echte’ achternaam. Dat mag dus niet.
o 2. Als de naam onbehoorlijk is.
Als de ambtenaar de naam weigert, dan heb je geen mogelijkheid om
hiertegen in beroep te gaan. Wat je dan wel kan doen is de ambtenaar
zelf de naam te laten kiezen, dan kan je vervolgens op grond van lid 4
een voornaam wijzigingsverzoek instellen bij de rechtbank. Als je dan
dezelfde voornaam verzoekt die de ambtenaar heeft afgewezen dan
gaat de rechter die naam nogmaals beoordelen.
- Voornaam wijzigen kan op grond van lid 4.
De geslachtsnaam (achternaam) (art. 1:5 BW)
- Algemeen
o Vader/ Moeder/ Beide Sinds 1998 is er een keuzemogelijkheid in de wet
waarin je mag kiezen of het kind de achternaam van de vader of moeder
krijgt. Sinds 2024 is het ook mogelijk dat een kind beide achternamen krijgt
(lid 4).
Er moeten bij de geboorte van het kind dan wel 2 juridische ouders
zijn.