Hoorcollege 1 – Introductie Cultuur........................................................................2
Hoorcollege 2 – Cultuur en communicatie..............................................................5
Hoorcollege 3 – Cultuurverschillen in verbale communicatie.................................9
Hoorcollege 4 – Culturele waarden (deel 1)..........................................................14
Hoorcollege 5 – Cultuurverschillen in non-verbale communicatie........................19
Hoorcollege 6 – Culturele waarden (deel 2)..........................................................22
Hoorcollege 7 – Culturele waarden in communicatieonderzoek...........................27
Hoorcollege 8 – Stereotypen en representatie van ‘de ander’..............................30
Hoorcollege 9 – Omgaan met cultuurverschillen..................................................33
Hoorcollege 10 – Cultuurverschillen.....................................................................37
Hoorcollege 11 – Interculturele communicatie en de nieuwe media....................42
,Hoorcollege 1 – Introductie Cultuur
Interculturele Communicatie bestaat uit drie basisbegrippen:
1. Cultuur: Wat is cultuur? Hoe verschillen culturen van elkaar?
2. Communicatie: Wat is communicatie? Hoe verschilt communicatie van cultuur tot cultuur?
3. Interculturele communicatie: Wat gebeurt er wanneer culturen met elkaar in contact komen?
Wat is cultuur?
Wooclap ‘Waarin verschillen culturen van elkaar?’: normen & waarden, tradities, gewoontes, taal etc.
Je hebt aan de ene kant manieren van doen, en aan de andere kant een manier van denken.
Een cultuur is een set observeerbare praktijken (=dingen die mensen doen), maar het kan ook gezien
worden als een (gedeelde) manier van denken. Cultuur kan een combinatie zijn van beide aspecten.
Er kunnen verschillen optreden tussen culturen. Voorbeeld: Het artikel “Mijn Syrische buren brengen
mij steeds eten, hoe kan ik attent terug zijn?” illustreert zo’n cultureel verschil. In Nederland is het
niet gebruikelijk om vaak eten naar de buren te brengen, maar in andere culturen wordt dit als normaal
gezien. Het antwoord op de vraag van het artikel is eveneens cultureel bepaald.
De verschillen in ‘doen’ binnen culturen zijn vaak duidelijk observeerbaar, maar de onderliggende
manier van denken niet. Daarom interpreteren we deze taak vaak vanuit onze eigen normen en
waarden.
Cultuur kent meerdere definities:
Liu et al. (2015) definiëren cultuur als de specifieke manier van leven van een groep mensen,
gebaseerd op doen en denken. “During the process of learning and adapting to the
environment, different groups of people have learned distinctive ways to organize their world
(Dodd, 1998). A group’s unique ways of doing and thinking become their beliefs, values,
worldviews, norms, rituals, customs, and their communication styles – ultimately, their
cultural traditions.”
Geertz (1973) definieert cultuur als een gedeelde manier van betekenis geven. “The fabric of
meanings in terms of which human beings interpret their experience and guide their action.”
Hofstede, Hofstede en Minkov (2010) definiëren cultuur als de collectieve mentale
programmering die de leden van één groep of categorie mensen onderscheidt van die van
andere. Deze definitie wordt ook gebruik in het boek van deze cursus.
Het ui-model van Hofstede is een model om de organisatiecultuur te beschrijven en te typeren in de
vorm van verschillende cultuurelementen (die vormen de schillen rondom een kern, zoals de schillen
van een ui). De kern bestaat uit de (onzichtbare) waarden en hieromheen liggen de praktijken:
Symbolen zijn woorden, gebaren, afbeeldingen, voorwerpen. Deze hebben voor een bepaalde
cultuur een specifieke betekenis. Bijvoorbeeld de vlag van een land, traditionele kleding etc.
2
, Helden zijn personen met eigenschappen die in een cultuur bijzonder gewaardeerd worden.
Zij dienen als een rolmodel. Bijvoorbeeld Johan Cruijf, Annie MG Smidt, het koningshuis etc.
Rituelen worden als volgt gedefinieerd: collectieve activiteiten die technisch gesproken
overbodig zijn om het gewenste doel te bereiken, maar die binnen een cultuur als sociaal
essentieel worden beschouwd. Bijvoorbeeld het koffieritueel in Ethiopië of het dragen van
oranje op Koningsdag. Wij als Nederlanders vinden het ook belangrijk om met z’n alle
gezellig te eten (in vergelijking met andere culturen kan je dit als culturele praktijk zien).
Waarden zijn verschillen in wat we normaal ‘goed’ en ‘belangrijk’ vinden. Onderzoek naar
culturele waarden wordt gedaan met behulp van vragenlijsten, want je kan deze niet direct
observeren. Aan de hand van stellingen, kunnen verschillen tussen culturele duidelijk gemaakt
worden.
Praktijken kun je makkelijk observeren, waarden niet.
Dodd (1998) heeft cultuur ook voorgesteld als ui. Dit model heeft overeenkomsten met dat van
Hofstede, maar voegt ook instituties toe. Instituties zijn manieren waarop we onze samenleving
vormgeven. Bijvoorbeeld het parlement, of door religie.
Nationale culturen en subculturen:
Nationale cultuur = een cultuur die gedeeld wordt door de inwoners van het land. Alles wat
betrekking heeft op nationale culturen, heeft ook betrekking op subculturen.
Subcultuur = cultuur die gedeeld wordt door een deel van de mensen binnen een land. Voorbeelden
van subculturen zijn:
- Etnisch: een groep mensen met een gedeelde afkomst en tradities die door generaties zijn
overgedragen.
- Sociale klasse: gebaseerd op inkomen, educatie, beroep etc.
- Organisatiecultuur: cultuurverschillen tussen bedrijven.
- Regionale cultuur: bijvoorbeeld de Randstad versus de Achterhoek.
- Leeftijd, geslacht etc.
In deze cursus hebben we het vooral tussen verschillen tussen landen, maar dit kan dus ook betrekking
hebben op subculturen.
Het belang van Interculturele Communicatie:
3
, Het belang van Interculturele Communicatie wordt vaak weergegeven met een ijsberg:
Interculturele Communicatie is belangrijk omdat we in een geglobaliseerde wereld leven.
Globalisering = Het verbreden, verdiepen en versnellen van wereldwijde interconnectiviteit in
alle aspecten van het sociale leven.
McLuhan (1962) introduceerde de term ‘global village’ ( = mondiaal dorp). Hiermee bedoelde hij dat
door technologische ontwikkelingen de plaats- en tijdsbarrières verdwijnen. Vandaag lijkt het
mondiale dorp te bestaan. Twee specifieke ontwikkelingen spelen hierbij een rol:
1. Transport, waardoor verplaatsingen makkelijker kunnen worden.
2. Communicatie, dankzij computers kunnen we tegenwoordig constant in contact staan met
anderen.
De KOF-Globalisatie Index meet de mate van globalisatie in de wereld aan de hand van specifieke
indexen. Het omvat drie belangrijke aspecten:
Economisch: handel, investeringen etc.
Sociaal: persoonlijk contact, informatieverkeer, aantal McDonalds restaurants etc.
Politiek: buitenlandse ambassades, deelname VN-missies etc.
Ook in het bedrijfsleven is Interculturele Communicatie van belang. Het is steeds gebruikelijker om
personeel te hebben dat afkomstig is uit het buitenland. Een voorbeeld is BOL.com: de interne
communicatie verloopt nu ook in het Engels.
4