Toedieningsvormen
Vb:
Tabletten
infuus
gel
inhalator
Negatief effect oraal toedienen: moet langs de maag, waarbij de pH heel zuur is
Route van toediening
Systemisch = via bloedbaan
Oraal (via mond)
Parenteraal (naast de darm)
Transdermaal (via de huid)
Lokaal = niet via bloedbaan
Oraal (blijft alleen in de mond)
Dermal (via huid alleen lokaal, vb: zalf)
Enteraal: maag-darm stelsel
Darm heel belangrijk orgaan voor opname stoffen door oppervlakte vergroting
Enterohepatische kringloop
Als een stof wordt opgenomen door de darm wordt het getransporteerd door het bloed vis de
poortader naar de lever.
Lever gaat aan de slag met de stof. Er kunnen metabolieten worden gevormd of stof gaat
onveranderd terug naar de galblaas.
Via galblaas keert stof terug in de darm. De stof kan dan weer worden opgenomen door de darm en
weer in de lever terecht komen.
Welke gevolgen voor het lichaam heeft het als een farmacon de enterohepatische kringloop
doorloopt?
Bij een stof die een enterohepatische kringloop doorloopt is de bloedconcentratie lager
Dit komt omdat een deel van de stof niet in het bloed bevindt maar in de kringloop
Verblijfsduur van een stof is langer in het lichaam dan zonder de enterohepatische kringloop.
Absorptie
, ADME
• Absorptie vanuit plek van toediening naar bloed.
• Distributie (verdeling) over lichaam vanuit het bloed.
• Metabolisme (omzetting en afbraak).
• Excretie (faeces/urine).
Absorptie is het proces waarbij de stof wordt ingenomen/ toegediend
Stof moet door aantal cellagen voordat het uiteindelijk in het bloed terecht komt
In de route naar het bloed kan de stof plakken aan eiwit
Wanneer stof verdeeld is over het lichaam gaat er een evenwicht ontstaan tussen stof dat gebonden
is aan eiwitten en die vrij is.
De vrije variant kan binden aan target.
Hoe komt een stof over membranen?
Via twee verschillende mechanismen:
Passieve diffusie
Farmaca kunnen via ionkanalen
Als ze apolair ( geen lading/heel klein) zijn kunnen ze ook door het membraan gaan.
Er moet wel een grotere concentratie zijn aan de kant waar ze zitten als ze naar de andere kant
willen verplaatsen
Of er is sprake van een elektrostatische kracht waardoor een stof zich beter voelt aan de andere kant
van de membraan.
Actief transport
Via een transportmolecuul
Vb:
Tabletten
infuus
gel
inhalator
Negatief effect oraal toedienen: moet langs de maag, waarbij de pH heel zuur is
Route van toediening
Systemisch = via bloedbaan
Oraal (via mond)
Parenteraal (naast de darm)
Transdermaal (via de huid)
Lokaal = niet via bloedbaan
Oraal (blijft alleen in de mond)
Dermal (via huid alleen lokaal, vb: zalf)
Enteraal: maag-darm stelsel
Darm heel belangrijk orgaan voor opname stoffen door oppervlakte vergroting
Enterohepatische kringloop
Als een stof wordt opgenomen door de darm wordt het getransporteerd door het bloed vis de
poortader naar de lever.
Lever gaat aan de slag met de stof. Er kunnen metabolieten worden gevormd of stof gaat
onveranderd terug naar de galblaas.
Via galblaas keert stof terug in de darm. De stof kan dan weer worden opgenomen door de darm en
weer in de lever terecht komen.
Welke gevolgen voor het lichaam heeft het als een farmacon de enterohepatische kringloop
doorloopt?
Bij een stof die een enterohepatische kringloop doorloopt is de bloedconcentratie lager
Dit komt omdat een deel van de stof niet in het bloed bevindt maar in de kringloop
Verblijfsduur van een stof is langer in het lichaam dan zonder de enterohepatische kringloop.
Absorptie
, ADME
• Absorptie vanuit plek van toediening naar bloed.
• Distributie (verdeling) over lichaam vanuit het bloed.
• Metabolisme (omzetting en afbraak).
• Excretie (faeces/urine).
Absorptie is het proces waarbij de stof wordt ingenomen/ toegediend
Stof moet door aantal cellagen voordat het uiteindelijk in het bloed terecht komt
In de route naar het bloed kan de stof plakken aan eiwit
Wanneer stof verdeeld is over het lichaam gaat er een evenwicht ontstaan tussen stof dat gebonden
is aan eiwitten en die vrij is.
De vrije variant kan binden aan target.
Hoe komt een stof over membranen?
Via twee verschillende mechanismen:
Passieve diffusie
Farmaca kunnen via ionkanalen
Als ze apolair ( geen lading/heel klein) zijn kunnen ze ook door het membraan gaan.
Er moet wel een grotere concentratie zijn aan de kant waar ze zitten als ze naar de andere kant
willen verplaatsen
Of er is sprake van een elektrostatische kracht waardoor een stof zich beter voelt aan de andere kant
van de membraan.
Actief transport
Via een transportmolecuul