Inhoudsopgave......................................................................................................................(2)
Inleiding..................................................................................................................................(3)
1 Deelvraag 1: Hoe is de studiefinanciering geregeld in Nederland?..........................(4-5)
2 Deelvraag 2: Hoe is de studiefinanciering in Europese landen geregeld en wat zijn de
verschillen ten opzichte van
Nederland?............................................................................(6-7-8)
3 Deelvraag 3: Wat zijn de argumenten van de voor- en tegenstanders ten bate van de
Nederlandse student geweest om het leenstelsel in te
voeren?..........................................(9-10)
4 Deelvraag 4: Wat zijn de voor- en nadelen van het afsluiten van een
studielening als de student géén studiefinanciering nodig
heeft?........................................(11-12)
5 Deelvraag 5: Wat zijn de argumenten van de voor- en tegenstanders geweest ten bate
van de Nederlandse economie om het leenstelsel in te
voeren?..................................(13-14-15)
Eindconclusie…………………….............................................................................................(16)
Bronvermelding..............................................................................................................(17-18-1
9)
Logboek...................................................................................................................................(20
)
2
, Inleiding
In dit onderzoek wordt antwoord gegeven op de hoofdvraag: Waarom werd de
studiefinanciering via een leenstelsel ingevoerd in 2015 en wat waren de gevolgen hiervan? In
dit onderzoek wordt dus onderzocht waarom deze financiering is ingevoerd en wat het effect
daarvan is. In het eerste hoofdstuk wordt besproken hoe de studiefinanciering in Nederland is
geregeld. Belangrijk is namelijk om eerst te weten hoe de studiefinanciering vóór 2015 was
geregeld en om te kijken wat de verschillen zijn met de situatie van nu. Vervolgens wordt er
antwoord gegeven op de vraag hoe de studiefinanciering in Europese landen is geregeld en
wat de verschillen zijn met Nederland. Bovendien worden de argumenten van de voor- en
tegenstanders ten bate van de Nederlandse student om het leenstelsel in te voeren
besproken. Er zijn ook studenten die een studielening afsluiten terwijl ze die helemaal niet
nodig hebben, wat de voor- en nadelen hiervan zijn zullen ook in dit werkstuk worden
besproken. In het laatste hoofdstuk wordt besproken wat de argumenten van de voor- en
tegenstanders zijn geweest om het leenstelsel in te voeren ten bate van de Nederlandse
economie. Bij de laatste drie deelvragen is het van belang dat deze argumenten worden
afgewogen om te kijken welke overwegingen precies de doorslag hebben gegeven om
uiteindelijk de overstap te maken van basisbeurs naar het leenstelsel in 2015.
3