### **Familierecht**
1. Wat is het doel van alimentatie binnen het familierecht?
A) Het bestraffen van de minstverdienende partner
B) Het ondersteunen van de onderhoudsverplichting tussen partners of voor
kinderen
C) Het afschaffen van financiële banden na een scheiding
D) Het compenseren van de kosten van juridische procedures
2. Onder welke voorwaarden kan een huwelijk in Nederland worden ontbonden?
A) Alleen bij wederzijdse toestemming van de partners
B) Bij duurzame ontwrichting of overspel
C) Alleen via een gerechtelijke uitspraak
D) Bij het bereiken van een minimale huwelijkse periode van vijf jaar
3. Wat betekent gezag in het familierecht?
A) Het recht om een kind te adopteren
B) De verantwoordelijkheid voor de opvoeding en verzorging van een kind
C) De bevoegdheid om over financiële zaken te beslissen binnen een huwelijk
D) Het recht om contact te hebben met een kind
---
### **Seksualiteit**
4. Wat is de juridische leeftijdsgrens voor seksuele meerderjarigheid in Nederland?
A) 14 jaar
B) 16 jaar
C) 18 jaar
D) 21 jaar
5. Welke seksuele oriëntatie verwijst naar aantrekkingskracht op personen ongeacht
hun geslacht?
A) Heteroseksualiteit
B) Biseksualiteit
C) Panseksualiteit
D) Aseksualiteit
6. Wat is het belangrijkste doel van seksuele voorlichting op scholen in Nederland?
A) Het ontmoedigen van seksuele relaties voor het huwelijk
B) Het bevorderen van kennis over anticonceptie en consent
C) Het beperken van tienerzwangerschappen
D) Het voorkomen van seksuele diversiteit
---
### **De Tweede Kamer en partijen**
7. Welke van de volgende taken behoort niet tot de bevoegdheden van de Tweede
Kamer?
A) Het controleren van de regering
B) Het maken van nieuwe wetten
C) Het benoemen van de ministers
D) Het recht van interpellatie
8.Welke politieke stroming wordt gekenmerkt door het streven naar een vrije markt en
minimale overheidsbemoeienis?
A) Conservatisme
, B) Socialisme
C) Liberalisme
D) Ecologisme
9. Bij welke stroming hoort de partij GroenLinks het meest?
A) Liberalisme
B) Socialisme en ecologisme
C) Conservatisme
D) Nationalisme
---
### **Systeembenadering**
10. Wat is een kernprincipe van de systeembenadering?
A) De focus ligt op individuele keuzes
B) Gedrag wordt vooral bepaald door biologische factoren
C) Alles staat in relatie tot elkaar en vormt samen een geheel
D) Het bestuderen van geïsoleerde problemen
11. Hoe wordt het gezin volgens de systeembenadering gezien?
A) Als een verzameling van individuen met eigen doelen
B) Als een hiërarchisch systeem waarin één lid dominant is
C) Als een interactief systeem waarin leden elkaar beïnvloeden
D) Als een los verband zonder duidelijke relaties
12. Wat betekent homeostase in de context van de systeembenadering?
A) De ontwikkeling van nieuwe rollen binnen een systeem
B) Het vermogen van een systeem om in balans te blijven
C) Het streven naar volledige onafhankelijkheid van systemen
D) Het proces van conflict binnen een systeem
---
### **Macht**
13. Wat is een voorbeeld van informele macht?
A) Een rechter die een uitspraak doet in een rechtszaak
B) Een CEO die beslissingen neemt voor een bedrijf
C) Een populaire influencer die trends bepaalt
D) Een politicus die wetgeving introduceert
14. Welke vorm van macht wordt verkregen door kennis en expertise?
A) Dwingende macht
B) Referentiemacht
C) Deskundigheidsmacht
D) Legitieme macht
15. Wat is het kenmerk van macht in een democratie?
A) Macht wordt verdeeld en gecontroleerd door de wet
B) Macht wordt geconcentreerd bij een elitegroep
C) Macht wordt vooral uitgeoefend via dwang en geweld
D) Macht wordt alleen uitgeoefend door volksvertegenwoordigers
---
### **Cultuur**
16. Wat wordt verstaan onder cultuur?
1. Wat is het doel van alimentatie binnen het familierecht?
A) Het bestraffen van de minstverdienende partner
B) Het ondersteunen van de onderhoudsverplichting tussen partners of voor
kinderen
C) Het afschaffen van financiële banden na een scheiding
D) Het compenseren van de kosten van juridische procedures
2. Onder welke voorwaarden kan een huwelijk in Nederland worden ontbonden?
A) Alleen bij wederzijdse toestemming van de partners
B) Bij duurzame ontwrichting of overspel
C) Alleen via een gerechtelijke uitspraak
D) Bij het bereiken van een minimale huwelijkse periode van vijf jaar
3. Wat betekent gezag in het familierecht?
A) Het recht om een kind te adopteren
B) De verantwoordelijkheid voor de opvoeding en verzorging van een kind
C) De bevoegdheid om over financiële zaken te beslissen binnen een huwelijk
D) Het recht om contact te hebben met een kind
---
### **Seksualiteit**
4. Wat is de juridische leeftijdsgrens voor seksuele meerderjarigheid in Nederland?
A) 14 jaar
B) 16 jaar
C) 18 jaar
D) 21 jaar
5. Welke seksuele oriëntatie verwijst naar aantrekkingskracht op personen ongeacht
hun geslacht?
A) Heteroseksualiteit
B) Biseksualiteit
C) Panseksualiteit
D) Aseksualiteit
6. Wat is het belangrijkste doel van seksuele voorlichting op scholen in Nederland?
A) Het ontmoedigen van seksuele relaties voor het huwelijk
B) Het bevorderen van kennis over anticonceptie en consent
C) Het beperken van tienerzwangerschappen
D) Het voorkomen van seksuele diversiteit
---
### **De Tweede Kamer en partijen**
7. Welke van de volgende taken behoort niet tot de bevoegdheden van de Tweede
Kamer?
A) Het controleren van de regering
B) Het maken van nieuwe wetten
C) Het benoemen van de ministers
D) Het recht van interpellatie
8.Welke politieke stroming wordt gekenmerkt door het streven naar een vrije markt en
minimale overheidsbemoeienis?
A) Conservatisme
, B) Socialisme
C) Liberalisme
D) Ecologisme
9. Bij welke stroming hoort de partij GroenLinks het meest?
A) Liberalisme
B) Socialisme en ecologisme
C) Conservatisme
D) Nationalisme
---
### **Systeembenadering**
10. Wat is een kernprincipe van de systeembenadering?
A) De focus ligt op individuele keuzes
B) Gedrag wordt vooral bepaald door biologische factoren
C) Alles staat in relatie tot elkaar en vormt samen een geheel
D) Het bestuderen van geïsoleerde problemen
11. Hoe wordt het gezin volgens de systeembenadering gezien?
A) Als een verzameling van individuen met eigen doelen
B) Als een hiërarchisch systeem waarin één lid dominant is
C) Als een interactief systeem waarin leden elkaar beïnvloeden
D) Als een los verband zonder duidelijke relaties
12. Wat betekent homeostase in de context van de systeembenadering?
A) De ontwikkeling van nieuwe rollen binnen een systeem
B) Het vermogen van een systeem om in balans te blijven
C) Het streven naar volledige onafhankelijkheid van systemen
D) Het proces van conflict binnen een systeem
---
### **Macht**
13. Wat is een voorbeeld van informele macht?
A) Een rechter die een uitspraak doet in een rechtszaak
B) Een CEO die beslissingen neemt voor een bedrijf
C) Een populaire influencer die trends bepaalt
D) Een politicus die wetgeving introduceert
14. Welke vorm van macht wordt verkregen door kennis en expertise?
A) Dwingende macht
B) Referentiemacht
C) Deskundigheidsmacht
D) Legitieme macht
15. Wat is het kenmerk van macht in een democratie?
A) Macht wordt verdeeld en gecontroleerd door de wet
B) Macht wordt geconcentreerd bij een elitegroep
C) Macht wordt vooral uitgeoefend via dwang en geweld
D) Macht wordt alleen uitgeoefend door volksvertegenwoordigers
---
### **Cultuur**
16. Wat wordt verstaan onder cultuur?