Neuron bestaat uit:
• Dendrietenboom (post synaptische potentialen)
• Soma
• Axon
Als een neuron eenmaal een actiepotentiaal heeft, blijft hij deze houden (ook overal
hetzelfde, alles of niets)
Saltatoire conductie
• Myeline schede (zorgt voor versnelling actiepotentiaal van 2 m/sec naar 100m/sec)
• Insnoering van Ranvier → zorgt voor de sprongsgewijze geleiding
Synaptische transmissie
Actiepotentiaal activeert voltage-gated
calcium kanalen. Calcium komt in
presynaptisch neuron → fusie van
neurotransmitters met membraan
waardoor ze vrijkomen in synaptische
spleet → binden aan receptoren (ofwel
verhoging, hyperpolarisatie/excitatoir,
ofwel verlaging, inhiberend)
Soma (cellichaam neuron)
• Dient voor de eiwitsynthese! Bij
het doorsnijden (kapotgaan) van
een zenuw sterft het deel dat niet aan het axon verbonden zat alsnog af, doordat
deze geen eiwitten meer kan genereren
Parese: partieel verlies van motoriek
Paralyse: volledig verlies van motoriek
Axonen van afferente en efferente
neuronen liggen vaak samen in een
zenuw (perifeer) of liggen dicht bij
elkaar (ruggenmerg/hersenstam)
→ bij een laesie vaak zowel
motorische als sensorische uitval
,Astrocyten
Astrocyten zijn heel belangrijk → astrocytische extensies bedekken de gehele oppervlakte
van elk soma, dendriet en axon
• Zorgen ook voor structurele support
• Reguleren de ECF door opname K+ en neurotransmitters
Om het bloedvat heen zitten ook astrocyten, deze
vormen een deel van de bloed-hersen barrière: glia
limitans perivascularis
Glia limitans superficialis: grenzing aan de
subarachnoïde ruimte (van buitenaf)
• Deel van de bloed-liquor barrière
Hersenen, embryonale ontwikkeling
Rond 28 dagen had je alleen het prosencephalon, mesencephalon en rhombencephalon
Rond 35 dagen splitsen:
• Prosencephalon in telen- en diencephalon
• Rhombencephalon in meten- en myelencephalon
Telencephalon
• Frontaalkwab
• Pariëtale kwab
• Occipitaal kwab
• Temporale kwab
,Sulcus centralis cerebri (redelijk oppervlakkig, alleen omgeven door neocortex)
• Ventrale zijde (precentrale gyrus): primaire somatomotorische cortex. Alle vrijwillige
bewegingen komen hier vandaan
• Dorsale zijde (postcentrale gyrus): primaire somatosensorische cortex. Alle
sensorische informatie komt hier als eerste in de cortex
Fissura lateralis cerebri (heel diep, omlijnd door neocortex, allocortex (oude cortex) en
body)
Meninges
Functie: bescherming tegen het ‘uit een splashen’ van de hersenen
Buitenste vlies: dura mater (ook
wel pachymeninx)
• Perosteale laag
• Meningeale laag
Leptomeninx:
• Arachnoid mater
• Pia mater (valt alleen te zien
op microscoop, 1 cellaag
dik)
Tussen deze 2 lagen ligt de
subarachnoïdale ruimte, hierin ligt
de liquor/cerebrospinale vloeistof!
Zorgt voor schokdemping en hierin
liggen de arteriën en venen
Vliezen lopen allen helemaal mee met het ruggenmerg (= dura mater proper), behalve de
perosteale laag. Pereost = bloedvatrijke buitenbekleding van bot
Deze lagen samen + de subarachnoïdale ruimte heten de durale zak
• Durale zak blijft op zijn plaats, verticaal door het filum terminale
• Horizontaal door dura mouwtjes ‘’dural sleeves’’
Ruggenmerg en durazak zijn verbonden door de ligamentum denticulata (pial ligaments)
, Meningeale ruimten
Epidurale ruimte: ligt rond de dura en is ter hoogte van de schedel virtueel (zit als het ware
tegen elkaar geplakt, bij bijv. bloeding wordt deze gevuld). Ter hoogte van ruggenmerg is
deze wel een echte ruimte. Hierin ligt vooral vet voor schokdemping. Daarnaast ligt er ook
een veneuze plexus die het vet een beetje warm houdt
Subdurale ruimte: virtueel
Subarachnoïdale ruimte: hierin ligt dus de cerebrospinale vloeistof
Subarachnoïdale ruimte loopt nog helemaal door,
zelfs verder dan het ruggenmerg. Die zak aan de
onderkant noem je de cisterna lumbalis
Cisterna magna: kan evt. ook nog CSF worden
uitgehaald
Boven het cerebellum vinden we het cisterna
superior (cisterna ambiens)
Cisterna interpeduncularis → zit tussen de
‘kronkels’ van het cerebrum
Epiduraal hematoom
• Wordt veroorzaakt door een scheur in een arterie die
het bot voorziet → bloeduitstorting tussen de dura
mater en het schedelbot
• Als je er relatief snel bij bent, kan je met een gat in de
schedel de druk verlagen
Subdurale bloeding
Venen kruisen van de subarachnoide ruimte naar de durale
sinusen: bloedvaatjes onder de dura mater gaan kapot vaak door
trauma aan het hoofd
<---------