Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

samenvatting sociale wetenschappen leerjaar 2 periode 1

Beoordeling
-
Verkocht
4
Pagina's
38
Geüpload op
05-10-2020
Geschreven in
2020/2021

Volledige samenvatting sociale wetenschappen. Voeding en diëtetiek. Leerjaar 2, periode 1.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting sociale wetenschappen

Thema 1 Leertheorieën
Leerdoelen

1. weet wat het verschil is tussen klassieke conditionering, operante conditionering, en cognitief leren
2. kan de overeenkomsten en verschillen tussen modellen die gedrag verklaren, en modellen die gedrag
veranderen uitleggen
3. kan het voedingsgedrag van de verschillende casuïstieken in deze periode met behulp van de kennis uit de
leertheorieën analyseren
4. kan de kennis over leertheorieën toepassen in de casuïstieken gericht op het bevorderen van gezond
gedrag
Bronnen
 Hoofdstuk 4. Psychologie: een inleiding. Zimbardo, P., Johnson, R., & McCann


Leren: een blijvende verandering in gedrag of mentale processen als gevolg van een bepaalde ervaring.
- We hebben eenvoudige en complexe vormen van leren.

Bij een eenvoudige, reflexmatige reactie, zoals opspringen wanneer je een onverwacht hard geluid hoort, is géén
sprake van leren, omdat ze geen blijvende verandering produceert. Hoewel er een verandering in gedrag mee
gepaard gaat, is dat een reactie van voorbijgaande aard.

Sommige vormen van leren zijn tamelijk eenvoudig: habituatie en mere-exposure-effect.

Habituatie: leren niet te reageren op de herhaalde aanbieding van een stimulus.
Als je bijvoorbeeld in de buurt van een drukke straat woont, leer je om het geluid van het verkeer te negeren.

Mere-exposure-effect: aangeleerde voorkeur voor stimuli waaraan we al eerder zijn blootgesteld.
Als je een liedje bijvoorbeeld al een aantal keer hebt gehoord, word je eerder aangetrokken tot het liedje dan
wanneer je het liedje voor de allereerste keer hoort.

Stimulus-respons-leren: vormen van leren die we kunnen beschrijven in termen van stimuli en responsen, zoals
klassieke- en operante conditionering.

Klassieke conditionering: een elementaire vorm van leren waarbij een stimulus die een aangeboren reflex oproept,
wordt geassocieerd met een voorheen neutrale stimulus, die daarop het vermogen verwerft om dezelfde respons
op te roepen.
- Deze vorm van leren bepaalt voor een groot deel wat we wel en niet prettig vinden.
- Dankzij het proces van klassieke conditionering leren organismen welke signalen gevaar aangeven, de
aanwezigheid van voedsel, de mogelijkheid van seksuele interactie of andere zaken die de kans op
overleving vergroten.

De kernpunten van klassieke conditionering:

Eenvoudige, automatische responsen, ofwel reflexen zoals speekselafscheiding, de kniereflex en de knipperreflex
worden onder normale omstandigheden veroorzaakt door stimuli die biologisch gezien belangrijk zijn. Zo vormt de
knipperreflex een belangrijke bescherming voor de ogen en helpt de speekselreflex bij de spijsvertering.

Echter ontdekte Pavlov dat deze reflexieve responsen gekoppeld konden worden aan nieuwe stimuli: neutrale
stimuli die daarvoor geen respons opleverden. Om te begrijpen hoe deze geconditioneerde reflexen ontstonden,
gebruikte Pavlovs team een eenvoudige strategie. Eerst gespten ze een ongetrainde hond in een tuigje, vervolgens
lieten ze met tussenpozen een bepaald geluid klinken, waarna de hond steeds een beetje voedsel kreeg. Eerst
produceerde de hond alleen speeksel nadat hij voedsel kreeg, een normale biologische reflex. Nadat het geluid en




1

,het voedsel herhaaldelijk waren aangeboden, begon de hond echter ook als het geluid zonder voedsel werd
aangeboden, speeksel te produceren. Een neutrale stimulus (NS= een stimulus die van nature geen reactie
oproept) koppelen aan een reflex oproepende stimulus (zoals voedsel), zal ervoor zorgen dat na verloop van tijd
een aangeleerde respons (speekselproductie) zal oproepen die gelijk is aan de oorspronkelijke reflex. Hetzelfde
conditioneringsproces veroorzaakt bij mensen de associatie van bloemen of chocolade met romantiek.

Klassieke conditionering begint altijd met een ongeconditioneerde stimulus (UCS= stimulus die zonder
conditionering een reflexieve respons oproept). In Pavlovs experiment was voedsel de UCS, omdat het de reflex
van speekselvorming opriep, wat in dit geval de ongeconditioneerde respons (UCR= de respons die
voorafgaande aan de verweringsfase wordt opgeroepen door een UCS). De verbinding tussen UCS en UCR zit
ingebakken en bestaat dus zonder leren.

Tijdens de verweringsfase, het eerste leerstadium in klassieke conditionering, wordt een neutrale stimulus
(bijvoorbeeld geluid van een bel) herhaaldelijk samen met de UCS aangeboden. Dit samen aanbieden wordt in de
klassieke conditionering contiguïteit (= het samen, of vlak na elkaar, aanbieden van de NS en de UCS) genoemd.
Na een aantal pogingen zal de neutrale stimulus in principe dezelfde respons oproepen als de UCS. Zodra het
geluid tot speekselafscheiding leidt, zeggen we dat de oorspronkelijke neutrale stimulus is veranderd in een
geconditioneerde stimulus (CS). Het geluid is nu in staat dezelfde respons van speekselafscheiding op te roepen
als de UCS. Hoewel de respons op de CS in essentie dezelfde is als de speekselrespons die oorspronkelijk door de
UCS werd geproduceerd, noemen we
hem nu de geconditioneerde respons
(CR).

Net als bij het vertellen van een mop is
timing essentieel in conditionering. In
de meeste gevallen moeten de CS en
UCS snel na elkaar worden
aangeboden, zodat het organisme het
gewenste verband kan leggen.
De tijdsperiode tussen de CS en de UCS
die tot de beste conditionering leidt, is
afhankelijk van het soort respons dat
moet worden geconditioneerd. Voor
motorische responsen, zoals het
knipperen met de ogen, is een kort
interval van minder dan een seconde
het beste. Voor viscerale responsen
(automatische biologische reacties of
processen zoals de hartslag en de
speekselafscheiding) werken langere
intervallen van vijf tot vijftien seconden
het beste. Geconditioneerde angst
vereist intervallen van vele seconden of
zelfs minuten om zich te kunnen
ontwikkelen.

Stel dat het water je nog steeds in de
mond loopt wanneer je de bel hoort van een school in de buurt, als gevolg van je ervaring met de lunchbel op jouw
middelbare school (klassieke conditionering). Blijft deze geconditioneerde respons permanent onderdeel van je
gedragsrepertoire? Nee, extinctie zorgt ervoor dat dit niet zo is.




2

,Extinctie: de afname van een geconditioneerde associatie als gevolg van de afwezigheid van een
ongeconditioneerde stimulus of bekrachtiger. De geconditioneerde respons dooft uit als we de CS (het geluid)
herhaaldelijk aanbieden zonder UCS (het voedsel).

Extinctie betekent niet dat de respons voorgoed verdwenen is. Een angst voor kleine ruimtes kan bijvoorbeeld
plots de kop weer opsteken. Ben je heerlijk lang op vakantie geweest waar je alle ruimte had en moet je ineens
met het vliegtuig terug, dan kan deze angst ineens toch weer terugkomen. Dit noemen we spontaan herstel.

Spontaan herstel: het terugkeren van een uitgedoofde geconditioneerde respons na een rustperiode. Dit
spontane herstel vindt plaats wanneer de CR, na extinctie en een daaropvolgende periode zonder blootstelling
aan de CS, zich opnieuw voordoet als reactie op de CS. Gelukkig is de CR in dat geval doorgaans minder sterk.

Als je bang bent voor spinnen, zul je waarschijnlijk op alle soorten en maten hetzelfde reageren. Dit proces, waarbij
je een geconditioneerde respons vertoont op stimuli die op de CS lijken, wordt stimulusgeneralisatie genoemd.
Stimulusgeneralisatie= de uitbreiding van een aangeleerde respons naar stimuli die lijken op de geconditioneerde
stimulus.

In het dagelijks leven komt generalisatie vaak voor bij mensen die angsten hebben opgelopen als gevolg van
traumatische gebeurtenissen. Stimulusgeneralisatie zorgt ervoor dat we aangeleerde responsen toepassen in
nieuwe situaties.

Stimulusdiscriminatie is het
tegenovergestelde van generalisatie en
wordt ook wel selectief leren genoemd.
Het doet zich voor als een organisme
leert op een bepaalde stimulus te
reageren, maar niet op gelijksoortige
stimuli.

Stimulusdiscriminatie: het leren van een
nieuwe respons op een specifieke
stimulus, maar niet op een andere daarop
gelijkende stimuli.

Bij het bekijken van reclamecampagnes
leren we ook een onderscheid te maken
tussen merken, zoals bijvoorbeeld
advertentiestrijd tussen Apple en
Samsung.

Evaluerende conditionering: een speciaal
type klassieke conditionering dat veel van
onze voorkeuren beïnvloedt, dat waar we
van leren te houden of juist niet.




3

, Geconditioneerde voedselaversies
Veel mensen doen in hun leven een slechte ervaring op met een bepaald soort voedsel. Vele jaren later is het
ruiken of zien van het voedsel waarvan ze ooit ziek werden genoeg om misselijkheid te veroorzaken.
De neiging om smaakaversies te ontwikkelen ligt deels in onze biologische aard maar is ook aangeleerd.

Operante conditionering= een vorm van stimulus-respons-leren waarbij de kans op een respons verandert
door het gevolg ervan, oftewel door de stimuli die op de respons volgen.

In operante conditionering volgen op gedrag consequenties in de vorm van beloningen en straffen, die de kans
op herhaling van dat gedrag beïnvloeden.

‘Vrijwillige’ gedragingen worden in werkelijkheid aangestuurd door beloningen en straffen, en omdat
beloningen en straffen bij klassieke conditionering geen rol spelen, moet er een andere belangrijke vorm van
leren aan het werk zijn. Dit noemen we operante conditionering, een tweede vorm van stimulus-respons-leren.
Een operant is waarneembaar gedrag dat een organisme gebruikt om in zijn omgeving te ‘opereren’, dat wil
zeggen de omgeving te kunnen beïnvloeden. Als je dit boek leest om een goed cijfer te halen voor je examen, is
het lezen operant gedrag.

Je zou operante conditionering ook kunnen beschouwen als een vorm van leren waarbij de verwachte
consequenties van gedrag kunnen aanzetten tot een gedragsverandering.

Enkele veelgebruikte beloningen zijn geld, complimenten, voedsel of hoge cijfers. Ze zijn allemaal in staat om
het gedrag waarop ze volgen te versterken. Straffen als pijn, een boete of lage cijfers hebben de neiging om het
gedrag waarmee ze worden geassocieerd juist te ontmoedigen. Het concept van operante conditionering heeft
minstens twee sterke kanten. Ten eerste is operante conditionering van toepassing op veel meer gedragstypen
dan klassieke conditionering en ten tweede vormt het een verklaring voor de manier waarop organismen
nieuwe en complexe gedragingen leren, en niet volkomen afhankelijk zijn van aangeboren reflexen.

De grondlegger van de operante conditionering, de Amerikaanse psycholoog B.F. Skinner, baseerde zijn hele
carrière op het idee dat de krachtigste invloeden op het gedrag de gevolgen zijn: datgene wat onmiddellijk na
het gedrag gebeurt. Dit was feitelijk niet door hemzelf bedacht. Het idee dat het gedrag door beloningen en
straffen wordt aangestuurd, had hij geleend van een andere Amerikaanse psycholoog, die had aangetoond dat
hongerige dieren ijverig werkten om een probleem door middel van trial-and-error (het uitproberen en leren
van fouten) op te lossen teneinde een voedselbeloning te krijgen. Na opeenvolgende proeven verdwenen de
foute reacties en werden effectieve reacties aangeleerd. Trial-and-error= door middel van het uitproberen en
leren van fouten een oplossing vinden voor een probleem. Een begrip waarmee behavioristen het aanleren van
nieuw gedrag verklaren. Thorndike (de Amerikaanse psycholoog) noemde dit de wet van effect, = het idee dat
reacties die de gewenste resultaten produceren, worden geleerd, of dat leren wordt geleid door het effect dat
bepaald gedrag heeft. Volgens deze wet leidt gedrag van een dier tot plezierige of onplezierige resultaten, en
beïnvloeden die resultaten op hun beurt de kans dat het dier het gedrag nogmaals zal vertonen.

De principes van operante conditionering:

In het dagelijks leven spreken we vaak over een ‘beloning’. Skinner verkoos de preciezere term bekrachtiger.
Hiermee bedoelde hij elke omstandigheid die op een respons volgt en die versterkt.

Bekrachtiger: Een situatie (het aanbieden of verwijderen van een stimulus) die op een respons volgt en die
versterkt.

- Voor de meeste mensen zijn voedsel, seks en geld sterke bekrachtigers. Hetzelfde geldt voor
aandacht, complimenten en een glimlach. Dat zijn allemaal voorbeelden van positieve bekrachtiging.




4

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 7
Geüpload op
5 oktober 2020
Aantal pagina's
38
Geschreven in
2020/2021
Type
SAMENVATTING
€5,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
amkegerrits Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
28
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
14
Documenten
0
Laatst verkocht
3 jaar geleden

4,6

5 beoordelingen

5
4
4
0
3
1
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen