NSM is een theorie
Er zijn 3 theorieën:
Systeemtheorie (hoe kijk je naar de mens)
Preventietheorie (hoe kijk je naar je verpleegkundige taak)
Stress coping theorie (hoe verklaar je reacties van een mens)
Wat doen verpleegkundigen:
Praktisch handelen als basis
Theorie als onderbouwing voor dat handelen
Je begint altijd met een onderbouwing als verpleegkundige voor een handeling
Ieder vak heeft zijn eigen metaparadigma’s
Systeemtheorie: hoe kijk je naar de mens?
Als een systeem dat continue in verbinding staat met de omgeving
Een systeem ka 1 persoon zijn, een gezin, een familie, een klas…
Vanuit een holistisch, integraal perspectief: alles is (potentieel) belangrijk!
Met een basisstructuur die op 5 verschillende variabelen interacteert met de omgeving
Die ter bescherming verschillende verdedigingslinies heeft
5 variabelen: (denk aan een taart met 5 lagen)
Fysiologisch
Spiritueel
Psychologisch
Sociaal cultureel
Ontwikkeling
Stressoren:
Ieder systeem moet je zien als een fort. Er is altijd een kern. Ieder systeem heeft een basiskern wat
voor het leven staat. Dus als de kern is aangetast is je leven aangetast. Om dat fort zo goed mogelijk
te beschermen zijn er verschillende verdedigingslinies. Bijvoorbeeld weerstand en speeksel.
Preventietheorie:
Als verpleegkundige kijk je alleen maar naar verbetering. Iemand zo gezond mogelijk houden als in de
situatie waarin hij zich verkeert.
Primair: voorkomen van verstoring
Secundair: herstellen van de balans (wat kan je doen om te zorgen dat iemand zich nog zo
goed mogelijk voelt)
Tertiair: het vinden van een nieuwe balans (hoe zorg je ervoor dat iemand kan omgaan met
het probleem)
Er moet altijd wat extra energie overblijven bij de patiënt.