Week 2: introductie embryologie
Spina bifida is ziektebeeld. Vandaag beginnen we met anatomie en embryologie.
Anatomie= studie over de vorm en structuur van het menselijk lichaam na de geboorte vormt een
basis voor alle medische disciplines
Embryologie= studie van de normale ontwikkeling van het menselijk lichaam voor de geboorte,
accent op de fase vanaf de conceptie tot en met de organogenese. Helpt om de volwassen anatomie
te verklaren.
Eerste deel week 1: blastocyst
Week 1/8: Embryo
Rest: foetale ontwikkeling
Spina bifida= split spine
Neural tube defects (NTDs)
o Probleem in de vroege embryologie met vorming hersenen en/of ruggenmerg en de
omringende weefsels
o Van zeer milt tot niet met leven verenigbaar
o Congenitaal probleem (aangeboren), ook genetische factoren (maar ook over
voeding -> nemen van foliumzuur)
Spina bifida is een NTD. Er zijn verschillende typen spina bifida (met verschillende klinische
presentatie)
o Er kunnen problemen zijn met wervelkolom, ruggenmerg of beide (of weefsels er
omheen)
Prenatale ontwikkeling
Centrale zenuwstelsel is één van de eerste dingen die echt ontstaan in de
embryonale fase. De groei in de embryonale periode is enorm
Week 2- Implantation: van bal naar tweelaagse schijf (bilimanar disc).
De blastocyst moet opgevangen worden in de
baarmoederwand. De ene laag cellen wordt de
toekomstige buikzijde van de embryo (hypoblast
ventraal) en rugzijde (epiblast dorsaal). De omliggende
cellen gaan de placenta vormen
Week 3-gastrulation: proces waarbij 3 kiembladen
worden gevormd uit epiblast
Dorsale kant vruchtzak, en hypoblastkant krijgt een
dooierzak. 2 laagje embryo wordt 3 laagjes embryo.
1. Aan de kant van de epiblast komt een verdikking ->
er ontstaat een groefje -> cellen gaan verbinding met
,elkaar verliezen -> cellen gaan migreren en worden naar beneden getrokken (continue celdeling) -> ze
gaan de hypoblast vervangen door het endoderm (ventrale kant) (eerste kiemblad).
2. Er zijn ook cellen die tussen de endoderm en de epiblast gaan zitten. Hierdoor vormt zich een
nieuwe laag: Mesoderm (tweede kiemblad)
3. Overgebleven cellen (kant van het epiblast) worden het ectoderm (dorsale kant). (derde kiemblad)
(vruchtzak en dooierzak zijn er nog steeds)
(endoderm: binnenbekleding maag-darmkanaal,
ectoderm: is buitenkant van het lichaam (huid en
zenuwstelsels)) verder grootste gedeelte is van het
mesoderm.
Week 3- Vorming van het notochord
Chorda dorsalis (notochord). Er gaan ook epiblast cellen naar voren groeien-> notochord (buis in de
mediaan van het embryo) Belangrijk: het notochord induceert de vorming van het zenuwstelsel.
Geen notochord = geen zenuwstelsel
Notochord induceert: het ectoderm gaat verdikken (vooral het mediale deel) -> gaat twee plooien
genereren . De twee vouwen gaan elkaar naderen en komen elkaar tegen = neural tube/ neurale buis.
-> gaat een buis vormen door de omliggende structuren die eromheen zijn gegroeid. Het ectoderm
dat over is gaat de buitenkant vormen.
Week 3 en 4 – sluiting van de neurale buis
, Week 4 – laterale en ventrale vouwing
Oppervlakte ectoderm + deel mesoderm vouwt naar lateraal en naar ventraal worden
getrokken (gaat om het hele embryo vormen)
Van schijf naar cilinder. Vorming lichaamswand en lichaamsholtes
Dooierzak verplaatst het lichaam in = epitheel oerdarm (maag-darmkanaal)
Eerste differentiatie van het mesoderm (wat in het midden ligt). Alle cellen gaan differentiëren.
er gaan 3 structuren ontstaan
1. Para axiale mesoderm: dichtbij de kern. Hier ontstaan botten/spieren en diepere delen van de
huid. Allemaal blokjes weefsels komen hier uit: somieten
2. Intermediaire mesoderm
3. Zijplaat mesoderm
Week 4 – somiet: zijn bouwstenen/segmenten die op hun beurt differentierein in:
- Myotoom (spieren)
- Dermatoom (diepere delen van de huid)
- Sclerotoom (botten, ligt dicht tegen de neurale buis
aan myotoom en dermatoom liggen daar omheen). Als
de neurale buis niet goed dicht gaat gaan deze 3
bouwstenen ook niet goed ontwikkelen want kunnen
niet goed om de neurale buis heen plakken.
Spina bifida: verstoorde ontwikkeling Sclerotoom (en
soms dermatoom en myotoom)
Met of zonder non-closure van (een deel van) de
neurale buis
College redeneren
Case:
22 weken en 4 dagen zwanger (tot aan 24 weken mag abortus)
Verdenking spina bifida: hoofd had de vorm van een citroen / banaan (cerebellum wordt naar
beneden verplaats -> kleine hersenen worden naar beneden gedrukt en gaan comprimeren
met ruggenmerg) (Cèle: uitstulping van het ruggenmerg naar buiten toe)
Kinderen met spina bifida liggen vaker in stuit omdat de benen vaker omhoog liggen omdat
de benen verlamd zijn (wordt met het vruchtwater een beetje naar boven gedragen)
Meningocele: vliesachtig weefsel met vocht Myelomeningocele: met neuraal weefsel
occulta: huid is gewoon nog gesloten dus geen wond (tethered cord vaak bij spina bifdia
occulta: het zenuwweefsel zit vaak vast onderaan -> baby’tje gaat groeien waardoor het
zenuwweefsel onder spanning komt te staan (zenuwweefsel groeit minder snel dan bot en
spieren) waardoor het minder goed gaat werken -> uitvalsverschijnselen (plas problemen zijn
vaak een heel vroeg signaal / endeldarm -> eerst zindelijk later niet meer). Mensen met spina
bifida hebben vaak ook hun zenuwweefsel heel laag liggen doordat het dus naar beneden
wordt getrokken -> geen ruggenprik zomaar (doet op de plek waar geen zenuwweefsel bij L3
of lager want hier zit geen zenuwweefsel (alleen wortels -> gaan aan de kant)
Spina bifida is ziektebeeld. Vandaag beginnen we met anatomie en embryologie.
Anatomie= studie over de vorm en structuur van het menselijk lichaam na de geboorte vormt een
basis voor alle medische disciplines
Embryologie= studie van de normale ontwikkeling van het menselijk lichaam voor de geboorte,
accent op de fase vanaf de conceptie tot en met de organogenese. Helpt om de volwassen anatomie
te verklaren.
Eerste deel week 1: blastocyst
Week 1/8: Embryo
Rest: foetale ontwikkeling
Spina bifida= split spine
Neural tube defects (NTDs)
o Probleem in de vroege embryologie met vorming hersenen en/of ruggenmerg en de
omringende weefsels
o Van zeer milt tot niet met leven verenigbaar
o Congenitaal probleem (aangeboren), ook genetische factoren (maar ook over
voeding -> nemen van foliumzuur)
Spina bifida is een NTD. Er zijn verschillende typen spina bifida (met verschillende klinische
presentatie)
o Er kunnen problemen zijn met wervelkolom, ruggenmerg of beide (of weefsels er
omheen)
Prenatale ontwikkeling
Centrale zenuwstelsel is één van de eerste dingen die echt ontstaan in de
embryonale fase. De groei in de embryonale periode is enorm
Week 2- Implantation: van bal naar tweelaagse schijf (bilimanar disc).
De blastocyst moet opgevangen worden in de
baarmoederwand. De ene laag cellen wordt de
toekomstige buikzijde van de embryo (hypoblast
ventraal) en rugzijde (epiblast dorsaal). De omliggende
cellen gaan de placenta vormen
Week 3-gastrulation: proces waarbij 3 kiembladen
worden gevormd uit epiblast
Dorsale kant vruchtzak, en hypoblastkant krijgt een
dooierzak. 2 laagje embryo wordt 3 laagjes embryo.
1. Aan de kant van de epiblast komt een verdikking ->
er ontstaat een groefje -> cellen gaan verbinding met
,elkaar verliezen -> cellen gaan migreren en worden naar beneden getrokken (continue celdeling) -> ze
gaan de hypoblast vervangen door het endoderm (ventrale kant) (eerste kiemblad).
2. Er zijn ook cellen die tussen de endoderm en de epiblast gaan zitten. Hierdoor vormt zich een
nieuwe laag: Mesoderm (tweede kiemblad)
3. Overgebleven cellen (kant van het epiblast) worden het ectoderm (dorsale kant). (derde kiemblad)
(vruchtzak en dooierzak zijn er nog steeds)
(endoderm: binnenbekleding maag-darmkanaal,
ectoderm: is buitenkant van het lichaam (huid en
zenuwstelsels)) verder grootste gedeelte is van het
mesoderm.
Week 3- Vorming van het notochord
Chorda dorsalis (notochord). Er gaan ook epiblast cellen naar voren groeien-> notochord (buis in de
mediaan van het embryo) Belangrijk: het notochord induceert de vorming van het zenuwstelsel.
Geen notochord = geen zenuwstelsel
Notochord induceert: het ectoderm gaat verdikken (vooral het mediale deel) -> gaat twee plooien
genereren . De twee vouwen gaan elkaar naderen en komen elkaar tegen = neural tube/ neurale buis.
-> gaat een buis vormen door de omliggende structuren die eromheen zijn gegroeid. Het ectoderm
dat over is gaat de buitenkant vormen.
Week 3 en 4 – sluiting van de neurale buis
, Week 4 – laterale en ventrale vouwing
Oppervlakte ectoderm + deel mesoderm vouwt naar lateraal en naar ventraal worden
getrokken (gaat om het hele embryo vormen)
Van schijf naar cilinder. Vorming lichaamswand en lichaamsholtes
Dooierzak verplaatst het lichaam in = epitheel oerdarm (maag-darmkanaal)
Eerste differentiatie van het mesoderm (wat in het midden ligt). Alle cellen gaan differentiëren.
er gaan 3 structuren ontstaan
1. Para axiale mesoderm: dichtbij de kern. Hier ontstaan botten/spieren en diepere delen van de
huid. Allemaal blokjes weefsels komen hier uit: somieten
2. Intermediaire mesoderm
3. Zijplaat mesoderm
Week 4 – somiet: zijn bouwstenen/segmenten die op hun beurt differentierein in:
- Myotoom (spieren)
- Dermatoom (diepere delen van de huid)
- Sclerotoom (botten, ligt dicht tegen de neurale buis
aan myotoom en dermatoom liggen daar omheen). Als
de neurale buis niet goed dicht gaat gaan deze 3
bouwstenen ook niet goed ontwikkelen want kunnen
niet goed om de neurale buis heen plakken.
Spina bifida: verstoorde ontwikkeling Sclerotoom (en
soms dermatoom en myotoom)
Met of zonder non-closure van (een deel van) de
neurale buis
College redeneren
Case:
22 weken en 4 dagen zwanger (tot aan 24 weken mag abortus)
Verdenking spina bifida: hoofd had de vorm van een citroen / banaan (cerebellum wordt naar
beneden verplaats -> kleine hersenen worden naar beneden gedrukt en gaan comprimeren
met ruggenmerg) (Cèle: uitstulping van het ruggenmerg naar buiten toe)
Kinderen met spina bifida liggen vaker in stuit omdat de benen vaker omhoog liggen omdat
de benen verlamd zijn (wordt met het vruchtwater een beetje naar boven gedragen)
Meningocele: vliesachtig weefsel met vocht Myelomeningocele: met neuraal weefsel
occulta: huid is gewoon nog gesloten dus geen wond (tethered cord vaak bij spina bifdia
occulta: het zenuwweefsel zit vaak vast onderaan -> baby’tje gaat groeien waardoor het
zenuwweefsel onder spanning komt te staan (zenuwweefsel groeit minder snel dan bot en
spieren) waardoor het minder goed gaat werken -> uitvalsverschijnselen (plas problemen zijn
vaak een heel vroeg signaal / endeldarm -> eerst zindelijk later niet meer). Mensen met spina
bifida hebben vaak ook hun zenuwweefsel heel laag liggen doordat het dus naar beneden
wordt getrokken -> geen ruggenprik zomaar (doet op de plek waar geen zenuwweefsel bij L3
of lager want hier zit geen zenuwweefsel (alleen wortels -> gaan aan de kant)