Hoorcollege 1 – Wetenschapsfilosofie en Veiligheidsvraagstukken
In het eerste college werd het vak geïntroduceerd. Het draait om het
analyseren van veiligheidsvraagstukken vanuit zowel een
wetenschappelijk als ethisch perspectief, met als overkoepelend thema:
veiligheidsissues en sociale media. Denk hierbij aan onderwerpen als
privacyproblemen, phishing en scams, cyberpesten en de verspreiding van
fake news. Deze problemen worden onderzocht aan de hand van
wetenschappelijke inzichten én morele reflectie.
Vervolgens stond de wetenschapsfilosofie centraal. Studenten kregen drie
reflectieve kernvragen mee:
1. Wat is het doel van wetenschap?
2. Wat is de waarde van wetenschappelijk onderzoek?
3. Wat betekent het om een goede wetenschapper te zijn?
Er werd benadrukt dat er geen eenduidige antwoorden zijn. Verschillende
filosofen hebben door de tijd heen op deze vragen gereflecteerd. Denk aan
Descartes, die pleitte voor objectieve kennis op basis van observatie en
wiskunde. Tegelijkertijd toonden denkers als Francis Bacon en Galileo dat
waarneming en redenering altijd beperkt zijn door menselijke interpretatie.
Daartegenover staan denkers als Karl Popper, die stelt dat objectieve
kennis niet mogelijk is zonder openheid voor kritiek. Volgens Thomas Kuhn
vindt wetenschap zelfs voornamelijk plaats binnen "paradigma's",
bestaande denkkaders. Pas wanneer er te veel afwijkingen (anomalieën)
zijn, ontstaat een wetenschappelijke revolutie en een nieuw paradigma.
Ook kwam de feministische standpunttheorie aan bod, met als
uitgangspunt dat iedereen vanuit een bepaald perspectief kijkt. Volgens
filosofen als Sandra Harding kunnen juist gemarginaliseerde groepen
unieke inzichten bieden. Een voorbeeld hiervan is de verschuiving in het
autismeonderzoek: van het "deficit-paradigma" naar het "double empathy
problem", dat niet meer uitgaat van een gebrek bij autistische mensen,
maar van een wederzijds onbegrip tussen hen en neurotypische mensen.
Als onderzoeker is het belangrijk kritisch te reflecteren op je eigen framing
van het probleem, de keuze van je methode, en de manier waarop je
stakeholders presenteert. Je moet kunnen uitleggen waarom jouw
onderzoek wetenschappelijk relevant is, welk veiligheidsprobleem je
onderzoekt, en welke vraag je stelt. Let erop of je vraag beschrijvend ("hoe
is iets?") of normatief ("hoe zou iets moeten zijn?") is.
Hoorcollege 2 – Onderzoeksethiek & Minimale Risico’s
, In dit college werd onderzocht wanneer en hoe je ethisch moet omgaan
met deelnemers in onderzoek. Het uitgangspunt is dat je altijd rekening
moet houden met ethische overwegingen zodra mensen bij je onderzoek
betrokken zijn.
Voor dit vak moet je onderzoek bovendien voldoen aan het criterium van
"minimaal risico". Dat betekent dat deelname aan je onderzoek niet meer
risico mag inhouden dan wat mensen in hun dagelijks leven gewend zijn.
Dit vereist dat je bewust bent van je eigen aannames over wat als
"normaal" geldt — wat voor jou risicoloos lijkt, kan voor iemand anders wél
belastend zijn.
Er zijn meerdere soorten risico’s in onderzoek:
Privacyrisico’s, bijvoorbeeld het lekken van persoonsgegevens.
Mentale, fysieke of sociale schade aan deelnemers.
Politieke risico’s, zoals maatschappelijke onrust of framing van
groepen.
Je taak als onderzoeker is om zulke risico’s te herkennen, beperken en
voorkomen. Je kunt daarbij gebruikmaken van tools zoals de TU Delft
Research Ethics-site en een risicoplanningstool.
Het college sluit af met een praktische voorbereiding: studenten moeten
op basis van hun eigen omgeving een onveilige situatie herkennen en
benoemen, en in groep een concreet veiligheidsprobleem kiezen binnen
het sociale media-thema, inclusief een bijbehorende stakeholdergroep.
Hoorcollege 3 – Veiligheidsbegrippen, Risico en Scenario’s
Dit college verdiepte zich in het begrip veiligheid. Veiligheid is een relatief
en contextgebonden begrip, en het kan slaan op fysieke of sociale
veiligheid. Een val van de trap of het ervaren van online pesterijen zijn
beide veiligheidsproblemen — maar met verschillende aard.
Er werd onderscheid gemaakt tussen safety en security:
Safety gaat over onopzettelijke schade (bijv. brand, vallen,
ongelukken).
Security betreft opzettelijke schade, met een dader of agressor (bijv.
hack, diefstal, pesten).
Daarna werd het begrip risico geïntroduceerd. Volgens ISO 31000 is risico
“het effect van onzekerheden op doelen”. Er bestaan drie typen
onzekerheid:
Type I: voorspelbaar (met data)