Rekenen periode 2 samenvatting
C-RW2- DIDACTIEK
Er zijn verschillende domeinen deze periode gaan we in op “hele getallen”
Rekenen is in feite het uitvoeren van bewerkingen de eerste vier bewerkingen ook wel operaties zijn
optellen (+), aftrekken (-), vermenigvuldigen (x) en delen (:).
(3.1) OPTELLEN & AFTREKKEN
De context/situatie van een som bepaald of het om een optel- of aftreksituatie draait. Er zijn ook
verschillende situaties binnen optellen & aftrekken.
Optelsituaties Samenvoegen (dit doe je met fysieke dingen
Sprongen vooruit (dit zijn bijvoorbeeld tijd, afstand met bijv. getallenlijn)
Bij optellen mag je de getallen verwisselen dit noem je de commutatieve/verwissel eigenschap.
Aftreksituaties verschil bepalen (dit is met meerdere voorwerpen)
Wegnemen, eraf halen
Aanvullen (hetzelfde voorwerp bijv. een boek)
Optellen & aftrekken zijn elkaar inverse/omgekeerde.
HET HANDELINGSMODEL
Fases: Voorbeeld:
Formeel handelen 8+4 = 12
- Formele bewerkingen (+,-,x, :, verhaalsom, kale getallen)
- Alles zonder plaatje/modellen wat wel met structuren werkt.
Voorstellen – Abstract Som tekenen
- Representeren van de werkelijkheid aan de hand van denkmodellen.
- Tekening waarbij de werkelijkheid niet te herkennen is.
Voorstellen- concreet
- representeren van objecten en werkelijkheidssituaties in concrete afbeelding
- tekening waarbij de werkelijkheid te herkennen is
Informeel handelen (bijvoorbeeld de
- Dingen in de werkelijkheid doen bushalte oefening in
de klas)
Dit model werkt bij het aanleren het beste van onder naar boven dit heet Mathematiseren.
Het schema van boven naar onder gebruiken heet Concretiseren.
! tekeningen zijn zonder de tekens van bewerkingen dus zonder +,-, :, x. !
De vertaalcirkel focust op het concretiseren bij kinderen aan te leren (dan begrijpen ze de som helemaal).
Verder oefent het met “vertalen” van bijvoorbeeld een concrete som naar een abstracte som.
, Rekenen periode 2 samenvatting
(3.3) LEERLIJN & BEWERKINGEN (+ EN – TOT
20) GROEP
Oriëntatie op optellen & aftrekken
groep 2/3 echt dingen doen bijv. liedjes (7 heksen), in het echt bus-spel
“het beleven van dat er iets bij/af gaat”
Tellend rekenen bij optellen & aftrekken
een voor een tellen/ verkort tellen met materialen/ afbeelding waar je de voorwerpen allemaal op
ziet
* Tellen met vingers wordt afgeraden omdat je dit altijd bij hebt bijv. een rekenrek kan worden
wegelaten bij de volgende stap.
Afleren rekenrek:
1. Doen
2. Kijken
3. Voorstellen
Uiteindelijk zijn alle optel- & aftreksommen tot 20 gememoriseerd halverwege groep 4
C-RW2- DIDACTIEK
Er zijn verschillende domeinen deze periode gaan we in op “hele getallen”
Rekenen is in feite het uitvoeren van bewerkingen de eerste vier bewerkingen ook wel operaties zijn
optellen (+), aftrekken (-), vermenigvuldigen (x) en delen (:).
(3.1) OPTELLEN & AFTREKKEN
De context/situatie van een som bepaald of het om een optel- of aftreksituatie draait. Er zijn ook
verschillende situaties binnen optellen & aftrekken.
Optelsituaties Samenvoegen (dit doe je met fysieke dingen
Sprongen vooruit (dit zijn bijvoorbeeld tijd, afstand met bijv. getallenlijn)
Bij optellen mag je de getallen verwisselen dit noem je de commutatieve/verwissel eigenschap.
Aftreksituaties verschil bepalen (dit is met meerdere voorwerpen)
Wegnemen, eraf halen
Aanvullen (hetzelfde voorwerp bijv. een boek)
Optellen & aftrekken zijn elkaar inverse/omgekeerde.
HET HANDELINGSMODEL
Fases: Voorbeeld:
Formeel handelen 8+4 = 12
- Formele bewerkingen (+,-,x, :, verhaalsom, kale getallen)
- Alles zonder plaatje/modellen wat wel met structuren werkt.
Voorstellen – Abstract Som tekenen
- Representeren van de werkelijkheid aan de hand van denkmodellen.
- Tekening waarbij de werkelijkheid niet te herkennen is.
Voorstellen- concreet
- representeren van objecten en werkelijkheidssituaties in concrete afbeelding
- tekening waarbij de werkelijkheid te herkennen is
Informeel handelen (bijvoorbeeld de
- Dingen in de werkelijkheid doen bushalte oefening in
de klas)
Dit model werkt bij het aanleren het beste van onder naar boven dit heet Mathematiseren.
Het schema van boven naar onder gebruiken heet Concretiseren.
! tekeningen zijn zonder de tekens van bewerkingen dus zonder +,-, :, x. !
De vertaalcirkel focust op het concretiseren bij kinderen aan te leren (dan begrijpen ze de som helemaal).
Verder oefent het met “vertalen” van bijvoorbeeld een concrete som naar een abstracte som.
, Rekenen periode 2 samenvatting
(3.3) LEERLIJN & BEWERKINGEN (+ EN – TOT
20) GROEP
Oriëntatie op optellen & aftrekken
groep 2/3 echt dingen doen bijv. liedjes (7 heksen), in het echt bus-spel
“het beleven van dat er iets bij/af gaat”
Tellend rekenen bij optellen & aftrekken
een voor een tellen/ verkort tellen met materialen/ afbeelding waar je de voorwerpen allemaal op
ziet
* Tellen met vingers wordt afgeraden omdat je dit altijd bij hebt bijv. een rekenrek kan worden
wegelaten bij de volgende stap.
Afleren rekenrek:
1. Doen
2. Kijken
3. Voorstellen
Uiteindelijk zijn alle optel- & aftreksommen tot 20 gememoriseerd halverwege groep 4