1.1 Welke fases kan je onderscheiden we in de migratie in België na WO2. Leg
uit
Voorwoord:
Altijd en overal migratie geweest: Egyptenaren, Grieken, Romeinen, soms vrijwillig of gedwongen, streken
werden veroverd, volkeren verdreven, mensen werden tot slaven gedreven.
Amerika-indianen, Australië-Aboriginals
Koloniale geschiedenis van Europa ging samen met migratie
EU-kolonisten migreerden naar landen in het Zuiden.
Die kolonisatie ging vaak samen met extreme machtsverschillen, uitbuiting en het weghalen van
natuurlijke rijkdommen in de kolonies.
MIGRATIEGESCHIEDENIS
1. Voor de 1e WO 1910: 3,5% niet-Belgen in ons land: het merendeel was afkomstig uit buurlanden.
2. Interbellum: begon België op relatief beperkte schaal eerste Italianen, Polen en Tsjechen aan te trekken.
Er was werk in de steenkoolmijnen in Wallonië en Limburg.
3. Na de 2de wereldoorlog (2de helft van de 20ste eeuw) had België nood aan arbeidskrachten voor heropbouw.
Belgische regering maakte afspraak met Italië en Polen voor georganiseerde migratie.
77’000 Zuid-Italianen en 20’000 Polen.
4.3% niet-Belgen in 1947.
4. Na periode heropbouw braken in West-Europa economisch voorspoedige tijden aan.
In Frankrijk spreekt men van “les trentes glorieuses” tussen 1945 tot 1973.
Er was een periode van ongekende economische groei die samen ging met technologische groei
5. Er heerste een sterk vooruitgangsoptimisme, enkel getemperd door de dreiging van de koude oorlog.
Zowel industrie als opkomende dienstensector had nood aan voldoende arbeidskrachten.
1950 aantrekken van gastarbeiders Zuid-Europa: Italië, Spanje, Griekenland, Portugal
6. 1960 de gouden jaren.
De nog steeds economische groei zorgde voor versnelling van de migratie.
Nood aan arbeidskrachten bleef
A. 1ste ANTWOORD: vrouwen op arbeidsmarkt
de economische noodzaak liep mooi samen met feministische gedachtegoed waarbij vrouwen een
eigen inkomen en evenwaardige plek op de arbeidsmarkt nastreefde= EMANCIPATIE
Doorbraak consumptiemaatschappij
gezinnen ook 2de inkomen noodzakelijk
samenloop van factoren zette mannelijke kostwinnersmodel naar samenleving van tweeverdieners
B. 2e ANTWOORD: Belgische regering op vraag van het bedrijfsleven gaat over tot actievere rekrutering van
gastarbeiders
1960 “krapte arbeidsmarkt” vooral door zwaar en laagbetaald werk
Landen van herkomst veranderde. & aantallen steeg snel.
Spanje & Griekenland, Marokko & Turkije merendeel mannelijk, laaggeschoold, afkomstig vanuit
platte land/bergen
7. Actieve rekrutering zorgde voor verdubbeling van aantal vreemdelingen in België vergeleken met situatie
tijdens de 2de wereldoorlog.
7,2 % niet-Belgen in 1970
Overheid beschouwde gastarbeiders als tijdelijke werkkrachten die na een aantal jaren terug naar hun
land van herkomst zouden teruggaan.
Ook vele gastarbeiders zagen zichzelf als tijdelijke arbeiders.
8. 1973 = oliecrisis en economische crisis
een rem op buitenlandse werknemers