Gedrag in organisatie
Hoofdstuk 1 t/m 11
1
,Inhoudsopgave
Toetsmatrijs ........................................................................................................................................ 3
Hoofdstuk 1 – Inleiding op gedrag in organisatie ............................................................................... 6
Hoofdstuk 2 - Attitudes en werktevredenheid ................................................................................... 9
Hoofdstuk 3 - Emoties en stemmingen............................................................................................. 14
Hoofdstuk 4 – Persoonlijkheid en waarden ...................................................................................... 17
Hoofdstuk 5 – Besluitvorming en perceptie ..................................................................................... 22
Hoofdstuk 6 – Diversiteit in organisatie............................................................................................ 22
Hoofdstuk 7 – Basisbegrippen van motivatie ................................................................................... 31
Hoofdstuk 8 – Motivatie: van begrip naar toepassing ...................................................................... 37
Hoofdstuk 10 – Gedrag in groepen ................................................................................................... 41
Hoofdstuk 11 – Van groepen naar teams ......................................................................................... 47
2
,Toetsmatrijs
Beoordelings- Indicatoren
aspecten De student…
Hoofdstuk 1 … kan beschrijven wat een organisatie is
… kan de definitie geven van het wetenschappelijk onderzoeksgebied GiO
Weging …kan de toegevoegde waarde van bestudering van GiO toelichten
5% - 2 vragen … kan aangeven welke bijdragen de gedragswetenschappen aan GiO hebben
geleverd
… kan beschrijven hoe de concepten van GiO het functioneren van organisaties
kunnen beïnvloeden
… kan uitdagingen en kansen benoemen voor managers en professionals die de
inzichten en ideeën van GiO willen benutten
… kan de drie analyseniveaus binnen GiO onderscheiden
Hoofdstuk 2 … kan de drie componenten van attitudes toelichten
… kan het verband tussen attitude en gedrag uitleggen … kan de belangrijkste
Weging attitudes ten opzichte van werk beschrijven
10% - 4 vragen … kan de twee methoden om werktevredenheid te meten toelichten
… kan de voornaamste bronnen van werktevredenheid noemen
… drie uitkomsten van werktevredenheid noemen
… de vier soorten reacties van werknemers bij ontevredenheid opsommen
… kan de relatie tussen werktevredenheid en nationale cultuur aangeven
Hoofdstuk 3 … kan emoties van stemmingen onderscheiden
… kan oorzaken van emoties en stemmingen benoemen
Weging … kan de impact van emotionele arbeid beschrijven
10% - 4 vragen … kan toelichten wat de affectievegebeurtenissentheorie inhoudt
… weet wat het concept emotionele intelligentie inhoudt
… kan strategieën voor emotieregulatie toelichten
… kan voorspellen wat de gevolgen zijn van emoties en stemmen
Hoofdstuk 4 … kan het begrip persoonlijkheid definiëren en aangeven welke factoren
bepalend zijn voor iemands persoonlijkheid
Weging … kan het Myers-Briggs Type Indicatorpersoonlijkheidsmodel en het Big Five-
10% - 4 vragen model van de persoonlijkheid beschrijven en de sterke en zwakke kanten ervan
aangeven
… kan de situationele invloed op het verband tussen persoonlijkheid en gedrag
beschrijven
… kan het belang van de individuele waardeoriëntatie voor de geschiktheid voor
functies en organisaties toelichten
… kan verschil aangeven tussen de afstemming van persoon en functie enerzijds
en persoon en organisatie anderzijds
… kan het belang toelichten van het Hofstedemodel van landenculturen … kan de
waardedimensies van landenculturen volgens het GLOBE-model weergeven
… kan het model van Hofstede vergelijken met het GLOBE-model
Hoofdstuk 5 … kan ‘perceptie’ definiëren en aangeven waar onze perceptie door wordt
beïnvloed
Weging … kan de attributietheorie toelichten
10% - 4 vragen … kan uitleggen hoe perceptie het besluitvormingsproces beïnvloedt
… kan veelvoorkomende vertekeningen en beoordelingsfouten opsommen
… kan de voorwaarden en aanpak van rationele besluitvorming toelichten
… kan het rationele besluitvormingsmodel afzetten tegen beperkte rationaliteit
en intuïtie
… kan de invloed van individuele verschillen van organisatorische besluitvorming
3
, toelichten
… kan de drie ethische besluitvormingscriteria tegen elkaar afzetten
… kan het begrip driecomponentenmodel van creativiteit toelichten
Hoofdstuk 6 … kan de twee belangrijkste vormen van diversiteit op de werkvloer beschrijven
(diversiteit aan de oppervlakte en diversiteit in de diepte)
Weging … kan de belangrijkste biografische kenmerken noemen en beschrijven in welke
5% - 2 vragen zin deze relevant zijn voor GiO
… kan uitleggen hoe stereotypen werken in organisaties
… kan aantonen hoe discriminatie op het werk de effectiviteit van de organisatie
ondermijnt
… kan terechte discriminatie onderscheiden van onterechte
… kan de relevantie van bepaalde individuele vermogens als selectiecriterium
herkennen
… kan culturele diversiteit herkennen
… kan beschrijven hoe organisaties effectief en positief kunnen omgaan met
diversiteit
Hoofdstuk 7 … kan de drie hoofdelementen van motivatie beschrijven
… kan de vier vroege motivatietheorieën toelichten en hun betekenis beoordelen
Weging … kan de doelstellingstheorie en zelfbepalingstheorie tegen elkaar afzetten
15% - 6 vragen … kan de self-efficacy-theorie, de reinforcement-theorie, de billikheidstheorie en
de verwachtingstheorie vergelijken
… kan het effect van de verschillende dimensies van organisatierechtvaardigheid
voor motivatie, betrokkenheid en tevredenheid aangeven
… kan toelichten met welke maatregelen betrokkenheid bij het werk kan worden
bevorderd
… weet in hoeverre de klassieke en moderne motivatietheorieën elkaar aanvullen
… kan verklaren in hoeverre motivatietheorieën cultuurgebonden zijn
Hoofdstuk 8 … weet hoe het taakkenmerkenmodel kan bijdragen aan de motivatie … kan
uitleggen wat de voornaamste manieren zijn om werk opnieuw te ontwerpen
Weging … kan een overzicht geven van alternatieve werkregelingen en hun effect op
15% - 6 vragen motivatie
… kan uiteenzetten wat de invloed is van strategische beloningsbeslissingen op
de motivatie
… kan toelichten wat het effect is van verschillende beloningssystemen op de
motivatie
… kan toelichten hoe de intrinsieke motivatie kan worden versterkt door
erkenning van de bijdrage van werknemers … kan beschrijven hoe de toepassing
van motivatietheorieën varieert in verschillende culturen
Hoofdstuk 10 … kan verschillende typen groepen onderscheiden
… kan het onderbroken-evenwichtmodel van groepsontwikkeling toelichten
Weging … kan de zes eigenschappen van groepen noemen
15% - 6 vragen … kan aangeven hoe normen het gedrag van groepen kunnen beïnvloeden
… kan toelichten hoe status en groepsgrootte de groepsprestatie beïnvloeden
… kan aangeven hoe cohesie en diversiteit kunnen worden geïntegreerd
… kan de sterke en zwakke kanten van besluitvorming in groepen opsommen
… kan aangeven hoe groupthink en groupshift groepsbesluiten kunnen
ondermijnen
… kan aangeven hoe de kwaliteit van groepsbesluiten kan worden verbeterd
Hoofdstuk 11 … kan de aanhoudende populariteit van teams in organisatie verklaren … kan de
verschillen tussen teams en groepen onderscheiden
… kan de vijf verschillende soorten teams met elkaar vergelijken
4
Hoofdstuk 1 t/m 11
1
,Inhoudsopgave
Toetsmatrijs ........................................................................................................................................ 3
Hoofdstuk 1 – Inleiding op gedrag in organisatie ............................................................................... 6
Hoofdstuk 2 - Attitudes en werktevredenheid ................................................................................... 9
Hoofdstuk 3 - Emoties en stemmingen............................................................................................. 14
Hoofdstuk 4 – Persoonlijkheid en waarden ...................................................................................... 17
Hoofdstuk 5 – Besluitvorming en perceptie ..................................................................................... 22
Hoofdstuk 6 – Diversiteit in organisatie............................................................................................ 22
Hoofdstuk 7 – Basisbegrippen van motivatie ................................................................................... 31
Hoofdstuk 8 – Motivatie: van begrip naar toepassing ...................................................................... 37
Hoofdstuk 10 – Gedrag in groepen ................................................................................................... 41
Hoofdstuk 11 – Van groepen naar teams ......................................................................................... 47
2
,Toetsmatrijs
Beoordelings- Indicatoren
aspecten De student…
Hoofdstuk 1 … kan beschrijven wat een organisatie is
… kan de definitie geven van het wetenschappelijk onderzoeksgebied GiO
Weging …kan de toegevoegde waarde van bestudering van GiO toelichten
5% - 2 vragen … kan aangeven welke bijdragen de gedragswetenschappen aan GiO hebben
geleverd
… kan beschrijven hoe de concepten van GiO het functioneren van organisaties
kunnen beïnvloeden
… kan uitdagingen en kansen benoemen voor managers en professionals die de
inzichten en ideeën van GiO willen benutten
… kan de drie analyseniveaus binnen GiO onderscheiden
Hoofdstuk 2 … kan de drie componenten van attitudes toelichten
… kan het verband tussen attitude en gedrag uitleggen … kan de belangrijkste
Weging attitudes ten opzichte van werk beschrijven
10% - 4 vragen … kan de twee methoden om werktevredenheid te meten toelichten
… kan de voornaamste bronnen van werktevredenheid noemen
… drie uitkomsten van werktevredenheid noemen
… de vier soorten reacties van werknemers bij ontevredenheid opsommen
… kan de relatie tussen werktevredenheid en nationale cultuur aangeven
Hoofdstuk 3 … kan emoties van stemmingen onderscheiden
… kan oorzaken van emoties en stemmingen benoemen
Weging … kan de impact van emotionele arbeid beschrijven
10% - 4 vragen … kan toelichten wat de affectievegebeurtenissentheorie inhoudt
… weet wat het concept emotionele intelligentie inhoudt
… kan strategieën voor emotieregulatie toelichten
… kan voorspellen wat de gevolgen zijn van emoties en stemmen
Hoofdstuk 4 … kan het begrip persoonlijkheid definiëren en aangeven welke factoren
bepalend zijn voor iemands persoonlijkheid
Weging … kan het Myers-Briggs Type Indicatorpersoonlijkheidsmodel en het Big Five-
10% - 4 vragen model van de persoonlijkheid beschrijven en de sterke en zwakke kanten ervan
aangeven
… kan de situationele invloed op het verband tussen persoonlijkheid en gedrag
beschrijven
… kan het belang van de individuele waardeoriëntatie voor de geschiktheid voor
functies en organisaties toelichten
… kan verschil aangeven tussen de afstemming van persoon en functie enerzijds
en persoon en organisatie anderzijds
… kan het belang toelichten van het Hofstedemodel van landenculturen … kan de
waardedimensies van landenculturen volgens het GLOBE-model weergeven
… kan het model van Hofstede vergelijken met het GLOBE-model
Hoofdstuk 5 … kan ‘perceptie’ definiëren en aangeven waar onze perceptie door wordt
beïnvloed
Weging … kan de attributietheorie toelichten
10% - 4 vragen … kan uitleggen hoe perceptie het besluitvormingsproces beïnvloedt
… kan veelvoorkomende vertekeningen en beoordelingsfouten opsommen
… kan de voorwaarden en aanpak van rationele besluitvorming toelichten
… kan het rationele besluitvormingsmodel afzetten tegen beperkte rationaliteit
en intuïtie
… kan de invloed van individuele verschillen van organisatorische besluitvorming
3
, toelichten
… kan de drie ethische besluitvormingscriteria tegen elkaar afzetten
… kan het begrip driecomponentenmodel van creativiteit toelichten
Hoofdstuk 6 … kan de twee belangrijkste vormen van diversiteit op de werkvloer beschrijven
(diversiteit aan de oppervlakte en diversiteit in de diepte)
Weging … kan de belangrijkste biografische kenmerken noemen en beschrijven in welke
5% - 2 vragen zin deze relevant zijn voor GiO
… kan uitleggen hoe stereotypen werken in organisaties
… kan aantonen hoe discriminatie op het werk de effectiviteit van de organisatie
ondermijnt
… kan terechte discriminatie onderscheiden van onterechte
… kan de relevantie van bepaalde individuele vermogens als selectiecriterium
herkennen
… kan culturele diversiteit herkennen
… kan beschrijven hoe organisaties effectief en positief kunnen omgaan met
diversiteit
Hoofdstuk 7 … kan de drie hoofdelementen van motivatie beschrijven
… kan de vier vroege motivatietheorieën toelichten en hun betekenis beoordelen
Weging … kan de doelstellingstheorie en zelfbepalingstheorie tegen elkaar afzetten
15% - 6 vragen … kan de self-efficacy-theorie, de reinforcement-theorie, de billikheidstheorie en
de verwachtingstheorie vergelijken
… kan het effect van de verschillende dimensies van organisatierechtvaardigheid
voor motivatie, betrokkenheid en tevredenheid aangeven
… kan toelichten met welke maatregelen betrokkenheid bij het werk kan worden
bevorderd
… weet in hoeverre de klassieke en moderne motivatietheorieën elkaar aanvullen
… kan verklaren in hoeverre motivatietheorieën cultuurgebonden zijn
Hoofdstuk 8 … weet hoe het taakkenmerkenmodel kan bijdragen aan de motivatie … kan
uitleggen wat de voornaamste manieren zijn om werk opnieuw te ontwerpen
Weging … kan een overzicht geven van alternatieve werkregelingen en hun effect op
15% - 6 vragen motivatie
… kan uiteenzetten wat de invloed is van strategische beloningsbeslissingen op
de motivatie
… kan toelichten wat het effect is van verschillende beloningssystemen op de
motivatie
… kan toelichten hoe de intrinsieke motivatie kan worden versterkt door
erkenning van de bijdrage van werknemers … kan beschrijven hoe de toepassing
van motivatietheorieën varieert in verschillende culturen
Hoofdstuk 10 … kan verschillende typen groepen onderscheiden
… kan het onderbroken-evenwichtmodel van groepsontwikkeling toelichten
Weging … kan de zes eigenschappen van groepen noemen
15% - 6 vragen … kan aangeven hoe normen het gedrag van groepen kunnen beïnvloeden
… kan toelichten hoe status en groepsgrootte de groepsprestatie beïnvloeden
… kan aangeven hoe cohesie en diversiteit kunnen worden geïntegreerd
… kan de sterke en zwakke kanten van besluitvorming in groepen opsommen
… kan aangeven hoe groupthink en groupshift groepsbesluiten kunnen
ondermijnen
… kan aangeven hoe de kwaliteit van groepsbesluiten kan worden verbeterd
Hoofdstuk 11 … kan de aanhoudende populariteit van teams in organisatie verklaren … kan de
verschillen tussen teams en groepen onderscheiden
… kan de vijf verschillende soorten teams met elkaar vergelijken
4