Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting literatuur formeel strafrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
75
Geüpload op
13-08-2025
Geschreven in
2024/2025

Bevat een samenvatting van de literatuur van het vak formeel strafrecht

Voorbeeld van de inhoud

Literatuur formeel strafrecht

College 1
C/B&K 2021, Hoofdstuk I, II, III, IV
Hoofdstuk 1. Plaatsbepaling en doel strafproces(recht)
Materiële strafrecht = welke gedragingen onder welke omstandigheden strafbaar zijn en met welke
straf zij worden bedreigd.
Strafproces(recht) = bepaalt hoe en door wie naar wordt onderzocht of een strafbaar feit is begaan
en welke maatstaven daarover en over de daaraan te verbinden strafrechtelijke sancties wordt
beslist.
Penitentiair recht = leert welke de strafrechtelijke zijnen door wie en hoe deze ten uitvoer worden
gelegd.

Doelen strafrechtelijke sanctionering:
1. Nuttig effect op de normnaleving
2. Generaal preventief effect

Hoofddoel strafprocesrecht: het regelen van de schakel tussen het strafbaar feit en de door de
rechter – en soms ook door de officier van justitie – op te leggen strafrechtelijke sanctie.
Het strafproces heeft als hoofddoel de juiste toepassing van het materiële strafrecht te realiseren,
opdat schuldigen (kunnen) worden gestraft en onschuldigen niet.
Daarnaast heeft het ook nevenfuncties:
 Speciale preventieve effect op verdachte
 Generale preventie
 Voorkomen van eigenrichting: de samenleving ziet dat tegen verdachte wordt opgetreden.
 Orde scheppen: maatschappelijke onrust kan worden gekanaliseerd.

Wijziging Wetboek van Strafvordering noemt een vijftal ontwikkelingen op die tezamen de aanleiding
vormen het wetboek te wijzigen:
1. De doelstellingen van het strafproces zijn verbreed. De hoofddoelstelling is hetzelfde gebleven:
‘het bevorderen dat het strafrecht wordt toegepast op de werkelijk schuldige’. Bepaalde
nevendoelstellingen zijn een belangrijkere plaats gaan innemen:
 Door EVRM rechtspositie verdachte is versterkt.
 De erkenning van het slachtoffer als procesdeelnemer
2. Wijziging van de aard van de criminaliteit alsmede van het strafrechtelijk sanctiearsenaal. Hierdoor
verschillende ontwikkelingen: opkomst van georganiseerde criminaliteit; toegenomen aandacht voor
de handhaving van bijzondere strafwetgeving.
3. Veranderende rolverdeling tussen strafrechtelijke actoren: gewijzigde rol rechter-commissaris (is
getransformeerd van onderzoeksrechter naar rechter in het vooronderzoek). Ook veranderingen
voor de rol van de officier van justitie (meer geprononceerd).
4. Internationalisering van de strafrechtspleging: toegenomen regelgeving op het terrein van de
rechtshulp aandacht.
5. De ontwikkeling en de beschikbaarheid van nieuwe technieken, die steeds weer van invloed zijn op
de wijze waarop de strafvordering vorm krijgt. Hierbij is voornamelijk digitalisering van belang.

Hoofdstuk 2. Bronnen van het Nederlands strafprocesrecht
Het eerste artikel van het WvSr behelst het legaliteitsbeginsel: ‘Strafvordering heeft alleen plaats op
de wijze bij de wet voorzien’. De grondslag hiervoor is gelegen in de rechtszekerheid van de burger.
Artikel 1 zegt niet dat de wijze van strafvordering in de wet (in formele zin) moet zijn bepaald.
Delegatie hierbij is toegestaan. Wel eist dit artikel dat het strafprocesrecht zoveel mogelijk door de
wetgever in formele zin wordt bepaald, maar delegatie is mogelijk.

1

,Hoofdstuk 3. Uitgangspunten en beginselen van het Nederlands strafprocesrecht
Klassieke uitgangspunten:
 Onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter
 Vervolgingsmonopolie ligt bij het OM: alleen het openbaar ministerie mag strafzaken bij de
strafrechter aanbrengen. Het OM heeft op basis van het opportuniteitsbeginsel de vrijheid
uit het aanbod van strafzaken van selectie te maken van zaken die zich lenen voor vervolging.
- In sommige gevallen mag een strafbeschikking worden uitgevoerd door
opsporingsambtenaren.
- Positieve verplichtingen EVRM
 Strafvorderlijke legaliteit (art. 1 Sv): strafvordering vindt plaats bij de wet voorzien.
 Geen procedure zonder aanleiding
 Vermoeden van onschuld (art. 6 lid 2 EVRM en art. 14 lid 2 IVBPR)
 Processuele grondrechten: hoor- en wederhoor, recht op rechtsbijstand, zwijgrecht, interne
openbaarheid




2

,College 2
MvT Modernisering Sv, I.1 t/m I.5 (p. 7 t/m 40) + I.8 (Grondrechten), Kamerstukken II 36327.

I.1 Een ingrijpende modernisering
Een aantal ontwikkelingen zijn de aanleiding geweest om het wetboek ingrijpend te
moderniseringen:
1. De doelstellingen van het strafprocesrecht zijn verbreed.
- Tweeledige hoofddoelstelling staat nog steeds centraal: schuldige veroordelen +
eerbiediging rechten verdachte. De tweede is belangrijker geworden.
- Hiernaast zijn andere doelstellingen een belangrijkere plaats gaan innemen: rechten
en vrijheden van andere bij het strafproces betrokken personen worden
geëerbiedigd.
2. De aard van de criminaliteit en de strafrechtelijke sancties die wegens strafbare feiten
kunnen worden opgelegd zijn veranderd. Bijzondere wetten zijn hierdoor een belangrijkere
plaats gaan innemen.
3. Rolverdeling tussen strafvorderlijke actoren is veranderd.
4. De strafrechtspleging is veel internationaler geworden.
5. Nieuwe technieken zijn beschikbaar gekomen die meebrengen dat de wijze waarop de
strafvordering plaatsvindt is gemoderniseerd.
- Opsporing: opsporingsbevoegdheden maken gebruik van moderne technieken.

Deze vijf ontwikkelingen sluiten aan bij de veranderingen in de samenleving. De burger is mondiger
geworden, besef is gegroeid dat het doenvermogen van burgers ontoereikend is om adequaat te
procederen.
Daarnaast zijn ook de taken van de staat veranderd: verzorgingsstaat, grotere ambities, groei en
professionalisering, internationalisering.

I.2 Ontwikkelingen in het strafprocesrecht
2.1 Doelstellingen van het strafprocesrecht
Centrale doelstelling is ongewijzigd gebleven: bevorderen dat de strafwet wordt toegepast op de
werkelijk schuldige, en te voorkomen dat de onschuldige veroordeeld of zelfs vervolgd wordt.
 Binnen deze doelstelling is de eerbiediging van de rechten en vrijheden van de verdachte een
belangrijkere plaats gaan innemen.
- Waarborgen rondom verhoor verdachte
- In nieuwe wetboek in H1 van Boek 1 enkele bepalingen die zien op grondrechten verdachte
(eerlijk proces binnen redelijke termijn, recht om voor onschuldig te worden gehouden).
- Het vierde hoofdstuk van Boek 1 is gewijd aan verdachte + raadsman

Een andere belangrijke ontwikkeling is de toegenomen aandacht voor het slachtoffer in het
strafproces: mogelijkheid om schadevergoeding te krijgen, spreekrecht uitoefenen (bij ernstig feit),
recht om geïnformeerd te worden over beslissingen, kennisnemen processtukken en verzoek officier
om stukken toe te voegen.
 Neergelegd in Boek 1, Hoofdstuk 5.

De Nederlandse stijl van procesvoering is veranderd. De stijl is oorspronkelijk inquisitoir, de positieve
kanten zijn hiervan behouden: de rechten heeft een eigen verantwoordelijkheid voor een
rechtvaardige uitkomt van het strafproces. Het OM heeft een magistratelijke rol:
verantwoordelijkheid voor integere rechtshandhaving. Het karakter van het strafproces is hierbij
vergroot; de standpunten die de verdachte en het OM innemen zijn van groot belang voor de wijze
waarop het proces wordt gevoerd.
 Bewijscriterium en motiveringsvoorschriften zijn anders vormgegeven.

3

,  Bewijscriterium: bewijs kan slechts worden aangenomen als buiten redelijke twijfel staat dat
verdachte het feit heeft begaan.

2.2 Veranderingen in de aard van de criminaliteit en het sanctiearsenaal
Buitengerechtelijke afdoening is in Boek 3 geregeld.

2.3 Een veranderde rolverdeling tussen strafrechtelijke actoren
In het huidige wetboek draaide het aanvankelijk om de rechter. In het voorbereidend onderzoek was
die rechter de rechter-commissaris. In het opsporingsonderzoek moeten ingrijpende bevoegdheden
gevorderd worden door de OvJ via een gerechtelijk vooronderzoek. Dit stond onder leiding van de
rechter-commissaris.

De huidige regeling van het voorbereidend onderzoek is anders:
 Gerechtelijk vooronderzoek is afgeschaft. Daarvoor in plaats kwam een regeling voor
aanvullend onderzoek door de rechter-commissaris.
 De vordering tot onderzoek heeft niet tot gevolg dat de leiding van het voorbereidend
onderzoek overgaat op de rechter-commissaris, OvJ geeft leiding aan opsporingsonderzoek.
 Opsporingsbevoegdheden zijn uitgebreid.
 Op basis van het opsporingsonderzoek wordt een beslissing omtrent vervolging genomen.

Niet alleen is de regeling van het opsporingsonderzoek weer op orde gebracht, ook is de verhouding
tussen het opsporingsonderzoek en het onderzoek ter terechtzitting verbeterd.
- Afschaffing negentigdagen-termijn = de termijn waarbinnen het onderzoek op de
terechtzitting van de zaak van de voorlopig gehechte verdachte volgens het huidige recht
moet aanvangen.
- Rechter-commissaris kan tot aanvang onderzoek op de terechtzitting onderzoek verrichten.
Hij krijgt ook meer mogelijkheden om regie te voeren.
 Je ziet dat rechter in sterkere mate dan voorheen met de regievoering van het onderzoek op de
terechtzitting wordt belast.

2.4 Internationalisering van de strafrechtspleging
De strafrechtspleging is veel internationaler geworden, omdat ze geheel of gedeeltelijk in of vanuit
het buitenland zijn gepleegd. Hierdoor zijn er veel internationale rechtsinstrumenten die focussen op
strafrechtelijke samenwerking: Uitleveringswet en de Overlevingswet.
Door de Wet herziening regeling internationale samenwerking in strafzaken is een herpositionering
geweest.
Ook is dit terug te zien in opsporingsbevoegdheden: een aantal bevoegdheden kunnen ook worden
uitgeoefend door een persoon in de openbare dienst van een vreemde staat.

I.3 Doelstellingen van de modernisering van het wetboek
Hoofddoelstelling: Er moet worden voorzien in een wetboek waarin zoveel mogelijk wordt bevorderd
dat een adequate justitiële reactie kan worden gegeven op strafbaar gedrag, en dat onjuiste
beslissingen zoveel mogelijk worden voorkomen.
Hiernaast bestaan er ook zeven subdoelen (p. 22 e.v. met uitleg).

I.4 De inhoud van het wetboek op hoofdlijnen
Boek 1: Strafvordering in het algemeen
 Beschrijft de hoofdlijnen van strafvordering: belangrijke bepalingen, definities begrippen etc.
 Regelingen van de behandeling van zaken door de rechter en de regeling van vervolging en
opsporing.

Boek 2: Het opsporingsonderzoek
4

Documentinformatie

Geüpload op
13 augustus 2025
Aantal pagina's
75
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING
€7,66
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
mirtheemmadejong

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
mirtheemmadejong Hogeschool Leiden
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
3
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
4
Documenten
9
Laatst verkocht
4 jaar geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen