Ondernemen en innoveren in zorg en welzijn
Petra verhagen
SPH – Windesheim
Organisatiekunde
Stephanie Nanninga
, H1
Verzorgingsstaat
In Nederland was vanaf 1945 steeds meer sprake van een verzorgingsstaat. Dat hield in dat de
overheid verantwoordelijk was voor voorzieningen als onderwijs, veiligheid, medische zorg, welzijn,
openbaarvervoer en nutsvoorzieningen zoals gas, water en elektra.
Nadeel: Gemakzucht en afhankelijkheid
Van verzorgingsstaat naar -- marktwerking (einde van de jaren 80)
Markt: Een markt is een plaats waar aanbieders en afnemers van producten elkaar ontmoeten en
onderhandelen. Er is wel concurrentie.
Marktwerking: Het proces dat aanbieders elkaar stimuleren in het zoeken naar nieuwe en betere
producten die steeds zijn afgestemd op de wensen en behoeften van de klant.
Gereguleerde marktwerking: De overheid houd nog een vinger aan de pols. Financiële en juridische
kaders staan vast.
Privatisering: Overgang van staatsbedrijven naar particuliere organisaties.
3 soorten zorgaanbieders (zorgondernemers):
1)individuele zelfstandige professionals : verpleegkundigen, verzorgenden, verleners van diensten als
maaltijdverzorging, schoonmaak, reparaties, boodschappenservice.
2)kleine (sector vreemde) organisaties, die onderdak, verzorging en of werk aanbieden aan
kwetsbare groepen als (ex)psychiatrische patiënten en verslaafden. (zorgboerderijen)
3) Grote instellingen in de gehandicaptenzorg, ouderenzorg en geestelijke gezondheidzorg.
Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) 2007: De gemeente beslist op basis van de prijs-
kwaliteit verhouding wie een product mag leveren. sinds de invoering wordt er steeds meer gewerkt
met aanbestedingen. Aanbieders leggen hun productplannen voor aan de gemeente in de vorm van
offertes.
Nadeel van fusies/grootschaligheid door wmo: klanten en medewerkers ontevreden. Klanten
voelden zich een nummer. Medewerkers herkende zich niet meer in het beleid. Medewerkers kregen
het gevoel dat ze geen invloed uit konden oefenen, afstand tussen management en werkvloer groot.
Reactie/verandering op het nadeel: zelfsturende teams, klein binnen groot organisaties.
Ketensamenwerking: fusies. Steeds meer organisaties werken in netwerken samen.
De reden van een ketensamenwerking: complexe leefsituaties, geweld, kindermishandeling etc.
Meerdere problemen die met elkaar samenhangen die moeten ook in samenhang worden opgepakt.
Voorbeelden ketenaanpak:
* welzijn en sport werken samen met onderwijs om schooluitval te voorkomen
* Jongerenwerk en politie werken samen op om criminele carrières om te buigen
*Woningcorporaties en opbouwwerk trekken gezamenlijk op om de buurt veilig te maken.