, Ps wat ik zelf prettig vind is dat hij goed leesbaar is, geen propwerk of
onleesbare onderdelen.
30 open vragen
Hoofdstuk 1: Getallen en bewerkingen
1. Reken uit: 325 × 48.
2. Een bedrag van €450 wordt verdeeld in de verhouding 2 : 3 : 5. Hoeveel krijgt ieder
deel?
3. Een school koopt 14 dozen met telkens 48 stiften. Hoeveel stiften in totaal?
4. Schrijf 0,0625 als breuk in zijn eenvoudigste vorm.
5. Een jas kost na 20% korting €84. Wat was de oorspronkelijke prijs?
Hoofdstuk 2: Breuken, procenten en verhoudingen
6. Reken uit: 7/8 – 3/10.
7. Van een klas is 40% jongen. Er zitten 27 leerlingen in de klas. Hoeveel meisjes?
8. Een taart wordt verdeeld in 12 stukken. 5 stukken worden opgegeten. Welk
percentage van de taart blijft over?
9. Vul aan: 3 : 4 = … : 20.
10. Een getal wordt met 25% verhoogd en daarna met 20% verlaagd. Wat is het totaal
effect (percentage)?
Hoofdstuk 3: Meten en meetkunde
11. Bereken de omtrek van een rechthoek met zijden van 8,4 cm en 6,3 cm.
12. Een driehoek heeft een basis van 12 cm en hoogte van 7 cm. Bereken de
oppervlakte.
13. Een cilinder heeft een straal van 4 cm en hoogte 10 cm. Bereken de inhoud (π =
3,14).
14. Een kamer is 5 m bij 3,6 m. Hoeveel m² vloerbedekking is nodig?
15. Een cirkel heeft een diameter van 14 cm. Bereken de omtrek (π = 3,14).
Hoofdstuk 4: Verbanden en tabellen
16. Vul aan: als 8 pennen €6 kosten, hoeveel kosten 20 pennen?
17. Een auto rijdt gemiddeld 1 op 15 (km per liter). Hoeveel liter benzine voor 360 km?