gespreksvaardigheden:
§6.1: Inleiding:
Sociale vaardigheden gebruik je dagelijks terwijl je in omgang bent met een ander persoon.
Je kan afspraken maken en gaat in gesprek. Je bent je niet altijd bewust van deze
vaardigheden, maar als de omgang in beroepscontext plaatsvindt, is het juist belangrijk om
je bewust te zijn van de vaardigheden die je inzet. De cliënt is deels afhankelijk van jouw
vaardigheden. Het voeren van gesprekken is hierbij erg van belang en vergt daarom extra
aandacht.
§6.2: Sociale vaardigheden in de beroepscontext:
Sociale vaardigheden worden gebruikt om met het gedrag en emoties van anderen om te
kunnen gaan. Je gebruikt het om passend te reageren (empathie). Deze vaardigheden zijn
ook wel de smeerolie van ons persoonlijk en professioneel contact met anderen. Sociale
vaardigheden zijn niet altijd verbaal, want ze kunnen ook non-verbaal zijn. De verschillende
soorten gesprekjes die je in je leven hebt zijn de graadmeters van je sociale vaardigheid. Als
professional wordt er meer van jezelf gevraagd als op persoonlijk vlak. In plaats van dat je je
mening geeft aan de ander, blijf je respectvol, betrokken en geïnteresseerd.
§6.3: Het gesprek in de beroepscontext:
Het meest effectieve communicatiemiddel is een gesprek. Een gesprek voer je de hele dag
door, met verschillende mensen. Als je een gesprek moet hebben met je cliënt ziet zo’n
gesprek er heel anders uit. In zo’n gesprek voer je namelijk je professionele vaardigheden
uit, die je normaliter niet gebruikt voor een gesprek in je dagelijks leven. Tijdens een gesprek
op professioneel gebied heb je het ook over gedragsregels, want jij bent degene die je
beroep moet waarmaken. Als sociaal werker hanteer je bepaalde methoden en
methodieken, waarin ethische componenten zitten. Dat is beroepsethiek. Beroepsethiek
gaat niet alleen over de normen en waarden die te maken hebben met de relatie tussen de
cliënt en de sociaal werker, maar ook de normen en waarden in de sociale en collegiale
omgang binnen het beroep. De verschillende gedragsregels die er zijn, zijn er voor zodat de
cliënt en de sociaal werker goed kunnen communiceren met elkaar.
Een professioneel gesprek heeft altijd een professioneel doel. Zo’n doel kan er op veel
verschillende manieren uitzien. Denk aan: een medisch onderzoek, informatie verzamelen,
een slechtnieuwsgesprek, etc. In het dagelijks leven kan je van het gespreksdoel afzien,
maar bij een professioneel doel kan dat niet. Een professioneel gesprek loopt altijd
gestructureerd. De gespreksleider zorgt ervoor dat het gesprek een vaste structuur heeft. Dit
verkleint de kans dat er verkeerde verwachtingen ontstaan tussen beide partijen. Daarnaast
vergt een professioneel gesprek ook aandacht en voorbereidingstijd, zodat er verantwoorde
keuzes gemaakt kunnen worden door de professional.
§6.4: Gespreksmodellen:
Er zijn veel verschillende soorten gespreksmodellen voor een professioneel gesprek. In
deze paragraaf worden er twee besproken, maar weet dus dat dit niet de enige twee soorten
gespreksmodellen zijn. Het diagnose-recept model heeft een vaste vorm. Hierbij stelt de