Leerdoelen groepsbegeleiding
1: De student geeft een adequate situatieschets van het werken met een (leef)
groep
2: De student beschrijft de kracht van het werken met groepen in het SPH
werkveld
Therapeutische factoren De haas, 2012:
- Aanvaarding: Van deze factor is sprake als een groepslid ervaart door groepsleden en/of
groep geaccepteerd te worden om wie hij is, dat hij erbij hoort, zich gesteund voelt.
- Universaliteit: Van deze factor is sprake als een groepslid verregaande herkenning van
dezelfde problemen, ervaringen, gevoelens bij één of meer groepsleden ervaart; hij merk
niet de enige te zijn met dat probleem
- Altruïsme: Van deze factor is sprake als een groepslid een positief gevoel over zichzelf
krijgt nadat hij hoort dat zijn advies, reactie, ervaring de ander heeft geholpen
- Hoop: Van deze factor is sprake als een groepslid positieve opbeurende succesvolle
ervaringen verneemt van andere groepsleden
- Begeleiding: Van deze factor is er sprake als een groepslid informatie, advies en
begeleiding krijgt die helpen of topt oplossingen leiden
- Leren van voorbeeldgedrag: Van deze factor is er sprake als een groepslid ziet hoe
iemand met een soortgelijk probleem als fat van hemzelf een werkzame oplossing heeft
gevonden die voor hem nieuw is
- Leren door inzicht: Van deze factor is sprake als een groepslid waardevolle, bruikbare,
nieuwe verbanden ziet in e eigen ervaring en gedachten
- Leren door feedback: Van deze factor is sprake als een groepslid van de andere hoort
hoe hij concreet overkomt; met deze nieuwe informatie over zichzelf kan het groepslid
nieuw gedrag uitproberen
- Zelfonthulling: Van deze factor is sprake als een groepslid een ervaring, gevoel, fantasie
of geheim dat hij (bijna) nooit verteld heeft, deelt en zich daardoor meer begrepen voelt
- Catharsis: Van deze factor is sprake als een groepslid grote opluchting ervaart nadat hij
zich emotioneel even helemaal heeft laten gaan
Kracht van groepen:
- Bieden een veilig klimaat voor nieuw gedrag
- Bieden de deelnemers veel mogelijkheden om van elkaar te leren door middel van
feedback, ervaringen, informatie en interactie
- Ondersteunen mensen bij pogingen hun isolement te doorbreken
- Helpen deelnemers om herkenning en erkenning te vinden voor de eigen problematiek
- Spreken deelnemers aan op verscheidene rollen, want in groepen kunnen deelnemers
zowel geholpene als helper zijn
- Van het werken in groepen kan een belangrijke preventieve werking uitgaan
- Ze zijn uitermate geschikt voor informatie overdracht
3: De student beschrijft het ontstaan van groepsdynamica en verschillende soorten
groepen
Ontstaan in de jaren 30.
Hoofdstromingen in de groepsdynamica:
- Interactietheorie: (Bales en Homans) Vat de groep op als een systeem van met elkaar
interactie verkerende individuen(systeem losse individuen). Interactiehypotese / sociaal-
contacthypotese = indien frequente interacties zijn tussen de leden van een groep, zullen
er gevoelens van onderlinge genegenheid groeien en deze gevoelens zullen op hun beurt
leiden tot interacties. Onderscheid tussen externe en interne systeem= extern: alles wat
zich afspeelt aan activiteiten, interacties en gevoelens om als groep ten aanzien van de
1: De student geeft een adequate situatieschets van het werken met een (leef)
groep
2: De student beschrijft de kracht van het werken met groepen in het SPH
werkveld
Therapeutische factoren De haas, 2012:
- Aanvaarding: Van deze factor is sprake als een groepslid ervaart door groepsleden en/of
groep geaccepteerd te worden om wie hij is, dat hij erbij hoort, zich gesteund voelt.
- Universaliteit: Van deze factor is sprake als een groepslid verregaande herkenning van
dezelfde problemen, ervaringen, gevoelens bij één of meer groepsleden ervaart; hij merk
niet de enige te zijn met dat probleem
- Altruïsme: Van deze factor is sprake als een groepslid een positief gevoel over zichzelf
krijgt nadat hij hoort dat zijn advies, reactie, ervaring de ander heeft geholpen
- Hoop: Van deze factor is sprake als een groepslid positieve opbeurende succesvolle
ervaringen verneemt van andere groepsleden
- Begeleiding: Van deze factor is er sprake als een groepslid informatie, advies en
begeleiding krijgt die helpen of topt oplossingen leiden
- Leren van voorbeeldgedrag: Van deze factor is er sprake als een groepslid ziet hoe
iemand met een soortgelijk probleem als fat van hemzelf een werkzame oplossing heeft
gevonden die voor hem nieuw is
- Leren door inzicht: Van deze factor is sprake als een groepslid waardevolle, bruikbare,
nieuwe verbanden ziet in e eigen ervaring en gedachten
- Leren door feedback: Van deze factor is sprake als een groepslid van de andere hoort
hoe hij concreet overkomt; met deze nieuwe informatie over zichzelf kan het groepslid
nieuw gedrag uitproberen
- Zelfonthulling: Van deze factor is sprake als een groepslid een ervaring, gevoel, fantasie
of geheim dat hij (bijna) nooit verteld heeft, deelt en zich daardoor meer begrepen voelt
- Catharsis: Van deze factor is sprake als een groepslid grote opluchting ervaart nadat hij
zich emotioneel even helemaal heeft laten gaan
Kracht van groepen:
- Bieden een veilig klimaat voor nieuw gedrag
- Bieden de deelnemers veel mogelijkheden om van elkaar te leren door middel van
feedback, ervaringen, informatie en interactie
- Ondersteunen mensen bij pogingen hun isolement te doorbreken
- Helpen deelnemers om herkenning en erkenning te vinden voor de eigen problematiek
- Spreken deelnemers aan op verscheidene rollen, want in groepen kunnen deelnemers
zowel geholpene als helper zijn
- Van het werken in groepen kan een belangrijke preventieve werking uitgaan
- Ze zijn uitermate geschikt voor informatie overdracht
3: De student beschrijft het ontstaan van groepsdynamica en verschillende soorten
groepen
Ontstaan in de jaren 30.
Hoofdstromingen in de groepsdynamica:
- Interactietheorie: (Bales en Homans) Vat de groep op als een systeem van met elkaar
interactie verkerende individuen(systeem losse individuen). Interactiehypotese / sociaal-
contacthypotese = indien frequente interacties zijn tussen de leden van een groep, zullen
er gevoelens van onderlinge genegenheid groeien en deze gevoelens zullen op hun beurt
leiden tot interacties. Onderscheid tussen externe en interne systeem= extern: alles wat
zich afspeelt aan activiteiten, interacties en gevoelens om als groep ten aanzien van de