Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Anders kijken

Beoordeling
5,0
(1)
Verkocht
13
Pagina's
31
Geüpload op
15-06-2014
Geschreven in
2013/2014

Samenvatting van het boek Anders kijken, hoofdstukken 1,2,3,4,5,6,7,8,9 en paragraaf 10.1

Voorbeeld van de inhoud

Anders kijken - Theorie en praktijk van
de systeembenadering
Joop Willems

Inhoudsopgave
Deel 1 een beknopte inleiding tot de systeemtheorie ............................................................................ 4
1. Het karakter en de plaats van de systeemtheorie .............................................................................. 4
1.2 Een verkenning van de systeemtheorie ........................................................................................ 4
1.3 De verschillende verklaringen van menselijke gedrag in kaart gebracht ...................................... 6
1.4 Vergelijking tussen de eerdere psychologische stromingen en de systeemtheorie ..................... 6
1.5 Een ander soort theorie: het metakarakter van de systeemtheorie ............................................ 8
2. Het systeembegrip en de belangrijkste kenmerken van open systemen ........................................... 9
2.1 het begrip systeem; een definitie.................................................................................................. 9
2.2 Niveaus waarop systemen en hun delen geformuleerd kunnen worden. .................................... 9
2.3 Het tijdselement ............................................................................................................................ 9
2.4 totaliteit of systeemsamenhang.................................................................................................... 9
2.5 Niet-optelbaarheid ........................................................................................................................ 9
2.6 Subsysteem ................................................................................................................................... 9
2.7 Coalitie ......................................................................................................................................... 10
2.8 Homeostase ................................................................................................................................. 10
2.9 Flexibiliteit van het systeem ........................................................................................................ 10
2.10 De omgeving van het systeem .................................................................................................. 10
2.11 Het proces van input, throughput en output van energie en informatie ................................. 10
2.12 Systemen als kringlopen van gebeurtenissen ........................................................................... 11
2.13 Equifinaliteit/multifinaliteit ....................................................................................................... 11
2.14 Organisatie en differentiatie ..................................................................................................... 11
Deel 2 Zeven uitgangspunten met betrekking tot de interactie binnen systemen .............................. 11
3. Over de onmogelijkheid om niet te communiceren ......................................................................... 11
3.1 Uitgangspunt I ............................................................................................................................. 11
3.2 Een paar voorbeelden ................................................................................................................. 11
3.3 Niet-aansluiting van de communicatie........................................................................................ 11
3.4 Ontkenning van de eigen communicatie..................................................................................... 12
3.5 Ontkenning van de verantwoordelijkheid met betrekking tot de eigen communicatie ............. 12
4. Over de gelaagdheid van de communicatie; Het onderscheid tussen het inhouds- en het
betrekkingsaspect ................................................................................................................................. 12

1

, 4.1 Uitgangspunt 2 ............................................................................................................................ 12
4.2 Het tweeledige karakter van bepaalde opleidingen ................................................................... 12
4.3 Het is de toon die de muziek maakt; enkele voorbeelden .......................................................... 12
4.4 Wat is en wat doet het betrekkingsaspect? ................................................................................ 12
4.5 Het onderscheid tussen impliciete en expliciete metacommunicatie ........................................ 13
4.6 Het grote belang van het betrekkingsaspect .............................................................................. 13
4.7 Termen die verwant zijn aan ‘inhoud’ en ‘betrekking’: taak en proces ...................................... 13
4.8 Het betrekkingsniveau nader geanalyseerd; een ander niveau toegevoegd .............................. 13
4.9 Expliciete metacommunicatie als communicatieve vaardigheid ................................................ 14
4.10 Over de ideale verhouding tussen taak en proces .................................................................... 15
4.11 Inhoud en betrekking in intercultureel perspectief .................................................................. 15
5. De verwarringen tussen het inhouds- en het betrekkingsaspect ..................................................... 15
5.1 Uitgangspunt 3 ............................................................................................................................ 15
5.2 Algemene uiteenzetting: toelichting op het schema .................................................................. 15
5.3 De verwarring tussen het inhouds- en het betrekkingsniveau van het type I ............................ 16
5.4 Voorbeelden van verwarringen tussen het inhouds- en het betrekkingsniveau van het type I . 16
5.5 De verwarring tussen het inhouds- en het betrekkingsniveau van het type II ........................... 16
5.6 Voorbeelden van verwarringen tussen het inhouds- en betrekkingsniveau van het type II ...... 17
6. De interpunctie van de interactie...................................................................................................... 17
6.1 Uitgangspunt 4 ............................................................................................................................ 17
6.2 Interpretatie van niet-eenduidige situaties ................................................................................ 17
6.3 Het eigenlijke onderwerp: interpunctie ...................................................................................... 17
6.4 Het begrip interpunctie als element van de lineair-causale denkwijze ...................................... 18
6.5. Definitie van het begrip circulair-causale werkelijkheid ............................................................ 18
6.6 Twee sociaalwetenschappelijke begrippen en theorieën, geplaatst in de bredere context van
de circulaire causaliteit...................................................................................................................... 18
6.7 Circulair-causaal leren kijken naar de werkelijkheid; een tweede definitie van interpunctie .... 19
6.8 De circulaire benadering als professionele competentie ............................................................ 19
6.10 Interpunctie is meer dan een cognitieve activiteit.................................................................... 19
7 Analoge en digitale communicatie ..................................................................................................... 19
7.1 Uitgangspunt 5 ............................................................................................................................ 20
7.2 Sterke en zwakke punten van analoge communicatie enerzijds en digitale communicatie
anderzijds. ......................................................................................................................................... 20
7.3 Van analoog naar digitaal: vaak een moeizame vertaalslag. ...................................................... 21
7.4 Het ritueel als ‘tussenstation’ tussen analoge en digitale communicatie................................... 22
7.5 Het ritueel als interventie en therapie ........................................................................................ 22


2

, 7.6 Congruente en incongruente communicatie .............................................................................. 22
8 Complementaire en symmetrische interactie .................................................................................... 22
8.1 Uitgangspunt 6 ............................................................................................................................ 22
8.2 Vier opmerkingen vooraf............................................................................................................. 22
8.3 Nadere uitwerking van de kernbegrippen complementair en symmetrisch; de begrippen ‘up’ en
‘down’. ............................................................................................................................................... 23
8.4 Voorbeeld van complementaire interacties ................................................................................ 23
8.5 Voorbeeld van symmetrische interacties .................................................................................... 24
8.6 Persoonlijke eigenschappen spelen ook een rol ......................................................................... 24
8.7 Complementaire en symmetrische interacties in relatie met de geestelijke gezondheid van
mensen. ............................................................................................................................................. 24
8.8 Complementariteit en symmetrie binnen duurzame relatiepatronen ....................................... 25
8.9 Positiegebonden en rolbepaalde complementaire interacties. .................................................. 25
8.10 Armando en symmetrische interacties uit de praktijk van alledag ........................................... 25
8.11 Metacomplementaire interacties en relaties. ........................................................................... 26
9 Paradoxale communicatie .................................................................................................................. 26
9.1 Uitgangspunt 7 ............................................................................................................................ 26
9.2 Het begrip ‘double bind’.............................................................................................................. 26
9.3 Het begrip paradox ...................................................................................................................... 26
9.4 Het begrip tegenstrijdigheid........................................................................................................ 27
9.5 Impact van de double bind-situatie............................................................................................. 27
9.6 De bestaanszekerheid in het geding. .......................................................................................... 27
9.7 De paradoxale interventie in de therapie ................................................................................... 27
Deel 3 De systeemtheorie in de praktijk ............................................................................................... 27
Deel 3a, Systemen op het microniveau ................................................................................................. 27
10 Over gezinssystemen ........................................................................................................................ 27
10.1 Gezinsfenomenen, gezinsrollen en gezinsstructuren. .............................................................. 27




3

,Deel 1 een beknopte inleiding tot de systeemtheorie

1. Het karakter en de plaats van de systeemtheorie
1.2 Een verkenning van de systeemtheorie
Geschiedenis van de theorie en praktijk van de systeembenadering
In de jaren veertig van de twintigste eeuw ontstaat er binnen de biologie een wetenschapsbenadering die
ervoor pleit vanuit het grotere geheel, dus op een synthetische of holistische wijze, naar de dingen of
elementen te kijken. In de jaren vijftig wort de oorspronkelijke biologische theorie van Ludwig vond Bertalanffy
verbreedt tot een benadering die in principe bruikbaar is voor alle wetenschappen. Hij noemt zijn theorie de
algemene systeemtheorie, AST.
in 1956 verschijnt een artikel van de Amerikaanse cultureel antropoloog Gregory Bateson en drie anderen,
waarin de oorzaken voor bepaalde vormen van het disfunctioneren van mensen niet binnen het individu zelf
worden gezocht, maar binnen hun omgeving, hun systeem. Dit artikel wordt gezien als het fundament van het
systeemtheorische denken.
De systeemtheoretische stroming wordt ook wel aangeduid als de Palo Alto School.

In de tweede helft van de jaren zeventig van de vorige eeuw deed met het systeemdenken de
gezinsbenadering zijn intrede in Nederland.
Veel kinderrechters namen van de systeemtheorie en de gezinsbehandeling het belangrijkste inzicht over dat
niet al het menselijk gedrag zich laat verklaren vanuit het individu dat dat gedrag vertoont. En dat veel
gedragingen slecht verklaarbaar worden in de context van het omgevende systeem, ofwel het gezin waaruit
het kind afkomstig is.

Het ‘kader’ en de ‘context’ als kernbegrippen
In de systeemtheorie probeert men de objecten te zien als onderdelen van en beïnvloed door het systeem
waarvan zij deel uitmaken.

De belangrijkste uitgangspunten van de systeemtheorie
De kern van de systeemtheorie kan worden samengevat in de volgende vijf principes:
1. Het geheel is meer dan de som van de delen.
2. In een systeem hangt alles met elkaar samen. Als er in een systeem iets verandert, komt het gehele systeem
in beweging.
3. Het gedrag van het individu wordt mede bepaald door het systeem.
4. Het systeem probeert zich op allerlei manieren aan te passen aan zijn omgeving, omdat het wil overleven.
5. Systemen hebben de neiging of behoefte om te overleven.

Individueel gedrag geplaatst in de context van voortdurende interactie
In de systeemtheorie worden de factoren die de gedragingen van mensen beïnvloeden, niet in de persoon zelf
gezocht, maar in de werking van het systeem en in de wisselwerking tussen personen. Het gedrag van een
bepaald persoon vormt altijd een reactie op het gedrag van een ander of van meerdere anderen.
De beschrijvingen en verklaringen van de systeemtheorie hebben dus een sterk de-individualiserend karakter.
Dat wil zeggen dat men de gesignaleerde problemen losmaakt van het individu. Motieven, bedoelingen en
intenties doen er niet zo toe. Men ziet de werkelijkheid niet als een situatie waarin de één erop uit is de ander
het leven zuur te maken of andersom. De benadering van de systeemtheorie is nuchter en zakelijk, omdat zij
niet wenst te speculeren over de bedoelingen en motieven van mensen.

Informatie als kernbegrip
Vrijwel in alle gangbare wetenschappen wordt gedacht in termen van energie. Dit geldt niet voor de
systeemtheorie. Binnen de systeemtheorie staat het begrip informatie centraal. Hierbij wordt niet in de eerste
plaat gedacht aan bedoelde en gestuurde informatie, maar aan de voortdurende stroom van zowel verbale als
non-verbale, onbewuste en onbedoelde signalen die mensen uitzenden en ontvangen.
Het systeem functioneert doordat er voortduren informatie wordt uitgewisseld tussen de delen van het
systeem en tussen het systeem en zijn omgeving.




4

, Feedback als een specifieke vorm van informatie binnen het systeem: circulaire informatieprocessen en het
vermogen tot informatieverwerking
Feedback is een wezenlijk kenmerk van sociale systemen. Het begrip feedback duidt het verschijnsel aan dat
organismen, organisaties, groepen en gezinnen in staat zijn informatie vanuit het systeem of van daarbuiten te
ontvangen en te verwerken, waardoor ze het vermogen hebben hun eigen functioneren bij te sturen.
Het begrip feedback uit de systeemtheorie is een ander begrip dan dat in het algemeen spraakgebruik
gangbaar is dat duidt op de informatie – zogenoemde positieve of negatieve feedback – die men soms van
anderen krijgt m.b.t het eigen gedrag en functioneren. Feedback in de systeemtheorie duidt op alle processen
van informatieterugkoppeling en – verwerking. Daarbij verloopt de informatiestroom in cirkels; er worden
binnen het systeem en tussen het systeem en zijn omgeving over en weer voortdurend berichten uitgezonden.
Bij deze cirkels van informatie vormt een duidelijke reactie evenzeer een ‘bericht’ als geen reactie of een
onbewust gegeven reactie.

Negatieve feedback in de systeemtheorie (!) draagt bij aan de bestendiging van de situatie, aan het
voortbestaan van de bestaande toestand van het systeem. Negatieve feedback is erop gericht veranderingen
tegen te gaan. Positieve feedback in de systeemtheorie (!) is daarentegen de vorm van feedback die erop is
gericht dat het systeem verandert en dat een bepaalde systeemnorm, die tot dan toe gold, wordt losgelaten.

Herhaling, beperking, voorspelbaarheid, redundantie en patroon
Hoewel zich in systemen allerlei veranderingen voordoen, is herhaling het kenmerk waaraan men een systeem
herkent. Wanneer eenmaal een bepaald patroon van interactie in een systeem is ontstaan, verschaffen de
daarna volgende interacties steeds minder nieuwe informatie.

Als er in de loop van het kennismakings- en samenlevingsproces eenmaal een bepaald traject is afgelegd en
een aantal ‘wissels’ is genomen, behoort in wezen 80 à 90 procent van het totaal aan theoretische
gedragsmogelijkheden niet meer tot de waarschijnlijk realiseerbare opties. Dit verschijnsel wordt beperking
genoemd. Dit is niet slecht of negatief. Het verschijnsel zorgt namelijk voor vertrouwdheid en zekerheid. En dit
ingrijpende selectieproces creëert een bepaalde mate van beheersbaarheid en voorspelbaarheid van de
situatie. Deze steeds grotere voorspelbaarheid van systemen wordt met de term redundantie genoemd.
Redundantie = patroon.

Communicatie als voertuig van de informatie binnen systemen
Binnen het algemeen spraakgebruik wordt communicatie opgevat als het leggen van contact met anderen en
als het vermogen naar de ander te luisteren, met de ander te spreken en de ander te begrijpen.
Als we het begrip communicatie gebruiken, moeten we ons goed realiseren dat dit begrip binnen de
systeemtheorie een andere betekenis heeft dan in het algemeen spraakgebruik. Het begrip communicatie in de
systeemtheorie (!) heeft een veel bredere, neutralere en niet vanzelfsprekend positieve betekenis. Binnen de
systeemtheorie geldt dat alle gedrag communicatie is en dat de volgende vier begrippen identiek zijn:
Communicatie = interactie = gedrag = beïnvloeding
Alle gedrag heeft een communicatief aspect.




5

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1 tot en met 10.1
Geüpload op
15 juni 2014
Aantal pagina's
31
Geschreven in
2013/2014
Type
SAMENVATTING
€4,59
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
8 jaar geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Marloes94samenvattingen Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
132
Lid sinds
12 jaar
Aantal volgers
99
Documenten
4
Laatst verkocht
2 jaar geleden

Ik schrijf bondige en zakelijke samenvattingen, waarbij ik sterk bij de originele tekst blijf.

4,1

19 beoordelingen

5
5
4
10
3
4
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen