H1: algemene inleiding
1. oorsprong economie
● Economie (Grieks oikonomia = huishouding)
- Sociale wetenschap
- Doel: het menselijk streven naar maximale welvaart m.b.v. schaarse
middelen
● Economie in de praktijk
- Verdeling van schaarse goederen en diensten en vooral om de
wetmatigheden die een rol spelen bij die verdeling
1.2 Grondleggers van de economie
● Schotse filosoof Adam Smith (1723-1790) schreef An Inquiry into the Nature and
Causes of the Wealth of Nations (1776), over de aard en oorzaak van de welvaart in
1776.
● The invisible hand
- Zo weinig mogelijk tussenkomst van overheid
- “de onzichtbare hand” zorgt voor maximale welvaart
● Dit wordt gezien als het begin van de economie als wetenschap.
● Industriële revolutie
- Technologische vooruitgang => andere inrichting van productie
- Invloed op verdeling van schaarse middelen
● John Maynard Keynes (1883-1946) schreef General Theory of Employment, Intrest
and Money (1936).
● Deze Brit bepleitte een actieve rol van de overheid bij het reguleren van nationale en
internationale economie.
● De Amerikaanse monetarist Milton Friedman (1912-2006) legde in de jaren tachtig
veel nadruk op de rol van geld in de economie en hoe overheden omgaan met
creatie van geld en rentebeleid.
● In Capitalism and Freedom pleitte hij voor een nachtwakersstaat (overheid zorgt
enkel voor veiligheid bedrijven en burgers).
1.3 Economische organisatievormen
- Centraal geleide of planeconomie
Alleen de staat kan goederen en diensten aanbieden. Er is geen marktmechanisme.
Dit is in praktijk gebracht door het communisme.
- Vrijemarkteconomie of kapitalisme
De private ondernemingen bepalen het mechanisme van vraag en aanbod.
- Gemengde economie
Elementen van het kapitalisme en het socialisme worden samengevoegd. De vrije
marktwetten overheersen hier wel.
1.4 Deelterreinen economie
- algemene economie
1
, - bedrijfseconomie
2. Algemene economie
● Focus op relatie economie en maatschappij
● Hierbij gaat het vooral om het voorzien van schaarse goederen die de mens kan
gebruiken.
● Met schaars bedoelt men dat er voor het goed productiemiddelen moeten worden
opgeofferd om in een behoefte te voorzien.
- Uitsluiten van andere mogelijkheden tot behoeftebevrediging
- ≠ zeldzaam product
2.1 Deelterreinen algemene economie
● Macro-economie: beoogt de verschillende geaggregeerde (opgetelde) grootheden in
de volkshuishouding vast te stellen en hun ontwikkeling verklaren.
- Nationaal inkomen
- Werkgelegenheid
- Consumptie
- …
● Meso-economie: economische processen binnen een markt/bedrijfstak
● Micro-economie: houdt zich bezig met gedragingen van individuele economische
agenten.
3. Bedrijfseconomie
- Dit aspect bestudeert de bedrijfshuishouding en de relaties tussen bedrijven en is
daarmee onderdeel van de micro-economie.
- Het is de economische kant van de bedrijfskunde waarin men de financiële toestand
van het bedrijf schetst.
- Hierin staan twee onderwerpen centraal:
1. De interne bedrijfshuishouding
2. De relaties van het bedrijf met zijn omgeving
3.1 Interne bedrijfshuishouding
● Dit is de administratie die alle afspraken en verplichtingen van het bedrijf vastlegt om
het bedrijf lopend te houden.
- Breder dan alleen de financiële administratie
- Goederenhuishouding (logistiek), personele huishouding (HR), …
● Financiële administratie:
- Jaarrekening opmaken (balans en de winst- en verliesrekening met eventueel
cashflowoverzicht).
- Managementrapportage (management accounting)
2
,3.2 Relaties met de omgeving
● Uitgedrukt in geldstromen van geldmiddelen.
- Bepaald door inkoop (inkomende stroom) en verkoop (uitgaande stroom)
diensten en goederen + financiële afhandeling.
Deze transacties vormen het kasstroombeheer of cash management.
● Om het bedrijfsproces te financieren zijn er ook middelen nodig, de corporate
finance, vooral bij het opstarten of vernieuwen.
- Geldmarkt (< 2 jaar)
- Kapitaalmarkt (> 2 jaar)
● Daarnaast is de relatie met de klant ook zeer belangrijk.
- Doel: klanten werven en behouden
- Taak relatiebeheer en marketing
3.3 Management control
- Doel: interne bedrijfshuishouding en de relaties met de omgeving te kunnen
‘besturen’ of ‘beheersen’
- Management control is het beïnvloeden van de ondernemers teneinde de strategie
van de onderneming uit te voeren.
4. Rol van de bedrijfseconomie
- Binnen het deelterrein van de bedrijfseconomie zijn namelijk globaal vier
deelterreinen te onderscheiden, die uit bovenstaande onderwerpen volgen in de
bedrijfseconomie:
1. Financiering
2. Management accounting of interne verslaggeving
3. Cost accounting
4. Financial accounting of externe verslaggeving
4.1 Economische kringloop
- Het economisch handelen van een land, een organisatie of een consument is
onderdeel van de economische kringloop.
- 3 partijen onderdeel, namelijk:
1. Bedrijven: zorgen voor de dynamiek van het produceren en/of aanbieden van
producten en diensten.
2. Overheid: zorgt voor een zekere regulering van de productie/het aanbieden van
producten en diensten in de vorm van wet- en regelgeving.
3. Consumenten: zorgen voor de productie en het verwerven van
producten/diensten.
3
, - De arbeidsmarkt zorgt voor personeel voor zowel bedrijven als overheid.
Tegelijkertijd betalen de consumenten belasting aan de overheid over het loon
dat ze ontvangen van de bedrijven, waarvoor ze werken.
- De overheid zorgt in ruil voor die belastingen voor infrastructuur, regelgeving en
wetten.
- De bedrijven betalen loon aan de werknemers, waarmee de werknemers aan hun
verplichtingen kunnen voldoen. De bedrijven produceren en verkopen goederen en
diensten aan de consument en moeten over de winst die ze maken weer belasting
betalen aan de overheid.
4.2 Bedrijfskolom
- De bedrijfskolom beschrijft de fasen die een product doorloopt van
grondstofproducent tot en met detailhandel.
- De verschillende schakels in de bedrijfskolom komen via markten met elkaar in
contact.
- Het geheel van schakels noemen we de bedrijfskolom.
- Tussen de schakels wordt elke keer waarde (opofferen van productiemiddelen)
gevoegd, die dan ook bekendstaat als ‘toegevoegde waarde’.
4
1. oorsprong economie
● Economie (Grieks oikonomia = huishouding)
- Sociale wetenschap
- Doel: het menselijk streven naar maximale welvaart m.b.v. schaarse
middelen
● Economie in de praktijk
- Verdeling van schaarse goederen en diensten en vooral om de
wetmatigheden die een rol spelen bij die verdeling
1.2 Grondleggers van de economie
● Schotse filosoof Adam Smith (1723-1790) schreef An Inquiry into the Nature and
Causes of the Wealth of Nations (1776), over de aard en oorzaak van de welvaart in
1776.
● The invisible hand
- Zo weinig mogelijk tussenkomst van overheid
- “de onzichtbare hand” zorgt voor maximale welvaart
● Dit wordt gezien als het begin van de economie als wetenschap.
● Industriële revolutie
- Technologische vooruitgang => andere inrichting van productie
- Invloed op verdeling van schaarse middelen
● John Maynard Keynes (1883-1946) schreef General Theory of Employment, Intrest
and Money (1936).
● Deze Brit bepleitte een actieve rol van de overheid bij het reguleren van nationale en
internationale economie.
● De Amerikaanse monetarist Milton Friedman (1912-2006) legde in de jaren tachtig
veel nadruk op de rol van geld in de economie en hoe overheden omgaan met
creatie van geld en rentebeleid.
● In Capitalism and Freedom pleitte hij voor een nachtwakersstaat (overheid zorgt
enkel voor veiligheid bedrijven en burgers).
1.3 Economische organisatievormen
- Centraal geleide of planeconomie
Alleen de staat kan goederen en diensten aanbieden. Er is geen marktmechanisme.
Dit is in praktijk gebracht door het communisme.
- Vrijemarkteconomie of kapitalisme
De private ondernemingen bepalen het mechanisme van vraag en aanbod.
- Gemengde economie
Elementen van het kapitalisme en het socialisme worden samengevoegd. De vrije
marktwetten overheersen hier wel.
1.4 Deelterreinen economie
- algemene economie
1
, - bedrijfseconomie
2. Algemene economie
● Focus op relatie economie en maatschappij
● Hierbij gaat het vooral om het voorzien van schaarse goederen die de mens kan
gebruiken.
● Met schaars bedoelt men dat er voor het goed productiemiddelen moeten worden
opgeofferd om in een behoefte te voorzien.
- Uitsluiten van andere mogelijkheden tot behoeftebevrediging
- ≠ zeldzaam product
2.1 Deelterreinen algemene economie
● Macro-economie: beoogt de verschillende geaggregeerde (opgetelde) grootheden in
de volkshuishouding vast te stellen en hun ontwikkeling verklaren.
- Nationaal inkomen
- Werkgelegenheid
- Consumptie
- …
● Meso-economie: economische processen binnen een markt/bedrijfstak
● Micro-economie: houdt zich bezig met gedragingen van individuele economische
agenten.
3. Bedrijfseconomie
- Dit aspect bestudeert de bedrijfshuishouding en de relaties tussen bedrijven en is
daarmee onderdeel van de micro-economie.
- Het is de economische kant van de bedrijfskunde waarin men de financiële toestand
van het bedrijf schetst.
- Hierin staan twee onderwerpen centraal:
1. De interne bedrijfshuishouding
2. De relaties van het bedrijf met zijn omgeving
3.1 Interne bedrijfshuishouding
● Dit is de administratie die alle afspraken en verplichtingen van het bedrijf vastlegt om
het bedrijf lopend te houden.
- Breder dan alleen de financiële administratie
- Goederenhuishouding (logistiek), personele huishouding (HR), …
● Financiële administratie:
- Jaarrekening opmaken (balans en de winst- en verliesrekening met eventueel
cashflowoverzicht).
- Managementrapportage (management accounting)
2
,3.2 Relaties met de omgeving
● Uitgedrukt in geldstromen van geldmiddelen.
- Bepaald door inkoop (inkomende stroom) en verkoop (uitgaande stroom)
diensten en goederen + financiële afhandeling.
Deze transacties vormen het kasstroombeheer of cash management.
● Om het bedrijfsproces te financieren zijn er ook middelen nodig, de corporate
finance, vooral bij het opstarten of vernieuwen.
- Geldmarkt (< 2 jaar)
- Kapitaalmarkt (> 2 jaar)
● Daarnaast is de relatie met de klant ook zeer belangrijk.
- Doel: klanten werven en behouden
- Taak relatiebeheer en marketing
3.3 Management control
- Doel: interne bedrijfshuishouding en de relaties met de omgeving te kunnen
‘besturen’ of ‘beheersen’
- Management control is het beïnvloeden van de ondernemers teneinde de strategie
van de onderneming uit te voeren.
4. Rol van de bedrijfseconomie
- Binnen het deelterrein van de bedrijfseconomie zijn namelijk globaal vier
deelterreinen te onderscheiden, die uit bovenstaande onderwerpen volgen in de
bedrijfseconomie:
1. Financiering
2. Management accounting of interne verslaggeving
3. Cost accounting
4. Financial accounting of externe verslaggeving
4.1 Economische kringloop
- Het economisch handelen van een land, een organisatie of een consument is
onderdeel van de economische kringloop.
- 3 partijen onderdeel, namelijk:
1. Bedrijven: zorgen voor de dynamiek van het produceren en/of aanbieden van
producten en diensten.
2. Overheid: zorgt voor een zekere regulering van de productie/het aanbieden van
producten en diensten in de vorm van wet- en regelgeving.
3. Consumenten: zorgen voor de productie en het verwerven van
producten/diensten.
3
, - De arbeidsmarkt zorgt voor personeel voor zowel bedrijven als overheid.
Tegelijkertijd betalen de consumenten belasting aan de overheid over het loon
dat ze ontvangen van de bedrijven, waarvoor ze werken.
- De overheid zorgt in ruil voor die belastingen voor infrastructuur, regelgeving en
wetten.
- De bedrijven betalen loon aan de werknemers, waarmee de werknemers aan hun
verplichtingen kunnen voldoen. De bedrijven produceren en verkopen goederen en
diensten aan de consument en moeten over de winst die ze maken weer belasting
betalen aan de overheid.
4.2 Bedrijfskolom
- De bedrijfskolom beschrijft de fasen die een product doorloopt van
grondstofproducent tot en met detailhandel.
- De verschillende schakels in de bedrijfskolom komen via markten met elkaar in
contact.
- Het geheel van schakels noemen we de bedrijfskolom.
- Tussen de schakels wordt elke keer waarde (opofferen van productiemiddelen)
gevoegd, die dan ook bekendstaat als ‘toegevoegde waarde’.
4