1- het begrip context
1.2 - de context
Het begrip context verwijst naar het netwerk van betekenisvolle relaties.
1. Directe familierelaties kleine kring van het bezin waarin iemand is
opgegroeid of war hij op dit moment deel van uitmaakt
2. Grotere (intergenerationele) familieverband
De contextuele benadering heeft oog voor de samenhang tussen de
verschillende generaties waaruit iemand is voortgekomen. Verbondenheid
in drie of vier generaties.
Familierelaties worden gegeven relaties genoemd, je hoort bij je familie,
omdat je erin geboren bent. Relaties die niet verbroken kunnen worden.
Verworven relaties: relaties die je door je leven heen opdoet. Er kan ook
een familie bestaan uit gegeven en verworven relaties: aangenomen
kinderen, etc.
1.3 – genogrammen
Een genogram is een gevisualiseerde stamboom, waarin met behulp van
symbolen de samenstelling van een familie wordt weergegeven. Bestaat
uit ten minste 3 generaties.
1.4 – overdracht binnen families
Er zijn vier aspecten te onderscheiden in de context: erfelijke aanleg,
sociale omgevingsfactoren, gewoonten en gebruiken, normen en waarden.
1.4.1 – erfelijke aanleg
Het gaat om eigenschappen van iemand die door genetische aanleg zijn
bepaald.
1.4.2 – sociale omgevingsfactoren
Eigenschappen waar opvoeding en leefomstandigheden een belangrijke rol
in spelen. Wat in aanleg wel gegeven is, komt mogelijk niet of nauwelijks
tot ontplooiing in een omgeving waarin dit nauwelijks aangemoedigd
wordt. Wat iemand in aanleg minder heeft meegekregen, zou in een
stimulerend omgeving tot grotere bloei kunnen komen dan in andere
omstandigheden. Karaktereigenschappen zijn niet alleen genetisch
bepaald, maar kunnen in de sociale omgeving worden gevormd.
1.4.3 – gewoonten en gebruiken
Deze worden binnen de persoonlijke omgang tussen ouders en kinderen
overgedragen.
, 1.4.4 – normen en waarden
Veel gewoonten en gebruiken vinden hun oorsprong in opvattingen over
wat hoort en niet hoort. De familie vindt dat het zo hoort. Impliciet en
expliciet dragen families dit soort regels over het leven door aan
(klein)kinderen. Dit wordt door het ene gezin als vanzelfsprekend ervaren,
terwijl daar in andere families heel anders over wordt nagedacht.
2 – relationele ethiek en de vier dimensies
2.1 - inleiding
Nagy gaat ervan uit dat de basis van de menselijke relaties wordt gevormd
doordat mensen aan elkaar geven en van elkaar ontvangen. Dit leer je in
de context waarin je opgroeit, en de balans die hiertussen ontwikkelt. Ze
zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden.
Nagy gaat er ook vanuit dat het rechtvaardig is dat je in relaties mag
geven en ontvangen. Dat is eerlijk, het doet een mens recht en hij komt
erdoor tot zijn recht. Dit wordt de dimensie van de relationele ethiek
genoemd. Het gaat hem met het woord ethiek over of de relaties
rechtvaardig zijn of niet. Dat betekent dat alle betrokkenen in een relatie
of gezinssysteem mogen even en ontvangen. De balans tussen geven en
ontvangen in een relatie hoeft niet altijd in evenwicht te zijn. In bepaalde
levens- en ontwikkelingsfasen heeft een mens meer zorg nodig en kan hij
minder geven.
2.2 – geven en ontvangen
Geven en ontvangen leer je in het gezin waarin je opgroeit. Kenmerkend
voor de visie van Nagy is dat een kind er niet alleen recht op heeft om van
zijn ouders te ontvangen wat hij nodig heeft, maar dat hij ook het recht
heeft aan hen te mogen geven. Door te geven wat bij zijn leeftijd en
ontwikkeling past, groeit iemand tot een evenwichtige volwassene die in
staat is betrouwbare en veilige relaties aan te gaan met andere mensen.
De balans van geven en ontvangen van een persoon nu, kan niet los
gezien worden van zijn familiegeschiedenis.
2.3 – de vier dimensies van de relationele werkelijkheid
De relationele ethiek wordt ook wel de vierde dimensie genoemd. Deze
hebben alle vier invloed op relaties tussen mensen
2.3.1 – eerste dimensie: de feiten
Om de manier waarop iemand in het leven en in relaties staat goed te
kunnen begrijpen, is het belangrijk zicht te hebben op feiten die zijn leven
kleuren. Feiten hebben relationele consequenties: ze hebben invloed op
wat er tussen mensen gebeurt en op wat mensen wel of juist niet voor
elkaar kunnen betekenen.
Niet alleen de feiten in de huidige levenssituatie is van belang, maar ook
de gegevens uit de voorgaande generaties.