Grondslagen van ergotherapie
hoofdstuk 1: ergotherapie in perspectief
1. Inleiding
1910 -> oorsprong van ET in de Verenigde Staten.
Na WOII werd het verspreid over Europa.
1950 -> ET in Nederland en België.
- Periode van grote maatschappelijke,
sociale en politieke veranderingen
- Mensen trekken naar stad om werk te
zoeken -> hebben moeite om zich aan te
passen aan de stadscultuur
2. Gezondheid door de eeuwen heen Door corruptie, misbruik en
intolerantie door kerk en staat ->
veel mensen uitgebuit
1ste stappen naar Gevolg: er ontstaan diepgaande
moderne conflicten en opstanden tegen de
geneeskunde -> Basis werd
uitbuiting door hogere klasse
Hippocrates werd gelegd voor
gezien als humanisme
oprichter
grieken en middeleeuw industriële
oudheid renaissance verlichting
romeinen en revolutie
- Logisch denken -> betrouwbare manier
Er was 1ste stappen in
van kennis gezien
sprake van de
- 1ste ideeën ontwikkeld -> bevolking
heilzame wetenschap
betrekken bij economische en politieke
werking van van
besluitvorming
arbeid, spel - Kloof tussen rijk en arm blijft groot
en rust - Gelijkheid is bijna weg
- Gekenmerkt door start industriële revo
3. Paradigma’s
1
, = een samenhangend geheel van theorieën en theoretische denkkaders
Omvat kern van een beroep, de fundamentele uitganspunten en de
beroepswaarde
Het is altijd in beweging
Bij de ontwikkeling van ergotherapie kan je verschillende paradigma’s
herkennen
Elk paradigma kan gekoppeld worden aan een periode
In elke periode kan je ook een verschuiving zien van kernmerken,
uitgangspunten en waarden
Ergotherapeutische paradigma’s
1. Preparadigma (1800-1900)
Gekend door het gedachten goed van moral treatment (morele
behandeling), arts and crafts en non-restraint (zonder
dwang)
Moral treatment
- Werd ingezet omdat men dacht dat geestesziekten het gevolg
waren van verkeerde denkprocessen.
- Benadering van psychiatrie -> gebaseerd op humanistische
filosofie en de vooruitgang dat een rationele, zorgzame
benadering het mogelijk maakt hun gedachten en acties te
normaliseren.
- Werden op basis van morele waarden behandeld in zogenaamde
stichtingen ver afgelegen van de bewoonde wereld. (groen met
hoge hekken)
- Hun humanistische uitgangspunten beïnvloeden nog altijd in
aangepaste vorm de huidige ergotherapie. -> stellen de cliënt
centraal en is gebaseerd op betekenis volle activiteiten.
Pinel (Frankrijk)
- Past de principes van moral treatment toe
- Bevrijdt de “geestgestoorden” die opgesloten zitten in
ziekenhuizen in Parijs “van hun keten”
- Introduceert werktherapie/ergo als behandeling
- Streeft naar terugkeer van vroegere interesse en werk als
onderdeel van herstel
- Arbeid werd beschouwd als middel om mensen met afwijkend
gedrag te disciplineren
Tuke (Engeland)
- Ontwikkeld gelijksoortig initiatief als Pinel -> arbeid als therapie
- Benadert cliënten met respect en vriendelijkheid
- Legt de nadruk op gewoonte, manieren en voorkeuren voor
activiteiten in behandelingen
2
, Arts-and-craftsbeweging (Engeland)
- Morris en Ruskin
- Ontstaat als tegenhanger van industriële revolutie
- Ipv massaproducten werden er handgemaakte producten en
artistiek design aangemoedigd
- Geijverd voor sociale rechtvaardigheid en betere werk- en
leefomstandigheden
Conolly (Engelse psychiater)
- Non-restraint (niet gedwongen)
- Voortbouwen op gedachten van Pinel en Tuke
- Doel: houding ten aanzichten van psychiatrische cliënten
veranderen en de cliënten te verplegen zonder dwang
- restraint wordt vervangen door:
benadering van vriendelijkheid en aandacht
opnieuw leren van sociale vaardigheden
aanbieden van onderwijs
mentale en fysieke ondersteuning
- Einddoel: cliënten terugbrengen naar hun normale leven
- Activiteiten: afwisselen tussen rustgevende activiteiten en lichte
arbeidswerkzaamheden
2. Paradigma van het handelen (1900-1950)
- Begin 20ste eeuw -> beroep ergotherapie (occupational therapy)
- Ontwikkeld vanuit de Verenigde Staten (activeren van
psychiatrische en tuberculoze cliënten) -> aanbieden arbeid of
activiteiten
- Europa: WOI -> gewonde soldaten – behoefte aan personeel met
kennis van revalidatie, arbeidsrehabilitatie en re-integratie
- Ergotherapie (onder de naam van arbeidstherapie) vindt
hoofdzakelijk haar oorsprong in de psychiatrie
- Beperkte aandacht aan dagelijks handelen
- Activiteiten gefocust op arbeid
- Volgens de principes van moral treatment, arts en
craftsbewegingen en non-restraint
- Arbeid: middel om de gedachten af te keuden en verveling te
voorkomen
- Groeiend inzicht in therapeutische waarde van doelgerichte
arbeid
3. Mechanistisch/reductionistisch paradigma (1950-1980)
- Geschiedenis ergotherapie in België en Nederland -> vanaf WOII
- Doel: oorlogsvaliden weer laten deelnemen aan maatschappelijk
leven
- Mensen nodig voor wederopbouw
3
hoofdstuk 1: ergotherapie in perspectief
1. Inleiding
1910 -> oorsprong van ET in de Verenigde Staten.
Na WOII werd het verspreid over Europa.
1950 -> ET in Nederland en België.
- Periode van grote maatschappelijke,
sociale en politieke veranderingen
- Mensen trekken naar stad om werk te
zoeken -> hebben moeite om zich aan te
passen aan de stadscultuur
2. Gezondheid door de eeuwen heen Door corruptie, misbruik en
intolerantie door kerk en staat ->
veel mensen uitgebuit
1ste stappen naar Gevolg: er ontstaan diepgaande
moderne conflicten en opstanden tegen de
geneeskunde -> Basis werd
uitbuiting door hogere klasse
Hippocrates werd gelegd voor
gezien als humanisme
oprichter
grieken en middeleeuw industriële
oudheid renaissance verlichting
romeinen en revolutie
- Logisch denken -> betrouwbare manier
Er was 1ste stappen in
van kennis gezien
sprake van de
- 1ste ideeën ontwikkeld -> bevolking
heilzame wetenschap
betrekken bij economische en politieke
werking van van
besluitvorming
arbeid, spel - Kloof tussen rijk en arm blijft groot
en rust - Gelijkheid is bijna weg
- Gekenmerkt door start industriële revo
3. Paradigma’s
1
, = een samenhangend geheel van theorieën en theoretische denkkaders
Omvat kern van een beroep, de fundamentele uitganspunten en de
beroepswaarde
Het is altijd in beweging
Bij de ontwikkeling van ergotherapie kan je verschillende paradigma’s
herkennen
Elk paradigma kan gekoppeld worden aan een periode
In elke periode kan je ook een verschuiving zien van kernmerken,
uitgangspunten en waarden
Ergotherapeutische paradigma’s
1. Preparadigma (1800-1900)
Gekend door het gedachten goed van moral treatment (morele
behandeling), arts and crafts en non-restraint (zonder
dwang)
Moral treatment
- Werd ingezet omdat men dacht dat geestesziekten het gevolg
waren van verkeerde denkprocessen.
- Benadering van psychiatrie -> gebaseerd op humanistische
filosofie en de vooruitgang dat een rationele, zorgzame
benadering het mogelijk maakt hun gedachten en acties te
normaliseren.
- Werden op basis van morele waarden behandeld in zogenaamde
stichtingen ver afgelegen van de bewoonde wereld. (groen met
hoge hekken)
- Hun humanistische uitgangspunten beïnvloeden nog altijd in
aangepaste vorm de huidige ergotherapie. -> stellen de cliënt
centraal en is gebaseerd op betekenis volle activiteiten.
Pinel (Frankrijk)
- Past de principes van moral treatment toe
- Bevrijdt de “geestgestoorden” die opgesloten zitten in
ziekenhuizen in Parijs “van hun keten”
- Introduceert werktherapie/ergo als behandeling
- Streeft naar terugkeer van vroegere interesse en werk als
onderdeel van herstel
- Arbeid werd beschouwd als middel om mensen met afwijkend
gedrag te disciplineren
Tuke (Engeland)
- Ontwikkeld gelijksoortig initiatief als Pinel -> arbeid als therapie
- Benadert cliënten met respect en vriendelijkheid
- Legt de nadruk op gewoonte, manieren en voorkeuren voor
activiteiten in behandelingen
2
, Arts-and-craftsbeweging (Engeland)
- Morris en Ruskin
- Ontstaat als tegenhanger van industriële revolutie
- Ipv massaproducten werden er handgemaakte producten en
artistiek design aangemoedigd
- Geijverd voor sociale rechtvaardigheid en betere werk- en
leefomstandigheden
Conolly (Engelse psychiater)
- Non-restraint (niet gedwongen)
- Voortbouwen op gedachten van Pinel en Tuke
- Doel: houding ten aanzichten van psychiatrische cliënten
veranderen en de cliënten te verplegen zonder dwang
- restraint wordt vervangen door:
benadering van vriendelijkheid en aandacht
opnieuw leren van sociale vaardigheden
aanbieden van onderwijs
mentale en fysieke ondersteuning
- Einddoel: cliënten terugbrengen naar hun normale leven
- Activiteiten: afwisselen tussen rustgevende activiteiten en lichte
arbeidswerkzaamheden
2. Paradigma van het handelen (1900-1950)
- Begin 20ste eeuw -> beroep ergotherapie (occupational therapy)
- Ontwikkeld vanuit de Verenigde Staten (activeren van
psychiatrische en tuberculoze cliënten) -> aanbieden arbeid of
activiteiten
- Europa: WOI -> gewonde soldaten – behoefte aan personeel met
kennis van revalidatie, arbeidsrehabilitatie en re-integratie
- Ergotherapie (onder de naam van arbeidstherapie) vindt
hoofdzakelijk haar oorsprong in de psychiatrie
- Beperkte aandacht aan dagelijks handelen
- Activiteiten gefocust op arbeid
- Volgens de principes van moral treatment, arts en
craftsbewegingen en non-restraint
- Arbeid: middel om de gedachten af te keuden en verveling te
voorkomen
- Groeiend inzicht in therapeutische waarde van doelgerichte
arbeid
3. Mechanistisch/reductionistisch paradigma (1950-1980)
- Geschiedenis ergotherapie in België en Nederland -> vanaf WOII
- Doel: oorlogsvaliden weer laten deelnemen aan maatschappelijk
leven
- Mensen nodig voor wederopbouw
3