Leerdoelen
• Begrijpen en weten hoe het lichaam energie vrijmaakt uit voeding
• Inzicht in de eigenschappen van de energie balans
• Weten wat de kenmerken zijn van de gevoede en gevaste toestand
van het lichaam en welke organen hierbij een belangrijke rol spelen
Metabolisme
Centrale bron van energie is glucose. Er ontstaat een plant in chlorofyl een
chemische reactie d.m.v. de zon en er ontstaat glucose. Wij eten dit door groente te
eten, maar ook door vlees te eten (het dier heeft planten gegeten). Fotosynthese
Anabole reacties: er wordt iets gevormd en hier is energie voor nodig. Bv. Glucose +
glucose -> glycogeen. Glycerol + vetzuren -> triglyceride. Aminozuur + aminozuur ->
eiwit.
Katabole reacties: er wordt iets afgebroken en hierbij komt energie vrij. Glycogeen ->
glucose +glucose. Triglyceride -> glycerol + vetzuren. Eiwit -> aminozuur
+aminozuur. Deze energie moet worden vast gelegd. 40% van de energie wordt
daadwerkelijk vastgelegd in ATP. 60% gaat verloren aan warmte, water en CO2.
ATP vangt en slaat energie op in de bindingen tussen de fosfaatgroepen.
ATP naar ADP: Energie uit ATP komt vrij (bv. Voor spieren) als een
hoge-energie-fosfaat binding wordt verbroken. Hierdoor verliest ATP
een fosfaatgroep en wordt het ADP.
ADP naar ATP: Energie uit de vertering van koolhydraten, vetten en
eiwitten worden gebruikt om de fosfaat groep aan ADP te bevestigen
en er dus ATP van te maken.
Mitochondriën zorgt voor het maken van energie. Dit gebeurt met enzymatische
reacties onder invloed van co-enzymen en andere cofactoren. Als deze missen kan
er geen energie vrijkomen, dus erg belangrijk. Door de koolstofskeletten van de
nutriënten (koolhydraat, vet, eiwit) af te breken door oxidatie. 2H en 2e- worden
verwijderd en er komt energie vrij. Als er een reductie reactie plaatsvindt, dan wordt
2H +2e- toegevoegd en dit kost energie.
Energie uit glucose
Oxidatie van glucose in drie stappen:
energie uit aerobe proces is veel meer.
1. glycolyse (anaeroob); er wordt ATP gebruikt om de reactie op gang te brengen en
aan het eind komt er meer energie vrij.
2. melkzuur( hele snelle energie) van spieren naar lever, die kan het omzetten (cori
cyclus) in glucose; anaerobe en snelle energie. De lever herstelt de verzuring door
glucose ervan te maken.
3. Citroenzuur cyclus; niet omkeerbaar
• Begrijpen en weten hoe het lichaam energie vrijmaakt uit voeding
• Inzicht in de eigenschappen van de energie balans
• Weten wat de kenmerken zijn van de gevoede en gevaste toestand
van het lichaam en welke organen hierbij een belangrijke rol spelen
Metabolisme
Centrale bron van energie is glucose. Er ontstaat een plant in chlorofyl een
chemische reactie d.m.v. de zon en er ontstaat glucose. Wij eten dit door groente te
eten, maar ook door vlees te eten (het dier heeft planten gegeten). Fotosynthese
Anabole reacties: er wordt iets gevormd en hier is energie voor nodig. Bv. Glucose +
glucose -> glycogeen. Glycerol + vetzuren -> triglyceride. Aminozuur + aminozuur ->
eiwit.
Katabole reacties: er wordt iets afgebroken en hierbij komt energie vrij. Glycogeen ->
glucose +glucose. Triglyceride -> glycerol + vetzuren. Eiwit -> aminozuur
+aminozuur. Deze energie moet worden vast gelegd. 40% van de energie wordt
daadwerkelijk vastgelegd in ATP. 60% gaat verloren aan warmte, water en CO2.
ATP vangt en slaat energie op in de bindingen tussen de fosfaatgroepen.
ATP naar ADP: Energie uit ATP komt vrij (bv. Voor spieren) als een
hoge-energie-fosfaat binding wordt verbroken. Hierdoor verliest ATP
een fosfaatgroep en wordt het ADP.
ADP naar ATP: Energie uit de vertering van koolhydraten, vetten en
eiwitten worden gebruikt om de fosfaat groep aan ADP te bevestigen
en er dus ATP van te maken.
Mitochondriën zorgt voor het maken van energie. Dit gebeurt met enzymatische
reacties onder invloed van co-enzymen en andere cofactoren. Als deze missen kan
er geen energie vrijkomen, dus erg belangrijk. Door de koolstofskeletten van de
nutriënten (koolhydraat, vet, eiwit) af te breken door oxidatie. 2H en 2e- worden
verwijderd en er komt energie vrij. Als er een reductie reactie plaatsvindt, dan wordt
2H +2e- toegevoegd en dit kost energie.
Energie uit glucose
Oxidatie van glucose in drie stappen:
energie uit aerobe proces is veel meer.
1. glycolyse (anaeroob); er wordt ATP gebruikt om de reactie op gang te brengen en
aan het eind komt er meer energie vrij.
2. melkzuur( hele snelle energie) van spieren naar lever, die kan het omzetten (cori
cyclus) in glucose; anaerobe en snelle energie. De lever herstelt de verzuring door
glucose ervan te maken.
3. Citroenzuur cyclus; niet omkeerbaar