1
Forensische Orthopedagogiek en Recht
o Colleges
College 1: beroepsethiek, beroepscode en tuchtrecht in de forensische orthopedagogiek
NVO de beroepsvereniging van pedagogen en onderwijskundigen
De NVO heeft een beroepscode opgesteld.
- De normen die hierin zijn vastgelegd komen van de normen en waarden die de professionals
belangrijk vinden. Ze leven het voor.
- Voorbeelden van beroepsnormen: geheimhoudingsplicht, kind centraal stellen, informed
consent.
- Ook als je een professional bent die niet lid is van de NVO, zul je ook deze normen moeten
naleven. NVO is niet verplicht, is een vrijwillige toetreden. Als je eenmaal lid bent val je
onder het vereniging tuchtrecht.
Je mag in juridische zin een uithuisplaatsing weigeren als orthopedagoog, zie casus.
Wat is een beroepscode?
Een beroepscode is een normenstelsel voor een beroepsgroep.
Kenmerken:
- Verzameling (meer en minder) open normen, richtsnoer en toetssteen voor het professionele
handelen.
- Grote rol voor oordelen en verantwoorden vanuit professionele autonomie.
- Verbindend voor wie lid beroepsvereniging is en/of geregistreerd is.
- Eventuele koppeling aan verenigingstuchtrecht.
- Professionele autonomie: het recht om te mogen bouwen op je professionele vaardigheden,
kennis en ervaring. Dat kan spannend zijn want jij moet besluiten wat jij in jouw casus goed
hulpverlening vindt.
Beroepscode: gecodificeerde beroepsnormen die door de leden van een beroepsgroep breed worden
gedragen en worden voorgeleefd en die als leidend en bindend worden beschouwd voor het
professionele handelen van die leden.
In welk artikel van de Jeugdwet is de norm van de ‘verantwoorde werktoedeling’ gesteld?
Wie weet in welk (veld)document uitwerking is gegeven aan de norm?
Naar aanleiding van casus Shavanna waarin heel veel hulpverlening betrokken was en het alsnog
dodelijk afliep voor het meisje. De gezinsvoogd is toen strafrechtelijk vervolgd, voor haar volgde wel
vrijspraak.
Jeugdwet en kwaliteitskader Jeugd
Norm verantwoorde werktoedeling in art. 4.1.1. lid 1 en 2 Jeugdwet.
https://wetten.overheid.nl/BWBR0034925/2025- 01-01#Hoofdstuk4
Uitwerking norm in Kwaliteitskader, Jeugd.
https://leden.actiz.nl/jeugd/professionalisering- jeugd/kwaliteitskader-jeugd-versie-2.0
Bij de complexere casussen moet een HBO geschoolde professional ingezet worden die SKJ
geregistreerd is. Dit heeft als doel betere kwaliteit te kunnen leveren binnen de jeugdzorg, maar of dat
nou echt zo goed gaat nu…
Wat is beroepsethiek?
1. Beroepsethiek opgevat als body of rules: regels of richtlijnen die door de leden van een
beroepsgroep als leidend voor de morele kwaliteit van de beroepsuitoefening worden gezien.
Bronnen: beroepscode, consensus over good practice (blijkend uit richtlijnen en protocollen),
uitspraken tuchtrechter.
2. Beroepsethiek als practice: beroepsnormen (professionele moraal) herkennen en benoemen
en gestructureerd toepassen: in professionele relatie, in MDO, bij intervisie en in collegiaal
overleg.
,2
3. Beroepsethiek als onderwerp van wetenschap: resultaat van systematische en kritische
reflectie door deskundigen (wetenschappers, filosofen en ethici) op morele waarden en op de
morele en juridische normen van hun of die professie.
Drie domeinen waarin moraal kan ontstaan
1. Privédomein: normen samenhangend met persoonlijke relaties: gezin, vrienden, familie,
collega’s; persoonlijk moraal.
2. Professioneel domein: normen samenhangend met functie of beroepsrol: docent, politieagent,
gedragswetenschapper (professionele moraal).
3. Publieke domein: normen in wet - dan geldend voor alle leden van de samenleving (indien
consensus of meerderheid maar niet gecodificeerd) maatschappelijke moraal.
Vraag
Uit welk domein komt deze norm
1. Je houdt op uitnodiging een lezing op een school voor VO over het alcoholschenk- en -
verkoopverbod aan jongeren onder de 18.
2. Je bent als pedagoog betrokken bij de reclassering van een cliënt die veroordeeld is voor een
seksueel misdrijf. Hij vertelt seksblaadjes te lezen. Jij rapporteert negatief over je cliënt aan de
reclassering omdat je mannen die seksblaadjes lezen afkeurt.
3. Je hebt een verslag geschreven n.a.v. onderzoek van de jeugdige en je vraagt de ouders of je
een kopie aan de gezinsvoogd mag sturen.
Professionele standaard
De beroepscode van de betreffende beroepsgroep bestaat uit:
- De kennis en vaardigheden (opleiding, bij- en nascholing, ervaring) horend bij het beroep en
de functie.
- Wet- en regelgeving.
- Richtlijnen www.richtlijnenjeugdhulp.nl. Denk aan de richtlijnen samen met ouders en
jeugdigen beslissen over de vorm van hulp.
- Good clinical practice/evidence based practice/best practices, standaarden en protocollen van
de beroepskracht.
- Consensus, standpunten, adviezen en handreikingen van de
beroepsgroep/beroepsverenigingen.
- Jurisprudentie: zijn uitspraken van rechters. Een uitspraak van een tuchtrechter hoort bij de
professionele standaard.
- Gynocologen hebben als richtlijn afgesproken dat ze niet aan vrouwenbesnijdenis doen
(morele lijn die ze trekken): tenzij een vrouw zonder die behandeling ernstig gevaar loopt, dan
wijken ze af van deze norm.
Hoofdstuk 7: belangrijk voor werken in de praktijk.
Wat is professionele autonomie?
- Een beroepsbeoefenaar heeft professionele autonomie.
- Het is het gebruiken van de bevoegdheid, gebaseerd op deskundigheid en wijsheid, om als
beoefenaar van een professie, tot een eigen oordeel te komen en daarnaar te handelen.
- Het benutten van de discretionaire (naar eigen deskundig inzicht te benutten) ruimte die
inherent is aan professioneel handelen.
- Vergt oordeelsvermogen en besluitvaardigheid (de vaardigheid om tot een gewogen besluit te
komen).
Voorbeeld
Een zeer angstig en teruggetrokken jong kind zal een SEO ondergaan (ouders hebben beide
toestemming gegeven.) Moeder vraagt aan de pedagoog- raadsonderzoeker of zij in de
onderzoeksruimte aanwezig mag zijn terwijl de pedagoog het onderzoek uitvoert omdat zij haar kind
wil steunen. De pedagoog legt aan moeder uit waarom zij niet aan het verzoek tegemoet zal komen.
,3
Voorbeeld
Maken de uitspraken van tuchtrechters zoals CvT en CvB NVO, RegionaalTcGzhz en
CentraalTcGzhz, CvT en CvB SKJ deel uit van de professionele standaard van orthopedagogen?
- Het staat nergens in de wet dat je op dit verzoek nee mag zeggen maar toch is het de
professionele standaard om hier nee op te zeggen. Hier gebruikt de professional discretionaire
bevoegdheid.
Pijlers van de beroepsethiek van pedagogen
- Weldoen, leed vermijden
- Geen schade toebrengen
- Respect voor autonomie
- Rechtvaardigheid i.d.z.v. ieder het zijne
- Integriteit: grenzen eigen deskundigheid onderkennen en naar handelen als het niet meer op
jouw vakgebied ligt. Niet doorgaan met behandelen als je romantische gevoelens voor je cliënt
ontwikkeld.
- Deskundigheid
- Vertrouwelijk
- Verantwoording: dossiervoering en mondeling toelichten waarom je keuzes maakt.
Voorbeelden
- Meerzijdige loyaliteit jegens systeem: bij vechtscheiding kies je voor het kind en steun je
beide ouders en ben je niet partijdig: je bent er voor het systeem en de meest kwetsbare.
- Informatie passend bij ontwikkelingsniveau: bij LVB vraagt goed hulpverlener schap dat je
praat op zijn of haar ontwikkelingsniveau
- Transcultureel werken
- Niet doorgaan met begeleiden bij onvoldoende resultaat: voorbeeld o.a. integriteit.
- Bijscholen, c ollega’s consulteren: deskundigheid.
- Beroepsgeheim: vertrouwelijkheid
- Dossiers bijhouden: verantwoording.
Fundamentele beginselen
Beauchamp en Childress onderscheiden vier beginselen als fundamenteel voor een ethiek van de zorg
1. Respect for autonomy: respect voor autonomie/zelfbeschikking.
2. Beneficence: weldoen.
3. Non-maleficence: niet schaden.
4. Justice: rechtvaardigheid.
In de grondwet staat recht op eigen leven zonder inmenging in je levenssfeer. Zo lang mogelijk
autonomie respecteren en blijven doen waar nodig, ook op hun niveau communiceren anders heb je
ook geen respect voor je client. Opendeur: doe het wel, wordt niet handelingsverlegen op momenten
dat het moeilijk wordt. Je mag met al je goede bedoelingen niet meer schade toebrengen dan er al is.
Rechtvaardigheid: je wilt iedere client in zijn specifieke positie in een situatie brengen dat hij of zij
aan het leven kunnen participeren. Je snapt dat niet iedereen zelfde uitgangspunten in het leven heeft.
Soms kunnen in een casus verschillende beginselen om voorrang vechten. Voorbeeld: je bent in een
gezin waar het onveilig is, je hebt geprobeerd met psycho educatie het te verbeteren: lukt niet. Je moet
op gegeven moment een beslissing nemen (beneficence). Vaststellen wat professional moet doen en
misschien komt professional tot de conclusie dat hij melding gaat doen bij veilig thuis: hierbij is
beginsel van autonomie van ouders in geding gekomen en is gekozen voor beneficence omdat kind
voorop staat is dit wel de goede keuze.
Professioneel handelen: bronnen
- Regelgeving/normstelling zoals in Jeugdwet, WGBO, BW boek 1, Beroepscode
- Praktijk, blijkend uit richtlijnen, protocollen, consensus -
https://www.richtlijnenjeugdhulp.nl/alle-richtlijnen:
, 4
Samen met ouders en jeugdige beslissen over passende hulp; Problematische gehechtheid; Ernstige
gedragsproblemen; Crisisplaatsing; KOPP; ADHD; Scheiding en problemen van jeugdigen.
Jurisprudentie (Kwaliteitsregister Jeugd – SKJ, tuchtcolleges beroepsvereniging, RTG/CTG, civiele
rechter, soms strafrechter)
Wanneer is er een beroepsethisch dilemma?
De professional vindt een bepaald voorschrift in een bepaalde situatie niet rechtvaardig:
- Jongen van 11 lijdt ernstig onder scheiding ouders. Moeder meldt aan voor hulpverlening,
geen toestemming van vader.
- art. 7.3.11 lid 3 Jw informeren ouder(s) is van belang bij een 15-jarige of jongere jeugdige.
De professional erkent een norm die hij/zij moet naleven als rechtvaardig maar erkent een
andere norm als net zó rechtvaardig, terwijl ze niet beide tegelijk opgevolgd kunnen worden:
- Beroepsgeheim vs. niet schaden derde(n).
- Spreekplicht art. 7.3.11 lid 4 Jw vs. behoud vertrouwensrelatie met client.
- Ouders met gezag zijn geen derden.
In jeugdwet heb je een artikel waardoor je tegen ouders met gezag kan zeggen; sorry ik kan hier niks
over zeggen.
Soorten dilemma’s
Dilemma’s kunnen bestaan uit:
- Het botsen van twee beroepsethische voorschriften.
- Het botsen van twee juridische regels.
- Het botsen van een beroepsethische regel met een juridische regel.
- Het kan ook een sterke persoonlijke overtuiging zijn of een gewetensconflict waardoor een
dilemma ontstaat, bijv. over euthanasie of abortus, kennis over een misdaad.
Terug naar de casus
Analyse van de casus van het MKD (dia 2 en 27) adhv de stappen op de dia’s 28 t/m 37.
De beschikking geeft de GI de bevoegdheid om het kind bij de ouders weg te halen – de beschikking
legt niet aan anderen de juridische verplichting op om mee te werken. Er ontstaat wel een ethisch
dilemma...
- Hoe kunnen we het dilemma in termen van de beginselen van Beauchamp & Childress
omschrijven, m.a.w. welk beginsel botst met welk ander beginsel?
Complexe casus met conflicterende belangen gestructureerd oplossen
Stap 1
- Wie zijn de betrokkenen in de casus?
- Wat zijn de relevante feiten en gebeurtenissen?
- Welke juridische relaties hebben de betrokkenen met elkaar?
Mind map betrokkenen en hun onderlinge relaties in trefwoorden: ouders, gezag, wettelijk
vertegenwoordiger, cliënt, leeftijd, juridische en feitelijke bekwaamheid, pleegouders,
gezinsvoogd/jeugdbeschermer, ots, uhp, andere hulpverleners, politie, zorginstelling, management,
andere cliënten instelling, zorgplicht, vrijwillig of gedwongen kader
Stap 2
- Welke (ethische) waarden verdienen bescherming bij de betrokkenen? Wat hebben zij te
verliezen bij jouw beslissing?
- Welke morele aanspraken hebben de betrokkenen - daarom - jegens elkaar en jegens jou?
- Welke beroepsethische uitgangspunten en regels zijn van toepassing en strijden om voorrang
in de onderlinge relaties van de betrokkenen?
Stap 3
Doe dat aan de hand van de vraag:
- “Zou ‘een redelijk handelende en redelijk bekwame beroepsgenoot’ tot dezelfde analyse en
bevindingen/vermoedens komen?”
Stap 4
- Is er een beroepsethisch dilemma (‘Salomonsoordeel’ nodig) of is het een complexe casus?
Forensische Orthopedagogiek en Recht
o Colleges
College 1: beroepsethiek, beroepscode en tuchtrecht in de forensische orthopedagogiek
NVO de beroepsvereniging van pedagogen en onderwijskundigen
De NVO heeft een beroepscode opgesteld.
- De normen die hierin zijn vastgelegd komen van de normen en waarden die de professionals
belangrijk vinden. Ze leven het voor.
- Voorbeelden van beroepsnormen: geheimhoudingsplicht, kind centraal stellen, informed
consent.
- Ook als je een professional bent die niet lid is van de NVO, zul je ook deze normen moeten
naleven. NVO is niet verplicht, is een vrijwillige toetreden. Als je eenmaal lid bent val je
onder het vereniging tuchtrecht.
Je mag in juridische zin een uithuisplaatsing weigeren als orthopedagoog, zie casus.
Wat is een beroepscode?
Een beroepscode is een normenstelsel voor een beroepsgroep.
Kenmerken:
- Verzameling (meer en minder) open normen, richtsnoer en toetssteen voor het professionele
handelen.
- Grote rol voor oordelen en verantwoorden vanuit professionele autonomie.
- Verbindend voor wie lid beroepsvereniging is en/of geregistreerd is.
- Eventuele koppeling aan verenigingstuchtrecht.
- Professionele autonomie: het recht om te mogen bouwen op je professionele vaardigheden,
kennis en ervaring. Dat kan spannend zijn want jij moet besluiten wat jij in jouw casus goed
hulpverlening vindt.
Beroepscode: gecodificeerde beroepsnormen die door de leden van een beroepsgroep breed worden
gedragen en worden voorgeleefd en die als leidend en bindend worden beschouwd voor het
professionele handelen van die leden.
In welk artikel van de Jeugdwet is de norm van de ‘verantwoorde werktoedeling’ gesteld?
Wie weet in welk (veld)document uitwerking is gegeven aan de norm?
Naar aanleiding van casus Shavanna waarin heel veel hulpverlening betrokken was en het alsnog
dodelijk afliep voor het meisje. De gezinsvoogd is toen strafrechtelijk vervolgd, voor haar volgde wel
vrijspraak.
Jeugdwet en kwaliteitskader Jeugd
Norm verantwoorde werktoedeling in art. 4.1.1. lid 1 en 2 Jeugdwet.
https://wetten.overheid.nl/BWBR0034925/2025- 01-01#Hoofdstuk4
Uitwerking norm in Kwaliteitskader, Jeugd.
https://leden.actiz.nl/jeugd/professionalisering- jeugd/kwaliteitskader-jeugd-versie-2.0
Bij de complexere casussen moet een HBO geschoolde professional ingezet worden die SKJ
geregistreerd is. Dit heeft als doel betere kwaliteit te kunnen leveren binnen de jeugdzorg, maar of dat
nou echt zo goed gaat nu…
Wat is beroepsethiek?
1. Beroepsethiek opgevat als body of rules: regels of richtlijnen die door de leden van een
beroepsgroep als leidend voor de morele kwaliteit van de beroepsuitoefening worden gezien.
Bronnen: beroepscode, consensus over good practice (blijkend uit richtlijnen en protocollen),
uitspraken tuchtrechter.
2. Beroepsethiek als practice: beroepsnormen (professionele moraal) herkennen en benoemen
en gestructureerd toepassen: in professionele relatie, in MDO, bij intervisie en in collegiaal
overleg.
,2
3. Beroepsethiek als onderwerp van wetenschap: resultaat van systematische en kritische
reflectie door deskundigen (wetenschappers, filosofen en ethici) op morele waarden en op de
morele en juridische normen van hun of die professie.
Drie domeinen waarin moraal kan ontstaan
1. Privédomein: normen samenhangend met persoonlijke relaties: gezin, vrienden, familie,
collega’s; persoonlijk moraal.
2. Professioneel domein: normen samenhangend met functie of beroepsrol: docent, politieagent,
gedragswetenschapper (professionele moraal).
3. Publieke domein: normen in wet - dan geldend voor alle leden van de samenleving (indien
consensus of meerderheid maar niet gecodificeerd) maatschappelijke moraal.
Vraag
Uit welk domein komt deze norm
1. Je houdt op uitnodiging een lezing op een school voor VO over het alcoholschenk- en -
verkoopverbod aan jongeren onder de 18.
2. Je bent als pedagoog betrokken bij de reclassering van een cliënt die veroordeeld is voor een
seksueel misdrijf. Hij vertelt seksblaadjes te lezen. Jij rapporteert negatief over je cliënt aan de
reclassering omdat je mannen die seksblaadjes lezen afkeurt.
3. Je hebt een verslag geschreven n.a.v. onderzoek van de jeugdige en je vraagt de ouders of je
een kopie aan de gezinsvoogd mag sturen.
Professionele standaard
De beroepscode van de betreffende beroepsgroep bestaat uit:
- De kennis en vaardigheden (opleiding, bij- en nascholing, ervaring) horend bij het beroep en
de functie.
- Wet- en regelgeving.
- Richtlijnen www.richtlijnenjeugdhulp.nl. Denk aan de richtlijnen samen met ouders en
jeugdigen beslissen over de vorm van hulp.
- Good clinical practice/evidence based practice/best practices, standaarden en protocollen van
de beroepskracht.
- Consensus, standpunten, adviezen en handreikingen van de
beroepsgroep/beroepsverenigingen.
- Jurisprudentie: zijn uitspraken van rechters. Een uitspraak van een tuchtrechter hoort bij de
professionele standaard.
- Gynocologen hebben als richtlijn afgesproken dat ze niet aan vrouwenbesnijdenis doen
(morele lijn die ze trekken): tenzij een vrouw zonder die behandeling ernstig gevaar loopt, dan
wijken ze af van deze norm.
Hoofdstuk 7: belangrijk voor werken in de praktijk.
Wat is professionele autonomie?
- Een beroepsbeoefenaar heeft professionele autonomie.
- Het is het gebruiken van de bevoegdheid, gebaseerd op deskundigheid en wijsheid, om als
beoefenaar van een professie, tot een eigen oordeel te komen en daarnaar te handelen.
- Het benutten van de discretionaire (naar eigen deskundig inzicht te benutten) ruimte die
inherent is aan professioneel handelen.
- Vergt oordeelsvermogen en besluitvaardigheid (de vaardigheid om tot een gewogen besluit te
komen).
Voorbeeld
Een zeer angstig en teruggetrokken jong kind zal een SEO ondergaan (ouders hebben beide
toestemming gegeven.) Moeder vraagt aan de pedagoog- raadsonderzoeker of zij in de
onderzoeksruimte aanwezig mag zijn terwijl de pedagoog het onderzoek uitvoert omdat zij haar kind
wil steunen. De pedagoog legt aan moeder uit waarom zij niet aan het verzoek tegemoet zal komen.
,3
Voorbeeld
Maken de uitspraken van tuchtrechters zoals CvT en CvB NVO, RegionaalTcGzhz en
CentraalTcGzhz, CvT en CvB SKJ deel uit van de professionele standaard van orthopedagogen?
- Het staat nergens in de wet dat je op dit verzoek nee mag zeggen maar toch is het de
professionele standaard om hier nee op te zeggen. Hier gebruikt de professional discretionaire
bevoegdheid.
Pijlers van de beroepsethiek van pedagogen
- Weldoen, leed vermijden
- Geen schade toebrengen
- Respect voor autonomie
- Rechtvaardigheid i.d.z.v. ieder het zijne
- Integriteit: grenzen eigen deskundigheid onderkennen en naar handelen als het niet meer op
jouw vakgebied ligt. Niet doorgaan met behandelen als je romantische gevoelens voor je cliënt
ontwikkeld.
- Deskundigheid
- Vertrouwelijk
- Verantwoording: dossiervoering en mondeling toelichten waarom je keuzes maakt.
Voorbeelden
- Meerzijdige loyaliteit jegens systeem: bij vechtscheiding kies je voor het kind en steun je
beide ouders en ben je niet partijdig: je bent er voor het systeem en de meest kwetsbare.
- Informatie passend bij ontwikkelingsniveau: bij LVB vraagt goed hulpverlener schap dat je
praat op zijn of haar ontwikkelingsniveau
- Transcultureel werken
- Niet doorgaan met begeleiden bij onvoldoende resultaat: voorbeeld o.a. integriteit.
- Bijscholen, c ollega’s consulteren: deskundigheid.
- Beroepsgeheim: vertrouwelijkheid
- Dossiers bijhouden: verantwoording.
Fundamentele beginselen
Beauchamp en Childress onderscheiden vier beginselen als fundamenteel voor een ethiek van de zorg
1. Respect for autonomy: respect voor autonomie/zelfbeschikking.
2. Beneficence: weldoen.
3. Non-maleficence: niet schaden.
4. Justice: rechtvaardigheid.
In de grondwet staat recht op eigen leven zonder inmenging in je levenssfeer. Zo lang mogelijk
autonomie respecteren en blijven doen waar nodig, ook op hun niveau communiceren anders heb je
ook geen respect voor je client. Opendeur: doe het wel, wordt niet handelingsverlegen op momenten
dat het moeilijk wordt. Je mag met al je goede bedoelingen niet meer schade toebrengen dan er al is.
Rechtvaardigheid: je wilt iedere client in zijn specifieke positie in een situatie brengen dat hij of zij
aan het leven kunnen participeren. Je snapt dat niet iedereen zelfde uitgangspunten in het leven heeft.
Soms kunnen in een casus verschillende beginselen om voorrang vechten. Voorbeeld: je bent in een
gezin waar het onveilig is, je hebt geprobeerd met psycho educatie het te verbeteren: lukt niet. Je moet
op gegeven moment een beslissing nemen (beneficence). Vaststellen wat professional moet doen en
misschien komt professional tot de conclusie dat hij melding gaat doen bij veilig thuis: hierbij is
beginsel van autonomie van ouders in geding gekomen en is gekozen voor beneficence omdat kind
voorop staat is dit wel de goede keuze.
Professioneel handelen: bronnen
- Regelgeving/normstelling zoals in Jeugdwet, WGBO, BW boek 1, Beroepscode
- Praktijk, blijkend uit richtlijnen, protocollen, consensus -
https://www.richtlijnenjeugdhulp.nl/alle-richtlijnen:
, 4
Samen met ouders en jeugdige beslissen over passende hulp; Problematische gehechtheid; Ernstige
gedragsproblemen; Crisisplaatsing; KOPP; ADHD; Scheiding en problemen van jeugdigen.
Jurisprudentie (Kwaliteitsregister Jeugd – SKJ, tuchtcolleges beroepsvereniging, RTG/CTG, civiele
rechter, soms strafrechter)
Wanneer is er een beroepsethisch dilemma?
De professional vindt een bepaald voorschrift in een bepaalde situatie niet rechtvaardig:
- Jongen van 11 lijdt ernstig onder scheiding ouders. Moeder meldt aan voor hulpverlening,
geen toestemming van vader.
- art. 7.3.11 lid 3 Jw informeren ouder(s) is van belang bij een 15-jarige of jongere jeugdige.
De professional erkent een norm die hij/zij moet naleven als rechtvaardig maar erkent een
andere norm als net zó rechtvaardig, terwijl ze niet beide tegelijk opgevolgd kunnen worden:
- Beroepsgeheim vs. niet schaden derde(n).
- Spreekplicht art. 7.3.11 lid 4 Jw vs. behoud vertrouwensrelatie met client.
- Ouders met gezag zijn geen derden.
In jeugdwet heb je een artikel waardoor je tegen ouders met gezag kan zeggen; sorry ik kan hier niks
over zeggen.
Soorten dilemma’s
Dilemma’s kunnen bestaan uit:
- Het botsen van twee beroepsethische voorschriften.
- Het botsen van twee juridische regels.
- Het botsen van een beroepsethische regel met een juridische regel.
- Het kan ook een sterke persoonlijke overtuiging zijn of een gewetensconflict waardoor een
dilemma ontstaat, bijv. over euthanasie of abortus, kennis over een misdaad.
Terug naar de casus
Analyse van de casus van het MKD (dia 2 en 27) adhv de stappen op de dia’s 28 t/m 37.
De beschikking geeft de GI de bevoegdheid om het kind bij de ouders weg te halen – de beschikking
legt niet aan anderen de juridische verplichting op om mee te werken. Er ontstaat wel een ethisch
dilemma...
- Hoe kunnen we het dilemma in termen van de beginselen van Beauchamp & Childress
omschrijven, m.a.w. welk beginsel botst met welk ander beginsel?
Complexe casus met conflicterende belangen gestructureerd oplossen
Stap 1
- Wie zijn de betrokkenen in de casus?
- Wat zijn de relevante feiten en gebeurtenissen?
- Welke juridische relaties hebben de betrokkenen met elkaar?
Mind map betrokkenen en hun onderlinge relaties in trefwoorden: ouders, gezag, wettelijk
vertegenwoordiger, cliënt, leeftijd, juridische en feitelijke bekwaamheid, pleegouders,
gezinsvoogd/jeugdbeschermer, ots, uhp, andere hulpverleners, politie, zorginstelling, management,
andere cliënten instelling, zorgplicht, vrijwillig of gedwongen kader
Stap 2
- Welke (ethische) waarden verdienen bescherming bij de betrokkenen? Wat hebben zij te
verliezen bij jouw beslissing?
- Welke morele aanspraken hebben de betrokkenen - daarom - jegens elkaar en jegens jou?
- Welke beroepsethische uitgangspunten en regels zijn van toepassing en strijden om voorrang
in de onderlinge relaties van de betrokkenen?
Stap 3
Doe dat aan de hand van de vraag:
- “Zou ‘een redelijk handelende en redelijk bekwame beroepsgenoot’ tot dezelfde analyse en
bevindingen/vermoedens komen?”
Stap 4
- Is er een beroepsethisch dilemma (‘Salomonsoordeel’ nodig) of is het een complexe casus?