Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Begrippenlijst literatuur volledig

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
8
Geüpload op
21-10-2025
Geschreven in
2025/2026

Dit is een begrippenlijst van de literatuur. Handig als je tijdens het openboek tentamen een begrip even niet meer weet. Erg uitgebreid en overzichtelijk. Het is een openboek tentamen, kijk ook mijn andere samenvattingen voor een volledig overzicht

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

HC1 - Social Identity Theory and the Organization
Sociale identiteit: deel van iemands zelfconcept dat voortkomt uit lidmaatschap in sociale groepen.
Sociale identi catie: cognitief proces waarbij iemand zich één voelt met een groep; verbondenheid ervaren.
Organizational identi cation: speci eke vorm van sociale identi catie gericht op de organisatie of subgroep.
Commitment: intentie en bereidheid om inspanning te leveren voor de organisatie.
Internalisatie: overnemen van waarden en normen van de organisatie en die als leidraad gebruiken.
Distinctiviteit: mate waarin een groep uniek en verschillend is van andere groepen.
Prestige: status of aanzien van de groep of organisatie; versterkt identi catie.
Out-group salience: het duidelijk aanwezig of zichtbaar zijn van andere groepen → versterkt het “wij-gevoel” van
de eigen groep.
Zelfstereotypering (depersonalization): jezelf zien in termen van groepskenmerken in plaats van persoonlijke
kenmerken.
Rolcon ict: spanning tussen verschillende (sociale) identiteiten of rollen die iemand vervult.
Symbolisch management: gebruik van rituelen, verhalen, symbolen en leiderschap om identi catie te versterken.
Intergroepcon ict: spanningen tussen groepen binnen een organisatie, vaak ontstaan door sociale vergelijking.
Altruïsme: onbaatzuchtig gedrag ten gunste van anderen in de groep, voortkomend uit identi catie.

HC2 - “How Can You Do It?”: Dirty Work and the Challenge of Constructing a Positive Identity
Dirty work: werk dat fysiek, sociaal of moreel gestigmatiseerd is.
Taint: de vorm van besmetting (fysiek, sociaal, moreel).
Occupational identity: hoe iemand zichzelf de nieert via zijn/haar beroep.
Occupational culture: gedeelde waarden, normen en verhalen binnen een beroepsgroep.
Reframing: stigma positief herde niëren.
Recalibrating: standaarden verschuiven zodat negatieve aspecten minder zwaar wegen.
Refocusing: aandacht richten op positieve/niet-stigmatiseerde aspecten.
Social weighting: omgaan met outsiders via condemning condemners (kritiek wegzetten),supporting supporters
(waardering zoeken), selectieve sociale vergelijkingen.
Work role identi cation: de mate waarin iemand zichzelf ziet in termen van zijn werkrol.
Ambivalentie: wisselende gevoelens tussen trots en schaamte.

HC2 - Where there is light, there is dark: A review of the detrimental outcomes of high
organizational identi cation
Organizational Identi cation (OI): perceptie van eenheid met de organisatie; deel van het zelfconcept.
Over-identi cation: extreem hoge OI waarbij eigen belangen/waarden ondergeschikt worden → verlies van
individualiteit.
Pathologieën van identi catie:
Apathetic identi cation: lage identi catie, onverschilligheid.
Focused disidenti cation: actief afzetten tegen de organisatie.
Con icted identi cation: deels wel/deels niet identi ceren → innerlijke spanning.
Focused identi cation: extreme identi catie (over-identi cation).
Positive group distinctiveness: de drang om de eigen groep positief te zien; kan leiden tot in-group bias.
In-group bias: voorkeur voor eigen groep boven anderen; oorzaak van con ict en onethisch gedrag.
UPB (Unethical Pro-Organizational Behavior): immoreel gedrag in belang van de organisatie (bv. fraude plegen
om reputatie te redden).
Moral disengagement: morele regels uitschakelen via rationalisaties (“het is voor het grotere goed”).
Collective identity lies: groepsleugens ter bescherming van de reputatie; kunnen vertrouwen op lange termijn
ondermijnen.
Relatieve ethicality-bias: hoog geïdenti ceerden overschatten eigen morele superioriteit en herkennen
misstanden minder.
Identity threat: gebeurtenissen die de organisatie-identiteit bedreigen (fusie, schandaal) → bedreiging van
zelfbeeld.
Projected continuity: verwachting dat de organisatie-identiteit herkenbaar blijft na verandering; kan geruststellen
of in-group bias voeden.
Identi cation ambiguity: onduidelijkheid over de identiteit van de organisatie (bv. na fusie) → belemmert
identi catie.
Dual identi cation: tegelijk identi catie met meerdere groepen (bv. werkgever én klant); kan leiden tot rolcon ict.
Personal control & voice: relatie tussen autonomie en stemgedrag is U-vormig; hoge OI kan ertoe leiden dat
mensen problemen níet aankaarten.
Abusive supervision & stilte: hoge OI → minder geneigd om misbruik door leidinggevenden aan te kaarten.
Conformiteit: hoge OI → nadruk op bestaande routines; belemmert creativiteit en kritisch denken.




flfifi fl fifi fiflfifififi fi fifi fifi fifi fi fi fi fi fi fi fi fl fifi fl

, Escalation of commitment: blijven investeren in falende projecten om groepsidentiteit en zelfbeeld te
beschermen.
Objectiviteitsverlies: te veel door de “wij-bril” kijken → minder kritisch en minder e ectief beslissen.
Interpersoonlijk con ict: spanningen en wantrouwen tussen groepen/afdelingen door in-group bias.
Wraakintenties: hoog geïdenti ceerden reageren extra sterk op ervaren onrecht.
Vicarious shame/guilt: schaamte of schuld ervaren door misstappen van de organisatie (ook al ben je zelf niet
verantwoordelijk).
Workaholism: werkverslaving; hoge OI kan leiden tot obsessief veel werken ten koste van welzijn.
Work–family con ict: rolcon ict tussen werk en privéleven door te sterke focus op organisatie.
Stress-sensitiviteit: hoge OI versterkt negatieve e ecten van stressoren (rolonduidelijkheid, werkdruk).
Self-reinforcing cycle: identi catie lange werkuren nog sterkere identi catie → vicieuze cirkel.

HC2 - 3 artikelen brandweer
Machocultuur: stoere, mannelijke, gesloten cultuur met weinig ruimte voor afwijking.
Normloosheid / wetteloosheid: afwezigheid van discipline en respect voor gezag.
24-uursdiensten: traditioneel rooster (2×24 uur per week), basis voor groepsgevoel en bijbanen.
Arbeiderszelfbestuur: werkvloer bepaalt regels en ritme, leiding heeft weinig grip.
Privileges: opslag privéspullen, luxe voorzieningen (hefbrug, zonnebanken), tweede/derde banen.
Angstcultuur: door werkvloer omschreven als e ect van Schaaps harde stijl; door Schaap omschreven als reeds
ingebakken.
Methode-Schaap: harde confrontatie, documenteren, sanctioneren, externe recherchebureaus inzetten, publieke
mediaoptredens.
Diversiteitsbeleid / Werkgroep Respect: initiatief van brandweerlieden met migratieachtergrond; bedoeld om
racisme te doorbreken, maar stuitte op massief verzet.
Draagvlak creëren: koers na 2019 → focus op overleg en acceptatie in plaats van stra en; leidde tot stilstand.
Anonieme intimidatie: nepbrieven, bedreigingen, sabotage, interne haatcampagnes.

HC3 - Power, competitiveness, and advice taking: Why the powerful don’t listen
Subjectieve macht: Gevoel dat iemand invloed heeft op anderen en controle heeft over uitkomsten. Het gaat dus
niet alleen om formele positie, maar om hoe macht ervaren wordt.
Adviesdiscounting: Het systematisch onderwaarderen van advies ten opzichte van het eigen oordeel. Mensen
luisteren minder naar advies dan objectief optimaal zou zijn.
WOA (Weight of Advice): “Gewicht van advies” – maat voor in hoeverre iemands eindschatting opschuift richting
een advies. WOA = 0 (advies genegeerd), WOA = 1 (advies volledig gevolgd), WOA ≈ 0,5 (optimale balans).
Egocentrische adviesbias: Algemene neiging om te veel vertrouwen te hebben in eigen oordeel, waardoor
advies te weinig invloed krijgt.
Expert-advies: Advies afkomstig van iemand met aantoonbare ervaring of bewezen vaardigheid in de taak. Wordt
normaal gesproken zwaarder gewogen dan novice-advies.
Novice-advies: Advies van iemand zonder speci eke ervaring of expertise. Wordt normaal gesproken minder
zwaar gewogen.
Competitieve mindset: Geesteshouding waarin de relatie met de adviseur als een “wedstrijd” of
concurrentiestrijd wordt gezien. Vooral geactiveerd bij machtigen tegenover experts.
Coöperatieve mindset: Geesteshouding waarin de adviseur gezien wordt als samenwerkingspartner. Vermindert
competitie en maakt machtigen ontvankelijker voor advies (vooral expertadvies).
Zelfvertrouwen (task-speci c con dence): De mate van zekerheid die iemand voelt over zijn of haar eigen
oordeel. Macht verhoogt dit, en hoger zelfvertrouwen leidt tot minder adviesgebruik.
Illusie van controle: De overschatting van eigen invloed op uitkomsten. Een bekend psychologisch e ect dat
sterker wordt bij hoge macht.
Statusbevestiging: Strategie waarbij de adviseur eerst de kennis/ervaring van de machtige erkent, om gevoelens
van bedreiging of competitie te verminderen. Dit vergroot de kans dat advies wordt opgevolgd.
Wisdom of crowds: Het fenomeen dat het gemiddelde van meerdere onafhankelijke oordelen vaak accurater is
dan een enkel oordeel. Machtigen benutten dit minder goed omdat ze andermans advies minder zwaar wegen.

HC3 - Shooting the messenger: Outsiders critical of your group are rejected regardless of
argument quality
Intergroup Sensitivity E ect (ISE): Fenomeen dat kritiek van ingroup beter wordt ontvangen dan dezelfde kritiek
van outgroup.
Ingroup-criticus: Kritiek afkomstig van iemand uit de eigen groep; krijgt eerder constructieve motieven
toegeschreven.





fl fl ff fiflfi fi fi fffi ff fi ff ff ff

Documentinformatie

Geüpload op
21 oktober 2025
Aantal pagina's
8
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€3,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
pucklambooy

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Documenten voor openboek tentamen (samenvattingen, oefenvragen etc)
-
8 2025
€ 28,89 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
pucklambooy Universiteit van Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
9
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen