Aantekeningen en model van emotionele ontwikkeling – 2020/2021
Inhoudsopgave
Les 1.......................................................................................................................................................2
Les 2.......................................................................................................................................................5
Verpleegplannen van Gordon.............................................................................................................5
Cliëntgericht werken..........................................................................................................................6
Emotionele ontwikkeling....................................................................................................................6
PROTO-Gedrag...................................................................................................................................7
Les 3.......................................................................................................................................................8
Anton Došen.......................................................................................................................................8
Les 4.......................................................................................................................................................9
Fase 2: gehechtheidsfase....................................................................................................................9
Basale emotionele behoeften.......................................................................................................10
Psychiatrische problematiek binnen fase 2..................................................................................10
Onderzoek....................................................................................................................................11
Begeleiding – adaptief..................................................................................................................12
Behandeling – maladaptief...........................................................................................................12
Fase 3: peuterfase............................................................................................................................13
Basale emotionele behoeften.......................................................................................................13
Psychiatrische problematiek binnen fase 3..................................................................................13
Onderzoek....................................................................................................................................14
Begeleiding – adaptief..................................................................................................................14
Behandeling – maladaptief...........................................................................................................14
Les 5......................................................................................................................................................15
Fase 4: kleuterfase............................................................................................................................15
Basale emotionele behoeften.......................................................................................................15
Psychiatrische problematiek binnen fase 4..................................................................................15
Begeleiding - adaptief...................................................................................................................17
Behandeling - maladaptief............................................................................................................17
fase 5: schoolkindfase.......................................................................................................................17
Basale emotionele behoefte.........................................................................................................17
Begeleiding - adaptief...................................................................................................................18
Behandeling - maladaptief............................................................................................................18
, Psychiatrische problematiek binnen fase 5..................................................................................18
Les 6......................................................................................................................................................19
LES 1
Definitie verstandelijke beperking volgens de WHO (World Health Organisation):
“Een toestand van gestopte of onvolledige ontwikkeling van het verstand, die vooral
gekenmerkt wordt door een tijdens de ontwikkelingsperiode aan het licht tredende stoornis
van vaardigheden, die mede bepalend is voor het algemene intelligentieniveau, dat wil
zeggen cognitieve, verbale, motorische en sociale vermogens. Zwakzinnigheid kan
voorkomen met of zonder een ander psychische of lichamelijke aandoening.”
De WHO is een wereldwijde brede organisatie die zich richt op de toestanden van de mens.
Ze zijn gespecialiseerd en hebben een sturende en coördinerende rol op het gebied van
gezondheid en welzijn.
Ze bekijken stoornissen op breed gebied. Zoals, het ene land denkt dat een stoornis ligt aan
voeding terwijl het andere land denkt dat een stoornis altijd een medische verklaring heeft.
De WHO bekijkt alternatieve tussen deze twee dingen (of meerdere oorzaken).
De WHO gebruikt:
ICD-10 => Vergelijkbaar met een soort DSM. Er staat in wanneer je last hebt van een
bepaalde stoornis, of wanneer niet. Welke kenmerken zijn er?
International Classification Functions (ICF) => Classificatie systeem dat de
gezondheidstoestand in kaart brengt.
Definitie verstandelijke beperking volgens de DSM-V:
“Een verstandelijke beperking (= een verstandelijke-ontwikkelingsstoornis) begint gedurende
de ontwikkelingsperiode, met beperkingen in zowel het verstandelijke als het adaptieve
functioneren, in conceptuele, sociale en praktische domein.”
In de DSM-V valt de verstandelijke beperking onder de neurobiologische
ontwikkelingsstoornissen. De verstandelijke beperking wordt in de DSM-V beschreven als
verstandelijke-ontwikkelingsstoornis (of intellectual disability / intellectual development
disorder).
Het is een handboek waar allerlei stoornissen in staan beschreven met kenmerken. Daarbij
kun je de kenmerken afvinken of iemand ze heeft of niet.
Er wordt gesproken cognitie. Intelligentie is een onderdeel van cognitie, wat betekend dat
intelligentie niet hetzelfde is als cognitie.
Cognitie => al je verstandelijke vermogens.
Intelligentie => onderdeel van je cognitie van je kunt meten met een test (IQ test).
Het IQ kun je verdelen:
VIQ => verbaal IQ (= talige).
PIQ => performaal IQ (= niet-talige).
TIQ => totaal IQ (= het gemiddelde van de VIQ en PIQ).
Bij mensen met een beperking is het TIQ soms lastig te meten, omdat er soms een vors
verschil zitten tussen VIQ en PIQ. Zo kan iemand met een beperking verbaal erg sterk zijn,
maar scoort hij zeer laag op de PIQ.
Harmonisch profiel of disharmonisch profiel.
, Adaptieve vaardigheden => In kunnen spelen op de eisen van de maatschappij. Dit heeft
een sociale component (= hoe gedragen we ons tegenover anderen) en een
maatschappelijke component (= per maatschappij andere gedragingen).
Daarnaast moet het gedrag passend zijn bij de kalenderleeftijd.
De DSM-V heeft criteria waar aan voldaan moet worden. Als er niet aan alle criteria wordt
voldaan, kun je niet spreken van een beperking:
Deficiënties in de intellectuele functies.
Zoals: redeneren, problemen oplossen, plannen, abstract denken, oordelen, schools
leren en leren door ervaringen.
Hetgeen moet bevestigd worden door zowel een klinische beoordeling als een
geïndividualiseerde, gestandaardiseerde intelligentietest.
Deficiënties in het adaptieve functioneren.
Die ertoe leiden dat de betrokkene niet kan voldoen aan de ontwikkelings- en sociaal-
culturele standaarden van persoonlijke onafhankelijkheid en sociale
verantwoordelijkheid. Zonder blijvende ondersteuning beperken de deficiënties in het
aanpassingsvermogen het functioneren in één of meer aspecten van het dagelijks
leven, waaronder communicatie, deelname aan het sociale leven, schools of
beroepsmatig functioneren, en persoonlijke onafhankelijkheid thuis of in de directe
sociale omgeving.
Deficiënties in de verstandelijke functies en het aanpassingsvermogen.
Dit moet beginnen gedurende de ontwikkelingsperiode (direct na geboorte in de
ontwikkelingsperiode).
De DSM-V specificeert actuele ernst in: licht, matig ernstig, zeer ernstig.
Definitie verstandelijke beperking volgens AAIDD:
“Intellectual disability is a disability characterized bij significant limitations in both intellectual
functioning and in adaptive behavior, which covers many everyday social and practical skills.
This disability originates before the age of 18. ”
Het AAIDD zegt dat classificatie altijd in drie stappen moet:
1) Diagnose.
2) Classificatie beschrijving.
3) Profiel.