HC1 Gerontologie
Gerontologie = de tak van wetenschap die het ouder worden bestudeert, zowel in lichamelijk,
maatschappelijk als in geestelijk opzicht
Geriatrie = een medisch specialisme, gericht op de zorg en behandeling van ouderen
o Specialisme gericht op ouderen met meerdere aandoeningen tegelijkertijd. Het gaat dan
om ziektebeeld die worden veroorzaakt door veroudering
o Comorbiditeit = meerdere aandoeningen gerelateerd aan een ziekte
o Multimorbiditeit = meerdere aandoeningen tegelijk aanwezig
Vergrijzing = het aantal ouderen in de totale bevolking neemt toe
Dubbele vergrijzing = binnen de groep 65+ neemt het deel 80+ toe
Ontgroening = het aantal jongeren in de totale bevolking neemt af
Ontgrijzing = het aantal ouderen in de totale bevolking neemt af
Gezondheid = een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welbevinden
en niet slechts de afwezigheid van ziekte of andere lichamelijke gebreken
o Gezondheid = het vermogen om zich aan te passen en een eigen regie te voeren in het
licht van sociale, psychische en emotionele uitdagingen van het leven. Dit concept
beschrijft gezondheid als een dynamisch begrip waarin flexibiliteit en zelfregie centraal
staan en waarbij gezondheid geen stabiel eindpunt is. (Huber 2011)
Functie = iets kunnen, over een functie beschikken om iets relevants te realiseren
o Essentiële rol in iemands leven
Kunnen blijven bestaan
In leven blijven
o Existentiële behoeften= eten, drinken, warmte, contact hebben
Ontbreken hiervan levert angst en stress en uiteindelijk de dood
HC2 Gerontologie
Er zijn 5 grote elementen die van invloed kunnen zijn op veroudering
o Genen
o Voeding
o Leefstijl (beweging)
o Omgeving
o Toeval
Gevolgen verouderingsproces
o Vertraagde celdeling en reparatiecapaciteit
o Verminderde afweer en homeostenose (regelmechanismen intern milieu)
o Afname spier- en botmassa
Kwetsbaarheid (frailty) zegt iets over de ernst en snelheid van het verouderingsproces van een
individu, en is naast leeftijd ook geassocieerd met verouderingsziekten en functioneel verlies.
Multimorbiditeit en Comorbiditeit komt vooral voor bij ouderen, bekende combinaties zijn:
o Hartfalen en diabetes
o Hartfalen en COPD
o COPD en eczeem
o Depressie en angst
Polyfarmacie; als een patiënt gedurende langere tijd vijf of meer verschillende soorten
geneesmiddelen tegelijk gebruikt.
o Medicijnen kunnen elkaar tegenwerken of versterken. Ouderen zijn gevoelig voor de
schadelijke effecten van medicijnen. Onder- en overbehandeling van medicijnen.
Gerontologie = de tak van wetenschap die het ouder worden bestudeert, zowel in lichamelijk,
maatschappelijk als in geestelijk opzicht
Geriatrie = een medisch specialisme, gericht op de zorg en behandeling van ouderen
o Specialisme gericht op ouderen met meerdere aandoeningen tegelijkertijd. Het gaat dan
om ziektebeeld die worden veroorzaakt door veroudering
o Comorbiditeit = meerdere aandoeningen gerelateerd aan een ziekte
o Multimorbiditeit = meerdere aandoeningen tegelijk aanwezig
Vergrijzing = het aantal ouderen in de totale bevolking neemt toe
Dubbele vergrijzing = binnen de groep 65+ neemt het deel 80+ toe
Ontgroening = het aantal jongeren in de totale bevolking neemt af
Ontgrijzing = het aantal ouderen in de totale bevolking neemt af
Gezondheid = een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk welbevinden
en niet slechts de afwezigheid van ziekte of andere lichamelijke gebreken
o Gezondheid = het vermogen om zich aan te passen en een eigen regie te voeren in het
licht van sociale, psychische en emotionele uitdagingen van het leven. Dit concept
beschrijft gezondheid als een dynamisch begrip waarin flexibiliteit en zelfregie centraal
staan en waarbij gezondheid geen stabiel eindpunt is. (Huber 2011)
Functie = iets kunnen, over een functie beschikken om iets relevants te realiseren
o Essentiële rol in iemands leven
Kunnen blijven bestaan
In leven blijven
o Existentiële behoeften= eten, drinken, warmte, contact hebben
Ontbreken hiervan levert angst en stress en uiteindelijk de dood
HC2 Gerontologie
Er zijn 5 grote elementen die van invloed kunnen zijn op veroudering
o Genen
o Voeding
o Leefstijl (beweging)
o Omgeving
o Toeval
Gevolgen verouderingsproces
o Vertraagde celdeling en reparatiecapaciteit
o Verminderde afweer en homeostenose (regelmechanismen intern milieu)
o Afname spier- en botmassa
Kwetsbaarheid (frailty) zegt iets over de ernst en snelheid van het verouderingsproces van een
individu, en is naast leeftijd ook geassocieerd met verouderingsziekten en functioneel verlies.
Multimorbiditeit en Comorbiditeit komt vooral voor bij ouderen, bekende combinaties zijn:
o Hartfalen en diabetes
o Hartfalen en COPD
o COPD en eczeem
o Depressie en angst
Polyfarmacie; als een patiënt gedurende langere tijd vijf of meer verschillende soorten
geneesmiddelen tegelijk gebruikt.
o Medicijnen kunnen elkaar tegenwerken of versterken. Ouderen zijn gevoelig voor de
schadelijke effecten van medicijnen. Onder- en overbehandeling van medicijnen.