Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

Alle collegeaantekeningen voor ontwikkelingspsychologie

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
34
Geüpload op
13-01-2021
Geschreven in
2020/2021

Dit document omvat alle aantekeningen van de colleges van ontwikkelingspsychologie, duidelijk uitgelegd en compleet.

Voorbeeld van de inhoud

ontwikkelingspsychologie
College 1
Voor informatie naar ontwikkelinkspsychologie -> cursusdocumenten
1. stof per college
2. per week de PPT, informatie per college
3. cursusinleiding

Ontwikkelingspsychologie is multidisciplinair wat wil zeggen dat het ook sociology biology
neurology etc ook in is verwerkt

ontwikkeling = verandering
maar verandering niet per se ontwikkeling

een kind die een paar dagen raar doet is wel een verandering maar geen ontwikkeling. Er moet
sprake zijn van een blijvende/onomkeerbare verandering.

kan vooruitgang of achteruitgang zijn = multi directioneel

ontwikkeling een proces, ontwikkeling voltrekt zich in de tijd
ontwikkeling is ook multidimensional= ontwikkeling speelt zich zowel af op fysiek,cognitief en het
sociaal-emotionele terrein. Deze staan nauw met elkaar in verband.

Waar komt ontwikkeling vandaan? verschillende punten=multi-gedetermineerd
1. onmiddellijke omgeving- ouders, leerkracht
2. biologische make up- genetische en biologische kenmerken


Context van de ontwikkeling
Normatief leeftijdsgebonden, kan biologisch of omgeving. Komt bij de kinderen voor die
gelijktijdig van dezelfde leeftijd uit dezelfde cultuur. (motoriek, taal) bv. het halen van een rijbewijs.
bv. menstruatie.
normatief historische invloeden (cohort). een generatie die samen iets mee heeft gemaakt bv.
een oorlog of een bepaalde crisis.
Niet normatieve invloeden (persoonsgevonden). bv. een ongeval, scheiding. Hierdoor kan je
ontwikkeling opeens anders lopen.

Elk kind ontwikkeld anders, maar er zijn wel normatieve ontwikkelingsstappen (mijlpalen) en
stabiliteit in ontwikkelingspaden (IQ)

Nature-nurture strijd=alles komt van buitenaf/alles komt van binnenuit

Ontwikkeling doorgaande lijn of niet? Continue of discontinue. bv. Woordenschat, lengte of de
overgang van kruipen naar lopen.
Periode van ontwikkeling
Kritieke periode: Als je als kind in die periode een ervaring ontbreekt, is er onherroepelijk schade
Gevoelige periode: In een bepaalde periode is die ervaring optimaal, maar kan later ook nog. Dit
is eigenlijk bijna altijd het geval.

domein algemene ontwikkeling= ontwikkelingen staan met elkaar in contact
domein specifieke ontwikkeling= ontwikkelingen staan niet met elkaar in contact

Freud: psychodynamische (psychoanalytische) theorie: ontwikkeling wordt volgens deze theorie
vooral bepaald door biologische driften die in interactie zijn met de omgeving en met 3
persoonlijkheidseigenschappen.
Deze componenten zijn het id, instinctieve driften die draaien om het nastreven van genot(seks,
agressie impulsen); het ego, de rationele, controlerende component van persoonlijkheid die de
driften uit het id op sociaal acceptabele wijze probeert te bevredigen; en het superego, het

,geweten, bestaand uit geïnternaliseerde waarden, moralen en rollen wat is goed en wat is slecht.
Het functioneren in de volwassenheid wordt volgens Freud sterk bepaald door de vroegkinderlijke
ontwikkeling.


5 grote perspectieven mbt ontwikkeling

3. Psychodynamische perspectief (focus op innerlijke onbewuste krachten. bv. onbewust kan een
scheiding een kind de hele dag beïnvloeden) Net als de ontwikkeling van de persoonlijkheid.
(Een aanhanger hiervan was Freud)
4. behaviorisme perspectief ( bijna tegenovergestelde van hierboven, alles komt van buitenaf.
oftewel het waarneembare gedrag, op basis daarvan kan je de ontwikkeling begrijpen.
5. cognitieve perspectief ( Eén van zijn bijdragen aan de psychologie is onder andere dat het
potentieel om te leren en om bepaalde evenementen bewust te ervaren zich ontwikkelt met de
leeftijd. Deze theorie wordt de cognitieve ontwikkelingstheorie genoemd.) jean piaget
6. contextueel perspectief (altijd kijken naar een individu en zijn omgeving, je kan ontwikkeling
alleen begrijpen als je kijkt naar de interactie (vygotsky) (bronfenbrenner-> micro meso ex
macro is van bronfenbrenner))




7. evolutionair perspectief (gaat in op biologische factoren, ontwikkeling willen inschatten door het
gen van onze voorouders, tweeling en adoptiestudies erg interessant voor hen)


samenvatting van dit op PPT 35, College 1


Hoe vergaar je als ontwikkelingspsycholoog nieuwe informormatie?
8. Hypothese (verwachting)
9. data verzamelen (experiment, zelf verzamelen etc)
10. resultaten analyseren (de uitkomst van de testen bij elkaar verzamelen)
11. resultaten publiceren (bekritiseren)

Er zijn genoeg onderzoeken die etisch niet kunnen, bijv of kinderen agressiever worden door het
kijken van agressieve programma’s

,Soorten onderzoeksmethoden

12. Experimenteel onderoek (vergelijken met twee gemanipuleerde variabelen)
13. correlationeel onderzoek (vergelijk met twee ongemanipuleerde variabelen)
14. Longitudinaal onderzoek (onderzoek over een langere periode bij dezelfde mensen,
verandering meten van een persoon bijv verandering van morale gedachten) nadeel, veel geld,
uitval.
15. Cross-sectional onderzoek(vergelijk verschillende groepen op hetzelfde moment)
16. cross-sequentieel(verschillende groepen op verschillende tijden)

College 2

In de spermacel zit gen van de vader, in de eicel van de vrouw zit het gen van de moeder.
Samen wordt dit na vele celdelingen(mythoses) en 9 maanden een kind.

1 eiige tweeling(monozygoot), precies hetzelfde, genetisch gezien. Dit komt doordat er in
de eerste 2 weken een afsplitsing komt. Die vormen dan allebei een apart cluster.

2 eiige tweeling(dizygoot), twee rijpe eicellen die allebei worden bevrucht, het dna van
deze twee kinderen komt ongeveer 50% overeen, dat is vergelijkbaar met een zus of
broer.

Een gen is een klein stukje DNA, we hebben veel verschillende genen(25.000). Alle genen
hebben een eigen locatie op het DNA. Al die genen vormen weer 46 chromosomen, zijn
geclusterd in paren. Moeder heeft alleen X chromosomen, dus die geeft altijd X door. De
vader heeft allebei, dus die beslist welk geslacht het kind krijgt. Alle eigenschappen komen
door de genen.
Het proces van het ontwikkelen van die ei/spermacellen die zichzelf halveren naar 23
chromosomen zodat als ze samen worden gevoegd er weer 46 chromosomen zijn. Dit
heel meiose


Crossing over het verplaatsen van genen waardoor het DNA kan veranderen.
Alle 25000 genen, de hele genetische kaart, dat zijn genotype. En alles wat wij aan elkaar
kunnen zien, huidskleur, lengte etc noemen wij fenotype dit kan dus ook van de omgeving
komen bijvoorbeeld het stijlen van je haar.

PKU is een stofwisselingsziekte, bepaald door 1 gen. Een kind heeft alleen last van PKU
als het kind van zowel de moeder als de vader de recessieve vorm van dat ene gen aan
jou doorgeven. Normaal krijg je twee dominante vormen. 1 recessief deeltje en 1
dominante, krijg je een drager. Dan heeft het kind er geen last van maar kan het wel
doorgeven aan zijn eigen kinderen.

Bij een chromosoom teveel krijgt het kind het syndroom van down, bij een chromosoom te
weinig krijgt het kind het syndroom van Turner. Dit kan alleen bij meisjes gebeuren. Dit
omdat zij in dat 21ste paar (waar een jongen 3 chromosomen heeft) zij er maar 1tje heeft.
Dit komt niet veel voor 99% van deze kinderen wordt een miskraam. Worden ze wel
geboren heeft het kind veel afwijkingen.

Fragiele X syndroom

, Het fragiele x syndroom kan zowel bij jongens als bij meisjes voorkomen. Een X
chromosoom doet niet goed zijn werk waardoor zowel fysiek als mentaal de kinderen
anders zijn. Meisjes hebben weinig/geen last cognitief bij jongens is dit wel meer het
geval. Dit komt omdat meisjes ook nog een normaal X chromosoon hebben. Bij de
jongens is er alleen nog een Y chromosoom.

Interactie tussen de genen en omgeving

nature-nurture -> Range of reaction. Het milieu waar je opgroeit kan je al veranderen.
Bijvoorbeeld zijn er bij een hoog sociaal economisch gezin meer boeken aanwezig
waardoor een kind hier al makkelijker mee leert omgaan.

Actieve genotype-omgevingseffecten Simpelweg de vergelijking tussen dat een
extrovert kind eerder zou gaan voor een voetbaltraining en een introvert kind liever gaat
voor schoolkoor. De genen zijn er, wat het kind in zijn omgeving met die effecten doet dat
is aan het kind.

evocatieve genotype-omgevingseffecten (stel een baby in zijn wiegje lacht naar jou, het
enige wat je dan meestal kan doet is terug lachten) iets wat vanzelfsprekend is en iets
opwekt.

Passieve genotype omgevingseffecten hierbij staan niet de genen van de kinderen
centraal maar die van de ouders (bijv als de vader altijd houdt van sporten, en het kind
heeft er, mede daardoor, ook profijt van dat hij het goed kan).

College 3
Prenatale ontwikkeling
invloeden op prenatale ontwikkeling
ontwikkeling van het zenuwstelsel in de hersenen (niet zo heel belangrijk voor nu)

Prenatale ontwikkeling
Cellen vermenigvuldigen zichzelf, van 2 naar 4 naar 8 naar 16 etc

Prenetale ontwikkeling in 3 stadia
17. Germinale stadium (week 1-2)
-Hier vindt de innesteling plaats, daarna ontstaat het placenta en navelstreng
2. Embryonale stadium (week 3-8)
-ontwikkeling organen
-zeer snelle groei
-meeste miskramen in deze periode
Je ziet aan het einde van deze fase steeds meer een baby in de buik, maar nog steeds
wel een rare vorm.
3. Foetale stadium (week 9 tot geboorte)
-groei/afwerking
-hersenontwikkeling
Na 4 maanden voelt een moeder haar kind bewegen.
Na 11 weken zie je al ribben, longen etc. Na 16/18 weken kan je al duimzuigen,
licht/donker zien.
Onderzoek gedaan hoe goed baby’s kunnen horen in de buik door de moeder te vragen
een sprookje te lezen elke dag met de baby in de buik. Baby’s reageerden daarop later
toen ze waren geboren. Harig laagje/wasachtig laagje zodat kinderen niet helemaal
overrompeld zijn.

Documentinformatie

Geüpload op
13 januari 2021
Aantal pagina's
34
Geschreven in
2020/2021
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Suzanne houwen
Bevat
Alle colleges
€5,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
meesbruinsxd
3,0
(1)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
meesbruinsxd Rijksuniversiteit Groningen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
2
Documenten
3
Laatst verkocht
4 jaar geleden

3,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen