Hoofdstuk 2 Ethiek
Paragraaf 1: Het goede leven
De moraal is het geheel van normen en waarden in een bepaalde cultuur.
Waarden: geeft aan wat mensen belangrijk en natreefwaardig vinden.
Instrumentele waarde: middel om een hogere waarde te bereiken.
Intrinsieke waarde: hoogste waarde, iets wat op zichzelf waardevol is en
net om iets anders nagestreefd hoeft te worden.
Normen: handelsvoorschrift.
Hume: vindt dat het principieel anders is om te beschrijven hoe iets is dan om te
zeggen hoe iets zou moeten zijn. Dit wordt de is/ought fallacy genoemd.
Drogreden van zijn/behoren, ook wel de naturalistische drogreden genoemd: uit
hoe het is afleiden hoe het zou moeten zijn.
Paragraaf 2: Het geluk, de plicht en de deugd
Epicurus (342-271. v.C.) – Hedonisme: datgene wat gelukt of plezier oplevert is
goed. Wat pijn of lijden veroorzaakt is slecht. Het doel is om de innerlijke rust te
bereiken (ataraxia)
Utilitarisme
Jeremy Bentham (1748-1832) - Hedonistische calculus: een handeling is goed als
deze zoveel als mogelijk geluk oplevert voor zoveel als mogelijk mensen.
John Stuart Mill (1806-1873): was het eens met Bentham. Alleen Mill dacht dat de
cultuur in gevaar zou komen en vond daarom dat we niet alleen naar kwantiteit,
maar ook naar kwaliteit moeten kijken.
Handelingsutilisme - Bentham Regelutilisme - Mill
Korte termijn Lange termijn
Kwantitatief Kwalitatief
“Lager vermaak” “Hoger vermaak”
Kritiek:
o Geluk is onmeetbaar, dit is een praktisch probleem
o Negatieve verantwoordelijkheid, een verantwoordelijkheid voor wat je niet
doet (Singer)
Bentham:
o Het doel heiligt de middelen. Het individu moet zich opofferen voor het
geluk van de meerderheid. (Sams geval)
o Naturalistische drogreden: het hoeft niet altijd zo te zijn.
Paragraaf 1: Het goede leven
De moraal is het geheel van normen en waarden in een bepaalde cultuur.
Waarden: geeft aan wat mensen belangrijk en natreefwaardig vinden.
Instrumentele waarde: middel om een hogere waarde te bereiken.
Intrinsieke waarde: hoogste waarde, iets wat op zichzelf waardevol is en
net om iets anders nagestreefd hoeft te worden.
Normen: handelsvoorschrift.
Hume: vindt dat het principieel anders is om te beschrijven hoe iets is dan om te
zeggen hoe iets zou moeten zijn. Dit wordt de is/ought fallacy genoemd.
Drogreden van zijn/behoren, ook wel de naturalistische drogreden genoemd: uit
hoe het is afleiden hoe het zou moeten zijn.
Paragraaf 2: Het geluk, de plicht en de deugd
Epicurus (342-271. v.C.) – Hedonisme: datgene wat gelukt of plezier oplevert is
goed. Wat pijn of lijden veroorzaakt is slecht. Het doel is om de innerlijke rust te
bereiken (ataraxia)
Utilitarisme
Jeremy Bentham (1748-1832) - Hedonistische calculus: een handeling is goed als
deze zoveel als mogelijk geluk oplevert voor zoveel als mogelijk mensen.
John Stuart Mill (1806-1873): was het eens met Bentham. Alleen Mill dacht dat de
cultuur in gevaar zou komen en vond daarom dat we niet alleen naar kwantiteit,
maar ook naar kwaliteit moeten kijken.
Handelingsutilisme - Bentham Regelutilisme - Mill
Korte termijn Lange termijn
Kwantitatief Kwalitatief
“Lager vermaak” “Hoger vermaak”
Kritiek:
o Geluk is onmeetbaar, dit is een praktisch probleem
o Negatieve verantwoordelijkheid, een verantwoordelijkheid voor wat je niet
doet (Singer)
Bentham:
o Het doel heiligt de middelen. Het individu moet zich opofferen voor het
geluk van de meerderheid. (Sams geval)
o Naturalistische drogreden: het hoeft niet altijd zo te zijn.