Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Literatuur Jeugd & Recht; Master Orthopedagogiek Universiteit Utrecht

Beoordeling
-
Verkocht
3
Pagina's
41
Geüpload op
24-10-2025
Geschreven in
2025/2026

Dit is een samenvatting van alle literatuur behorende bij het vak Jeugd en Recht, gegeven aan masterstudenten orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht. De samenvatting omvat hoofdstuk 1 t/m 6 van het boek Jeugdrecht in de Praktijk (Ido Weijers en Joost Huijer; 6e druk) en een aantal artikelen.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting literatuur Jeugd & Recht

Week 40
Jeugdrecht in de praktijk – Inleiding
Kwesties als ouderschap, minderjarigheid, adoptie en voogdij staan in Burgerlijk Wetboek (BW).
Kinderbescherming → Burgerlijk Wetboek
Medische behandelingen → Burgerlijk Wetboek
Jeugdhulp → Jeugdwet (onderdeel van het bijzonder bestuursrecht)
Onderwijs → Grondwet
Jeugdstrafrecht → zijn bijzondere regelingen die terug te vinden zijn in de wetboeken van
strafrecht en strafvordering.

Twee brede internationale ontwikkelingen zijn cruciaal in het verwerven van het begrip van het
Nederlandse jeugdrecht:
1. Gelijktijdig ontstaan van een systeem van kinderbescherming en een apart
jeugdrechtsysteem rond 1900. In de wereld met toenemende industrialisatie en
urbanisatie ontstond er oog voor verpaupering van gezinnen in de snel uitbreidende
steden. In 1900 kwam de algemene Leerplicht en in 1901 werden de Kinderwetten
aangenomen. Er kwamen vernieuwingen wat betreft kinderbescherming en
jeugdstrafrecht. Er kwam een einde aan de macht van de vader en de overheid kon
ingrijpen waar nodig. Er kwamen ook sancties voor kinderen die de wet overtraden
2. Een halve eeuw later kwamen de kinderrechten naar voren. De EVRM (Europees Verdrag
voor de Rechten van de Mens) werd aangenomen in 1950 en kreeg vooral recht een paar
decennia later toen de EHRM (Europees Hof voor de Rechten van de Mens) invloed
begon te krijgen. In 1989 werd het IVRK (Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het
Kind) aangenomen. Deze is geratificeerd door 193 staten (alleen VS niet). 4 algemene
principes:
a. Dat alle kinderen recht hebben op alle rechten en vrijheden die in het verdrag
worden genoemd zonder discriminatie van welke aard ook;
b. Dat bij alle maatregelen betreffende kinderen de belangen van het kind een
eerste overweging vormen;
c. Dat alle kinderen recht hebben op leven, overleven en ontwikkeling
d. Dat alle kinderen het recht hebben om hun mening te geven en te participeren in
beslissingen die hen betreffen in overeenstemming met hun leeftijd en rijpheid

Elke vijf jaar moet elk land dat dit verdrag heeft ondertekend een rapport presenteren over
wetgeving en beleid op het punt van kinderrechten in de afgelopen jaren. Dit wordt beoordeeld
door het Comité voor de rechten van het kind (CRC), er worden dan ook aanbevelingen gedaan.
Zo heeft Nederland sinds 2011 een Kinderombudsman op aanraden van het CRC.




1

,Jeugdrecht in de praktijk – hoofdstuk 1: Familierecht
Familierecht heeft betrekking op de rechtsverhouding tussen personen op het terrein van
families en relaties.
Verticale relaties: zoals afstamming en ouderlijk gezag
Horizontale relaties: zoals huwelijk en geregistreerd partnerschap.
Dit boek richt zich op de verticale relaties.

1.2 Juridisch ouderschap
Het afstammingsrecht regelt de afstamming tussen ouders en kinderen. Wie zijn volgens de
wet familie van elkaar? Het is een ‘dwingend recht’: er is geen ruimte om dingen op dit gebeid
zelf alternatief, naar eigen inzicht te regelen. Het afstammingsrecht is wel in beweging: nu kan
een kind nog maar maximaal 2 ouders hebben, maar kan misschien 3 of 4 worden indien aan
bepaalde voorwaarden is voldaan. Sinds 2014 is het ook mogelijk dat twee moeders als
juridische ouders van het kind kunnen worden beschouwd. Wel is biologisch ouderschap nog
steeds de pijler van juridisch ouderschap. Ook bij donoren wordt dit biologische ouderschap
vaak toegekend aan juridsch ouder. Het EVRM heeft rechtstreekse werking in Nederland. Het
EHRM en IVRK doen belangrijke, richtinggevende uitspraken.

Moeder door geboorte
Door geboorte is het altijd zeker wie de moeder is en diegene is dan ook de juridische moeder
met alle rechten en plichten die daarbij horen. Dit is ook zo bij de inseminatie van een eicel van
een andere vrouw. De vrouw die het kind ter wereld brengt, is de juridsche moeder. Ook een
draagmoeder wordt nog als juridisch moeder beschouwd. De wensmoeder wordt dan pas
juridisch moeder na adoptie.

Ouder van rechtswege
De vader van een kind is de man die op het moment van de geboorte van het kind gehuwd is met
de vrouw uit wie het kind is geboren. Sinds 2014 geldt dit ook voor geregistreerd partnerschap.
Of het feitelijk een andere man of een donor is geweest, maakt voor de wet niet uit. Sinds 2014
kan ook ‘moederschap van rechtswege’. Hier zijn wel twee voorwaarden voor:
- Er moet sprake zijn van een huwelijk of geregistreerd partnerschap
- Het kind moet zijn verwekt door kunstmatige inseminatie met behulp van een
onbekende donor

Ouder door erkenning
Erkenning staat los van biologisch vaderschap. Erkenning schept een juridsche relatie tussen de
man die het kind erkent en het kind. Een cruciaal verschil met ouderschap van rechtswege is dat
voor erkenning toestemming van de moeder nodig is. Als de moeder niet toestemt, kan
biologische afstamming weer een doorslaggevende rol spelen (moet via de rechter). Belang van
het kind staat hier wel voorop. Hetzelfde geldt voor spermadonoren, maar deze moet wel nauw
betrokken zijn bij moeder of kind. Ook kan een kind van 12+ jaar erkenning afwijzen. Erkenning is
ook uitgesloten wanneer:
- De jeugdige al twee ouders heeft
- Als een man vanwege te nauwe verwantschap geen huwelijk met de moeder mag
sluiten, zoals een broer, vader of oom
- Als de man nog geen 16 jaar is.
Sinds 2014 is het ook voor vrouwen mogelijk om een kind te erkennen (zelfde regels en eisen als
de man).




2

,Ouder via gerechtelijke vaststelling
Hierbij gaat het om ouders die geen juridisch ouder willen zijn of wanneer een man overlijdt voor
de geboorte. Of om ouders die juridisch ouderschap willen afdwingen via de rechter.

Ouderschap via adoptie
Je kan via adoptie juridisch ouder worden. Alle gevolgen die de Nederlandse wet aan het
ouderschap verbindt, zijn ook van toepassing op de ouders die door adoptie een kind krijgen. Er
ontstaan dus ook familierechtelijke relaties tussen adoptiekind en adoptieouders en hun familie.

Gevolgen van het ouderschap
- Ontstaan van een familierechtelijke betrekking tussen het kind, zijn ouders en
bloedverwanten
- Juridische ouders hebben gezag over hun kind of kunnen hierom vragen. Ze mogen hun
kind opvoeden, verzorgen en zeggenschap over hem hebben
- Recht op (en plicht tot) omgang met het kind, ook na scheiding
- Onderhoudsplicht jegens het kind (kosten dragen voor verzorging en opvoeding tot het
einde van zijn/haar minderjarigheid. Wat onderwijs betreft tot 21 jaar)
- Kinderen zijn erfgenaam van hun juridische ouders en omgekeerd kunnen ouders ook
van hun kinderen erven
- Familienaam, nationaliteit, fiscaal opzicht (erf- en schenkbelasting), sociale zekerheid
en op procesrechtelijke gebieden


1.3 Adoptie
Twee soorten adoptie:
- Adoptie van kinderen binnen de Nederlandse grenzen; voorwaarden
o Adoptie moet in kennelijk belang van de jeugdige zijn
o Kind heeft niets meer van zijn biologische ouderschap in de rol van ouder te
verwachten
o Kind is jonger dan 18 jaar
o Kind van 12+ jaar moet zijn mening kunnen geven over de adoptie (kind jonger
dan 12 jaar mag eventueel ook gehoord worden)
o Grootouders mogen niet hun kleinkind adopteren

Biologische ouders:
o Adoptie kan niet doorgaan als de biologische ouders het niet willen (alleen als ze
hun kind hebben mishandeld of verwaarloosd kan de rechter anders beslissen)
o Biologische moeder moet ten minste 16 jaar zijn en geen gezag meer over haar
kind uitoefenen

Adoptiefouders:
o Moeten ten minste 18 jaar ouder zijn dan het kind dat ze willen adopteren
o Er moet al iets ‘bewezen’ zijn: minstens 3 jaar samenwonend en het kind moet al
ten minste en jaar bij hen thuis wonen en verzorgd en opgevoed worden.

- Adoptie waarbij een kind uit het buitenland door ouders uit Nederland geadopteerd
wordt (mag tegenwoordig niet meer).




3

, 1.4 Minderjarigheid
Vaak wordt in wet- en regelgeving onderscheid gemaakt in twee of meer ontwikkelingsstadia van
kinderen. Kinderen kunnen bijvoorbeeld niet vervolgd worden voor strafbare feiten zolang ze
jonger dan 12 jaar zijn. Voor 12-18 jaar geldt een apart jeugdstrafrecht en pas vanaf 18 jaar is het
gewone strafrecht van toepassing. Tegelijkertijd is er soms ook een strikt juridische grens. De
rechter móét een kind van 12+ horen, maar hoeft geen rekening te houden met een wellicht zeer
uitgesproken 10-jarige.

Risicoaansprakelijkheid: tot 14 jaar zijn ouders aansprakelijk. Bij 14 en15 jaar in principe ouders,
tenzij ze kunnen aantonen dat hun niet kan worden verweten dat zij de gedraging van het kind
niet hebben verhinderd, omdat ze er bijvoorbeeld niet bij waren. Kinderen vanaf 16 jaar zijn zelf
aansprakelijk.

Minderjarigen (onder 18 jaar) staan onder gezag van hun ouders of verzorgers. Juridisch ouder
blijf je (meestal) je hele leven, maar het gezag is maar tot 18 jaar.

Minderjarigen zijn ‘handelingsonbekwaam’. Ze hebben toestemming nodig van hun wettelijk
vertegenwoordiger om in het juridisch verkeer op te treden. Deze toestemming wordt
verondersteld te zijn verleend als het gaat om een bij de leeftijd passende rechtshandeling (zoals
snoep kopen of naar de bios gaan). Grote aankopen kunnen door de ouders worden
teruggedraaid. Er zijn uitzonderingen op de onzelfstandigheid van minderjarigen, bijv.
‘handlichting’: de rechter kan een minderjarige op zijn verzoek en met instemming van zijn
ouders voor bepaalde rechtshandelingen handelingsbekwaam verklaren. Bv. een 16- of 17-jarige
die een rol speelt in het familiebedrijf of een 16 jarige die zwanger is. Andere uitzonderingen:
- Toestemming voor een medische beslissing
- Procesbekwaamheid van een minderjarige aangaand een psychiatrische dwangopname
- Hoorrecht van minderjarigen

In Nederland heeft de minderjarige in principe geen mogelijkheid om zelf te procederen. Dat kan
alleen via zijn ouders/voogd. Maar wanneer een minderjarige zelf onderwerp wordt van strijd
tussen zijn ouders, biedt de wet hem wel de mogelijkheid om zelf gehoord te worden, ongeacht
zijn leeftijd. Hij kan dan zelfstandig, via de ‘informele rechtsgang’, de rechter verzoeken een
beslissing te nemen over gezang, omgang en/of benoeming van een bijzondere curator.


1.5 Ouderlijk gezag
Alle minderjarigen staan onder gezag (van ouder(s) of voogd). Gezagsrecht is ook een dwingend
recht. Als ouders eventueel met anderen afspraken hebben gemaakt omtrent het gezag over hun
kind zijn die niet rechtsgeldig. Ouderlijk gezag kan alleen worden beperkt of afgenomen met een
maatregel van kinderbescherming door de kinderrechter. Ouders hebben in principe volledige
vrijheid wat betreft invulling van de opvoeding, maar wel is er bijv. de Leerplichtwet, bepaling
over medische behandelingen en kinderbeschermingsmaatregelen.

Het gezagsrecht heeft de laatste decennia een sterke ontwikkeling doorgemaakt. Drie
veranderingen:
1. Minderjarigen hebben een prominentere rechtspositie gekregen en het ‘belang van het
kind’ is leidend
2. Gezagsrecht is losgekoppeld van het huwelijk en na scheiding is er ook nog automatisch
gezag. Eenhoofdig gezag is allen wanneer het in het belang van het kind is.
3. De kring van personen die gezag over het kind kunnen krijgen is uitgebreid. Bv. ouders
van gelijk geslacht.

4

Documentinformatie

Geüpload op
24 oktober 2025
Aantal pagina's
41
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€7,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
aliekekunst Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
218
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
115
Documenten
20
Laatst verkocht
3 weken geleden

3,9

15 beoordelingen

5
4
4
6
3
4
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen