Verlichting en revoluties
Paragraaf 1 De Verlichting
Intro
- Minerva: godin van de kennis
- Licht van de rede
- Alle godsdiensten komen samen bij het licht van de rede
- De Verlichting
Kant over de Verlichting
- Mondigheid
- Zonder leiding van anderen
- Redelijkheid
- Rationalisme
- Ausgang = vrijheid
Voorbereiding: de wetenschappelijke revolutie
- Middeleeuwen: onderzoek/kennisverwerving binnen grenzen van kerk en traditie
- 16e eeuw: nieuwe manier van onderzoek doen
Observering
Experimenteren
Redeneren
- Dus: kennis verkrijg je door waarneming en ervaring
- = empirisme
- Kritiek op middeleeuwse traditie
- Voorbeeld: Vesalius 1514-1564
- Voorbeeld: Francis Bacon 1561-1626
Kant en het rationalisme
- Rationalisme: ratio als belangrijkste bron van kennis
- Kant combineert empirisme en rationalisme
- Bovendien: rede aangevuld met moraal (categorische imperatief)
- Zie schema pp
Verlichte kritiek op de samenleving
- Sociaal: gelijkheid <-> standenmaatschappij
- Politiek: contractdenken/volkssoevereiniteit <-> absolutisme
- Godsdienstig: deïsme en tolerantie <-> macht van de kerk en rol van God
- Samenleving = Ancien Regime
- Let op!: onderscheid gematigde – radicale verlichting
Gematigd: compromis tussen ancien regime en verlichting
Radicaal: afschaffen ancien regime
Verlichting en politiek: John Locke (zie schema pp)
- John Locke: Two treatises of government (1690)
- Iedereen natuurlijke rechten
- Locke gaat uit van natuurtoestand waarin ieder rechten heeft en die ook erkend worden
- Contract is basis macht van de staat: mensen zoeken zo groot mogelijke bestaanszekerheid
- Staat is dus niet door God gegeven, maar in vrijheid gesloten overeenkomst door het volk
, - Staat is dus vooral scheidsrechter: zorgen dat ieders natuurlijke rechten worden
gewaarborgd
- Daarom: scheiding kerk-staat
Verlichting en politiek: Rousseau
- Rousseau: Du contrat social (1762)
- Volk is soeverein
- Burgers sluiten onderling contract
- Inhoud: iedereen gehoorzaamt aan ‘Volonté générale’
Verlichting en politiek: verschillen
- Locke en Rousseau voor democratie
- Maar Voltaire (= Francois-Marie Arouet) niet
- Er moet vrijheid van denken bestaan: verdraagzaamheid
- Maar niet iedereen geschikt voor redelijk denken
- Dus geen ‘staatsverlichting’
Verlichting en godsdienst
- Vanuit ratio hebben godsdiensten dezelfde natuurlijke kern (natuurlijke godsdienst)
- Vandaar: God als ‘Opperwezen’ (onbepaalde grootheid, geldt voor elke god)
- In elke godsdienst gaat het dus over dezelfde godheid
- Tolerantie: alle godsdiensten zijn gelijk
- Natuurlijke religie is gericht op deugd
- Verschillen:
Deïsme (Voltaire)
Agnosten
- God naar de rand gedreven ten gunste van de rede
- Voorbeeld van radicale verlichter: Baruch Spinoza (1632-1677) (verplicht voorbeeld)
- Deus sive natura: God valt samen met de (wetten van de) natuur, dus geen persoon
- God is dus rationeel
- Wonderen kunnen niet bestaan: komen voort uit onwetendheid
De verspreiding van de Verlichting
- Sommige vorsten namen verlichte ideeën over: verlicht absolutisme
Catharina de Grote van Rusland
Frederik de Grote van Pruisen
- In Frankrijk censuur
Ontdoken door bijv. in Republiek te laten drukken
- De Encyclopédie (1751)
- Verlichte ideeën besproken in salons, koffiehuizen enz.
- Toneelstukken
- Kranten en pamfletten
Sieyès: Qu’est-ce que le tiers état (januari 1789)
- Politiek niet meer alleen zaak van de bovenlaag van de bevolking
Oorzaken
- Verlicht denken
- Ongelijkheid in de standenmaatschappij
Adel heeft 20% van het land
Adel en geestelijkheid betalen (bijna) geen belasting
- Ontevredenheid van de boeren
Herendiensten
Paragraaf 1 De Verlichting
Intro
- Minerva: godin van de kennis
- Licht van de rede
- Alle godsdiensten komen samen bij het licht van de rede
- De Verlichting
Kant over de Verlichting
- Mondigheid
- Zonder leiding van anderen
- Redelijkheid
- Rationalisme
- Ausgang = vrijheid
Voorbereiding: de wetenschappelijke revolutie
- Middeleeuwen: onderzoek/kennisverwerving binnen grenzen van kerk en traditie
- 16e eeuw: nieuwe manier van onderzoek doen
Observering
Experimenteren
Redeneren
- Dus: kennis verkrijg je door waarneming en ervaring
- = empirisme
- Kritiek op middeleeuwse traditie
- Voorbeeld: Vesalius 1514-1564
- Voorbeeld: Francis Bacon 1561-1626
Kant en het rationalisme
- Rationalisme: ratio als belangrijkste bron van kennis
- Kant combineert empirisme en rationalisme
- Bovendien: rede aangevuld met moraal (categorische imperatief)
- Zie schema pp
Verlichte kritiek op de samenleving
- Sociaal: gelijkheid <-> standenmaatschappij
- Politiek: contractdenken/volkssoevereiniteit <-> absolutisme
- Godsdienstig: deïsme en tolerantie <-> macht van de kerk en rol van God
- Samenleving = Ancien Regime
- Let op!: onderscheid gematigde – radicale verlichting
Gematigd: compromis tussen ancien regime en verlichting
Radicaal: afschaffen ancien regime
Verlichting en politiek: John Locke (zie schema pp)
- John Locke: Two treatises of government (1690)
- Iedereen natuurlijke rechten
- Locke gaat uit van natuurtoestand waarin ieder rechten heeft en die ook erkend worden
- Contract is basis macht van de staat: mensen zoeken zo groot mogelijke bestaanszekerheid
- Staat is dus niet door God gegeven, maar in vrijheid gesloten overeenkomst door het volk
, - Staat is dus vooral scheidsrechter: zorgen dat ieders natuurlijke rechten worden
gewaarborgd
- Daarom: scheiding kerk-staat
Verlichting en politiek: Rousseau
- Rousseau: Du contrat social (1762)
- Volk is soeverein
- Burgers sluiten onderling contract
- Inhoud: iedereen gehoorzaamt aan ‘Volonté générale’
Verlichting en politiek: verschillen
- Locke en Rousseau voor democratie
- Maar Voltaire (= Francois-Marie Arouet) niet
- Er moet vrijheid van denken bestaan: verdraagzaamheid
- Maar niet iedereen geschikt voor redelijk denken
- Dus geen ‘staatsverlichting’
Verlichting en godsdienst
- Vanuit ratio hebben godsdiensten dezelfde natuurlijke kern (natuurlijke godsdienst)
- Vandaar: God als ‘Opperwezen’ (onbepaalde grootheid, geldt voor elke god)
- In elke godsdienst gaat het dus over dezelfde godheid
- Tolerantie: alle godsdiensten zijn gelijk
- Natuurlijke religie is gericht op deugd
- Verschillen:
Deïsme (Voltaire)
Agnosten
- God naar de rand gedreven ten gunste van de rede
- Voorbeeld van radicale verlichter: Baruch Spinoza (1632-1677) (verplicht voorbeeld)
- Deus sive natura: God valt samen met de (wetten van de) natuur, dus geen persoon
- God is dus rationeel
- Wonderen kunnen niet bestaan: komen voort uit onwetendheid
De verspreiding van de Verlichting
- Sommige vorsten namen verlichte ideeën over: verlicht absolutisme
Catharina de Grote van Rusland
Frederik de Grote van Pruisen
- In Frankrijk censuur
Ontdoken door bijv. in Republiek te laten drukken
- De Encyclopédie (1751)
- Verlichte ideeën besproken in salons, koffiehuizen enz.
- Toneelstukken
- Kranten en pamfletten
Sieyès: Qu’est-ce que le tiers état (januari 1789)
- Politiek niet meer alleen zaak van de bovenlaag van de bevolking
Oorzaken
- Verlicht denken
- Ongelijkheid in de standenmaatschappij
Adel heeft 20% van het land
Adel en geestelijkheid betalen (bijna) geen belasting
- Ontevredenheid van de boeren
Herendiensten