In India wonen veel verschillende groepen
mensen (eigen cultuur)
o Wonen in eigen deelstaten
o Hindi de meest belangrijke taal
27 andere officiele talen
Engels overbrugt de taalverschillen,
het is er de lingua franca
Door britten maar zes staten in Zuid-Azië
o Die koloniseerden gebied en brachten het
onder een bestuur.
o Deze kolonie leverden katoen, jute, thee
aan moederland.
o Bij onafhankelijkheid in 1947 werd India
een federatie en kreeg India indeling in
deelstaten.
Hierdoor verschillende culturen
gescheiden.
Veel geloven in India, meeste mensen zijn hindoe.
o Hindoes geloven in meerdere goden, en de
wedergeboorte.
o Werdergeboorte = dat je na je dood opnieuw
geboren wordt als mens/dier.
In elk leven behoor je in een kast in het
kastenstelsel, na je wedergeboorte bij een goed
leven ga je naar een hogere kast.
o Je moet je houden aan regels, en mag alleen
contact hebben met iemand uit je eigen kast.
o Zorgt voor sociale ongelijkheid
o In 1950 is het officeel afgeschaft, maar inpraktijk gebeurd het
nogsteeds.
o Onaanraakbaren (dalits) moeten al het vieze werk doen en
wonen in apparte wijken.
India op een na grootste land ter wereld wat betreft inwoners (1,4
miljard)
o Komen per jaar 18 miljoen mensen bij
o 50% van bevolking jonger dan 25: groene druk hoog
o Zal blijven toenemen, maar vruchtbaarheidscijfer neemt af.
(gemd. 2,2)
Meer als in NL, komt omdat ze daar op jonge leeftijd
trouwen en dat anticonceptie daar voor veel te duur is.
, In steden neemt het vooral af, daar daalt het
geboortecijfer, en trouwen vrouwen pas op latere
leeftijd, verschil met platteland groeit.
In india veel klimaatverschillen:
o Noorden: Himalayagebergte, toppen hoger dan 8000m, veel
ijs en sneeuw
o Vanuit himalaya stromen rivieren (Ganges/Indus) richting zee
Ganges langste rivier, voert veel water af.
1000km voor kust wordt stroomgebied ganges
heel breed/vlak: gangesvlakte.
o Dichtbevolkt gebied, als rivier overstroomt
blijft er slib achter: vruchtbaar (landbouw).
o Noordwesten: Tharwoestijn, droog klimaat.
o Midden: Hoogland van Dekan, hoogvlakte, steppe/savanne,
valt weinig regen, ligt in regenschaduw van West-Ghats
gebergte (westkust)
o Oost-/westkust: smalle kustvlakten. Westen: tropisch
regenwoud. Dichtbevolkte gebieden.
Moesson
o In zuiden India ligt tropen, overdag ruim 20*C.
o In temperatuur weinig verschillen bij seizoenen, wel in
neerslag.
Droge en natte tijd
Heeft te maken met halfjaarlijks richting wisselende
wind: moesson
o In regentijd (zomer noordelijk halfrond) erg warm in India
(40C).
Door hitte gaat lucht stijgen
Ontstaat luchttekort aan grond lagedrukgebied
Tekort wordt aangevuld met zeelucht (tropisch/vochtig)
Deze heet zuidwestmoesson
Boven land stijgt en koelt lucht vorming regenwolken
Zorgen voor stortbuien
Vooral westkust/Himalaya veel neerslag:
stuwingsregen want aanlandige wind botst
tegen bergen.
o In winter andersom, hogedrukgebied boven Azië, wind vanaf
land richting zee. Zorgt voor droogte. (Want droge lucht)
o Heeft in Klimaatsysteem Köppen aanduiding: Am
Regen geconcentreerd in zomerperiode