Wanneer je een verzekering afsluit neemt de verzekeraar (de
verzekeringsmaatschappij) het risico van schade van jou over. Dat noem je de
verzekerde. De verzekeraar vergoed jouw schade die je hebt gemaakt. Ook betaal je
een aantal kosten:
● Premie: (betaal je iedere periode)
● Poliskosten: (kosten voor het maken van de polis en het opsturen ervan,
eenmalig)
● Assurantiebelasting: (die is nu 21 procent)
● Verzekeringskosten: (premie, polis en assurantiebelasting)
In de polis staan ook een aantal dingen:
● Dekking: (tot welk bedrag en waarvoor je verzekerd bent)
● Polisvoorwaarden: (rechten en plichten van de verzekerde en verzekeraar)
Je schade wordt alleen vergoed waarvan je niet weet of die ooit zal plaatsvinden en
of wanneer. Dit heet onzeker voorval.
● Eigen risico: (je moet een deel van de schade zelf betalen en je betaalt
minder premie dan wanneer je een verzekering hebt zonder eigen risico)
● Wet aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren: (verzekering vergoed
de schade die je zonder opzet aan iemand anders toebrengt, vanaf 16 jaar
ben je zelf aansprakelijk)
Formule Verzekeringskosten = (premie + poliskosten) + assurantiebelasting
H4.2
Andere 2 verzekeringen zijn:
● Inboedelverzekering: (dekt de schade die je door bijvoorbeeld brand hebt aan
spullen in je huis, in de polisvoorwaarden van een inboedelverzekering staat
meestal dat ze verzekerd zijn tegen nieuwwaarde) Niet verplicht!
● Opstalverzekering: (verzekering tegen schade aan het huis door brand
bijvoorbeeld, herbouwwaarde is het bedrag dat nodig is om hetzelfde huis
opnieuw te bouwen) Verplicht voor iedereen die een koopwoning met een
hypotheek heeft!
Het gemeenschappelijke van deze twee verzekeringen is dat bij beide verzekeringen
de schade gedekt wordt. De verzekeringen hebben bij beide te maken met huizen en
schades.
Onderverzekerd: als je verzekerde waarde van je woonhuis of inboedel lager is dan
de werkelijke waarde ervan. Je betaalt meer premie.